9 maart 2010 • Dubbelster draait in slechts vijf minuten zijn rondjes
Astronomen van onder meer de Radboud Universiteit Nijmegen hebben ontdekt dat de twee sterren in de dubbelster HM Cancri in slechts 5,4 minuten om elkaar heen draaien. Daarmee is HM Cancri de dubbelster met veruit de kortst bekende baanperiode. Het is ook een van de allerkleinst mogelijke dubbelsterren, met een totale afmeting van niet meer dan 8 maal de diameter van de aarde. Het dubbelstersysteem HM Cancri bestaat uit twee witte dwergen, die zo dicht bij elkaar zitten dat er massa overstroomt van de ene naar de andere. Witte dwergen zijn de uitgebrande sintels van sterren zoals de zon en bestaan uit helium, of koolstof en zuurstof. HM Cancri werd in 1999 door ROSAT als zwakke röntgenbron ontdekt. In 2001 werd de 5,4 minuten-periode gevonden uit lichtvariaties in het röntgen en het optische licht. Of deze periode ook de baanperiode van de dubbelster was, is echter lang onduidelijk gebleven. Het zou zo kort zijn dat veel astronomen niet konden geloven dat dit klopte. Een internationaal team van astronomen, onder leiding van Gijs Roelofs van het Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics, heeft nu met behulp van de grootste telescoop ter wereld, de 10-m Keck telescoop op Hawaï, kunnen aantonen dat ook de baanperiode daadwerkelijk 5,4 minuten is. Dit is gedaan door de snelheidsvariaties in de spectraallijnen van HM Cancri te detecteren.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
8 maart 2010 • Historische schotelantenne krijgt opknapbeurt
De 70-meter 'Marsantenne' in Goldstone (Californië), die deel uitmaakt van NASA's Deep Space Network, ondergaat momenteel een grondige opknapbeurt. De historische schotelantenne vervult al meer dan veertig jaar een belangrijke rol in het opvangen van de zwakke signalen van ruimtesondes in ons zonnestelsel. Daarnaast heeft de antenne ook de eerste woorden ontvangen die astronaut Neil Armstrong uitsprak nadat hij in 1969 als eerste mens voet had gezet op de maan. Bij de werkzaamheden wordt een deel van het lagersysteem vervangen dat het gevaarte draaibaar maakt. Hiertoe moet een gewicht van ongeveer 4000 ton ongeveer een halve centimeter worden opgetild. Naar verwachting zal deze klus pas begin november geklaard zijn. Tot die tijd wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de twee andere 70-meter schotelantennes van het Deep Space Network, in Spanje en Australië, en kleinere antennes.
Meer informatie:
Historic Deep Space Network Antenna Starts Major Surgery
4 maart 2010 • 'Marsrivier' waarschijnlijk door lava gevormd
De lange, wijdvertakte Ascraeus-geul, die in het grootste vulkanische gebied op Mars meandert, is waarschijnlijk niet het gevolg van watererosie. Sommige onderzoekers meenden dat deze structuur kon zijn ontstaan in de tijd dat er nog veel vloeibaar water was op Mars. Maar nauwkeurige analyse van delen van de 'rivierbedding' die nog niet goed bestudeerd waren, lijkt er nu op te wijzen dat deze door stromende lava is uitgesleten. Omdat de vloeistof die het Ascraeus-geulenstelsel heeft gevormd allang verdwenen is, is het niet eenvoudig om te achterhalen wat zich hier precies heeft afgespeeld. Sommige kenmerken van het stelsel lijken sprekend op die van een drooggevallen rivier. Maar nu is ontdekt dat delen ervan 'overdekt' zijn, precies zoals dat bij lavabuizen het geval is. Deze en andere kenmerken wijzen er sterk op dat de erosie niet door water, maar door snel stromende lava is veroorzaakt.
Meer informatie:
Lava likely made river-like channel on Mars
4 maart 2010 • Scheervlucht langs Marsmaantje geslaagd
Op woensdag 3 maart naderde de Europese ruimtesonde Mars Express het slechts enkele tientallen kilometers grote Marsmaantje Phobos tot op 67 kilometer. Deze scheervlucht is aangegrepen om meer te weten te komen over het inwendige van dit object. Uit eerder onderzoek is gebleken dat Phobos geen massief brok gesteente kan zijn: hij is voor 25 tot 35 procent poreus. Dat doet vermoeden dat dit maantje een tamelijk losse samenklontering van puin is. Het wordt denkbaar geacht dat er vrij grote lege holten in zijn inwendige zitten. Of dat inderdaad zo is, zal moeten blijken uit analyse van de radiosignalen die Mars Express naar de aarde zond. In verband met dit onderzoek waren alle wetenschappelijke instrumenten van de ruimtesonde uitgezet. Er zijn bij deze dichte nadering van Phobos dus geen foto's gemaakt. Die schade wordt bij volgende dichte naderingen, later deze maand, ingehaald.
Meer informatie:
Phobos flyby success
Mars Express Blog
4 maart 2010 • Inslag is meest waarschijnlijke oorzaak massa-uitsterving
Het is zeer waarschijnlijk dat de inslag van een ongeveer 12 kilometer grote planetoïde de oorzaak is geweest van de massa-uitsterving die zich ruim 65 miljoen jaar geleden op aarde afspeelde. Dat is de conclusie van een panel van 41 wetenschappers na een uitvoerige inventarisatie van oude en nieuwe gegevens, die in het eerste maartnummer van Science is gepubliceerd. Dertig jaar geleden opperden wetenschappers, onder wie de Nederlander Jan Smit, dat de dinosauriërs en vele andere soorten op aarde 65 miljoen jaar geleden waren uitgestorven door de inslag van een groot object uit de ruimte. Dat idee baseerden zij op de ontdekking van een dunne afzettingslaag, verrijkt met het op aarde verder weinig voorkomende element iridium, die op veel plaatsen in gesteenten was aangetroffen. In 1991 werd voor de kust van het Mexicaanse schiereiland Yucatán ook een 200 kilometer grote inslagkrater van de juiste leeftijd aangetroffen. Hoewel veel wetenschappers de inslagtheorie inmiddels onderschrijven, is nog niet iedereen overtuigd. Dat er 65,5 miljoen jaar geleden een massa-uitsterving heeft plaatsgevonden, staat vast. Maar volgens sommige onderzoekers wijzen dateringen van glasachtig sediment rond de krater erop dat de inslag 300.000 jaar eerder heeft plaatsgevonden. Uit nadere beschouwing blijkt echter dat de sedimenten ter plaatse, die op het oog het resultaat zijn van een keurig, honderdduizenden jaren durend afzettingsproces, stevig zijn omgewoeld en in heel korte tijd als één dik pakket zijn afgezet. Daarmee lijkt het fundament onder de te-vroege-inslagtheorie te zijn weggeslagen.
Meer informatie:
Experts reaffirm asteroid impact caused mass extinction
Revisiting Chicxulub
Asteroid killed off the dinosaurs
Impact Effects: Chicxulub
4 maart 2010 • Aardmagnetisch veld is nog ouder dan gedacht
Het magnetische veld dat onze planeet tegen de energierijke zonnewind en zonnestraling beschermt, is volgens Amerikaanse wetenschappers waarschijnlijk al bijna 3,5 miljard jaar geleden ontstaan. Dat is 200 miljoen jaar eerder dan tot nog toe kon worden aangetoond (Science, 5 maart). De onderzoekers baseren deze conclusie op onderzoek van zeer oude stollingsgesteenten uit Zuid-Afrika. Deze gesteenten bevatten kwartskristalletjes met minuscule magnetische insluitsels die, als een soort kleine kompasjes, gegevens over het vroegere aardmagnetische veld hebben vastgelegd. Uit een zorgvuldige analyse van deze gegevens blijkt dat de aarde destijds was voorzien van een magnetisch veld dat ongeveer half zo sterk was als het huidige. Ondanks de geringere veldsterkte zou het magnetische veld krachtig genoeg zijn geweest om het opkomende leven op aarde tegen de ergste gevolgen van zonnewind en -straling te beschermen. Bovendien zou het magnetische veld het verlies van water(stof) uit de aardatmosfeer hebben geremd.
Meer informatie:
Oldest measurement of Earth's magnetic field reveals battle between sun and Earth for our atmosphere
4 maart 2010 • Sterrenstelsel kannibaliseerde zijn omgeving
Sterrenstelsels zijn normaal gesproken vrij 'sociaal': ze vormen groepen en gaan ook vaak in interactie met elkaar. Maar sommige sterrenstelsels lijken daar niet - of niet meer - aan mee te doen. Een recente opname van de Hubble-ruimtetelescoop zoomt in op zo'n eigenwijs stelsel. Op de foto zijn weliswaar tal van andere sterrenstelsels te zien, maar die bevinden zich ver op de voor- of achtergrond. Het eenzame sterrenstelsel, dat de aanduiding ESO 306-17 draagt, is een kolossaal, helder elliptisch stelsel op een afstand van 500 miljoen lichthaar. Zijn eenzaamheid heeft hij waarschijnlijk aan zichzelf te danken: in de loop van de miljarden jaren heeft hij alle kleinere stelsels die te dicht in zijn buurt kwamen opgeslokt. Het enige wat nu nog in de omgeving van ESO 306-17 resteert is een 'mist' van donkere materie en heet gas. De opname wordt nog onderzocht op de eventuele aanwezigheid van zogeheten ultracompacte dwergstelsels - de schamele restanten van de stelsels die het slachtoffer zijn geworden van deze grote elliptische 'reus'.
Meer informatie:
Bully galaxy rules the neighbourhood
4 maart 2010 • Reuzentelescoop komt waarschijnlijk in Chili
Een speciaal ingestelde adviescommissie van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) in Chili heeft haar keus voor de toekomstige locatie van de nieuwe Europese reuzentelescoop bekendgemaakt. Op de kandidatenlijst stonden een viertal locaties in Chili en één op het Canarische eiland La Palma. De keus is uiteindelijk gevallen op Cerro Armazones, een berg in het noorden van Chili, niet ver van de Cerro Paranal, waar de Very Large Telescope staat. Volgens de adviescommissie biedt Cerro Armazones het beste evenwicht tussen goede waarneemomstandigheden en het gemak van de faciliteiten van de Paranal-sterrenwacht. De ESO-raad, waarin sterrenkundigen en politici uit de aangesloten lidstaten (waaronder Nederland) zitting hebben, zal op basis van dit advies een formeel besluit moeten nemen. De 42-meter Extremely Large Telescope moet in 2017 in bedrijf zijn.
Meer informatie:
E-ELT Site Selection Advisory Committee Recommends Cerro Armazones in Chile
4 maart 2010 • Herschel vindt vingerafdrukken van bouwstenen van leven
De Europese ruimtetelescoop Herschel heeft in de Orionnevel de chemische vingerafdrukken gevonden van vele organische en anorganische moleculen. HIFI, het Nederlandse meetinstrument van Herschel, onthulde deze vingerafdrukken in de vorm van een zeer gedetailleerd spectrum van de Orionnevel, een van de dichtstbijzijnde kraamkamers van sterren en planeten in ons Melkwegstelsel. Het spectrum geeft een goede indruk van de schat aan nieuwe informatie die Herschel-HIFI gaat opleveren over hoe organische moleculen zich vormen in de ruimte. Het Orion-spectrum - een grafiek die weergeeft hoeveel licht er van iedere kleur is gemeten - maakt duidelijk dat HIFI uitstekend werkt sinds het ruimte-instrument weer operationeel is (vanaf januari 2010). Een opvallend kenmerk van het HIFI-spectrum van Orion is het rijke, dichte patroon van 'pieken'. Elke piek in het spectrum vertegenwoordigt licht met een hele specifieke kleur. Doordat ieder molecuul zijn eigen serie kleuren heeft, vertegenwoordigt iedere piek dan ook een specifiek molecuul. De Orionnevel staat bekend als een van de meest veelzijdige chemische fabrieken in de ruimte, en omdat we de chemische processen en de vorming van moleculen nog niet volledig begrijpen is de nevel een ideaal studieobject. Na eerste bestudering van het patroon van pieken hebben sterrenkundigen een aantal 'gewone' moleculen geïdentificeerd zoals water, koolmonoxide, formaldehyde, methanol, dimethylether, waterstofcyanide, zwaveldioxide, zwavelmonoxide en hun bijbehorende isotopen. Naar verwachting zullen ook nieuwe organische moleculen opduiken.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
4 maart 2010 • Kaart van de Melkweg verder uitgebreid
Een team van astronomen, onder leiding van de Groningse sterrenkundige Maarten Breddels, heeft de afstanden van twintigduizend nabijgelegen sterren in de Melkweg bepaald voor RAVE, het Radial Velocity Experiment. Deze stercatalogus is beschikbaar voor sterrenkundigen over de hele wereld om ons sterrenstelsel te doorgronden. Uiteindelijk zal de catalogus groeien tot een miljoen sterren. Bijna twaalf jaar geleden produceerde de Europese satelliet Hipparcos een catalogus met de geprojecteerde snelheden van de sterren op de hemelbol. Later, toen de snelheden van deze sterren in de gezichtslijn werden gemeten, kregen astronomen een compleet beeld van de nabije sterren en hun bewegingen. Het is relatief makkelijk de posities van sterren op de hemelbol te meten, maar het bepalen van de afstand van een ster tot de aarde stelt eisen aan de observatietijd en modelleertechnieken. Alleen wanneer de afstand bekend is, is het mogelijk te bepalen hoe snel de sterren echt bewegen. Dit maakt het bijvoorbeeld mogelijk te bepalen hoeveel massa de Melkweg bevat, of om sterstromen te ontdekken waarmee we de geschiedenis van ons sterrenstelsel beter leren begrijpen.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
3 maart 2010 • Centraal zwart gat verstoort stervorming in sterrenstelsel
Nieuwe waarnemingen met de Amerikaanse röntgensatelliet Chandra bevestigen het al bestaande vermoeden dat het zwarte gat in het centrum van een sterrenstelsel een belangrijke rol speelt bij de ontwikkeling van dat stelsel. Ook een niet extreem zwaar gat produceert al zo'n hevige 'wind' van energierijke deeltjes, dat het ontstaan van nieuwe sterren tot in de wijde omgeving wordt belemmerd. Dat de allerzwaarste centrale zwarte gaten een grote invloed uitoefenen op hun moederstelsel was al geruime tijd duidelijk. Deze kolossale monsters produceren vaak een intense bundel van supersnelle deeltjes, die tot ver buiten de grenzen van het eigenlijke sterrenstelsel reikt. Maar uit Chandra-waarnemingen van het sterrenstelsel NGC 1068 blijkt nu dat ook superzware zwarte gaten van 'gemiddelde' afmetingen al de nodige invloed hebben. Uit het centrum van NGC 1068 worden deeltjes weggeblazen met snelheden van anderhalf miljoen kilometer per uur. Deze wind komt voort uit heet gas dat zich rond het zwarte gat heeft verzameld. Een deel van dat gas zal uiteindelijk ook door het zwarte gat worden opgeslokt, maar een ander deel wordt de omgeving in geblazen. Bij NGC 1068 gaat het daarbij om enkele zonsmassa's materie per jaar, die duizenden lichtjaren ver het omringende stelsel binnendringt - voldoende om de stervorming tot op grote afstand te verstoren.
Meer informatie:
Winds Of Change: How Black Holes May Shape Galaxies
3 maart 2010 • Mars Reconnaissance Orbiter bereikt digitale mijlpaal
De Mars Reconnaissance Orbiter, die sinds maart 2006 om de planeet Mars cirkelt, heeft een bijzondere mijlpaal bereikt. In vier jaar tijd heeft de ruimtesonde 100 terabits (100.000 gigabits) aan gegevens naar de aarde gezonden. Dat staat gelijk aan 35 uur hoge kwaliteit videobeelden en is meer dan drie keer zo veel als alle andere ruimtemissies naar planeten in ons zonnestelsel bij elkaar. De Mars Reconnaissance Orbiter is uitgerust met een drie meter grote schotelantenne, die gegevens met een snelheid van 6 megabits per seconde naar de aarde kan zenden. Zijn wetenschappelijke instrumentarium bestaat uit drie camera's, een spectrometer, een radar en een radiometer voor atmosfeeronderzoek. Daarmee is nu ongeveer de helft van de planeet Mars nauwkeurig onderzocht.
Meer informatie:
NASA Mars Orbiter Speeds Past Data Milestone
3 maart 2010 • Oude ster bevestigt ontstaanstheorie Melkwegstelsel
Een pas ontdekte ster in een klein naburig sterrenstelsels heeft belangrijke aanwijzingen opgeleverd over de evolutie van ons Melkwegstelsel. De ster maakt deel uit van een dwergstelsel in het sterrenbeeld Sculptor (Beeldhouwer), op een afstand van 280.000 lichtjaar. Hij blijkt vrijwel dezelfde chemische samenstelling te hebben als de oudste sterren in het Melkwegstelsel (Nature, 4 maart). Dat versterkt het vermoeden dat ons stelsel is ontstaan door de geleidelijke samenklontering van dwergstelsels. Het buitenste omhulsel van ons Melkwegstelsel, de halo, bestaat uit sterren die - anders dan bijvoorbeeld onze zon - arm zijn aan elementen zwaarder dan helium. Omdat aangenomen werd dat deze sterren afkomstig zijn van recent opgeslokte dwergstelsels, werd verwacht dat in nog bestaande nabije dwergstelsels sterren met weinig zware elementen te vinden zouden zijn. Maar die sterren bleven spoorloos, waardoor enige twijfel ontstond over het samenklonteringsscenario. Die twijfel lijkt nu te zijn weggenomen: de vermeende verschillen in chemische samenstelling kunnen voor een belangrijk deel worden toegeschreven aan de gebruikte opsporingstechnieken. Hierdoor werden de sterren met de minste zware elementen juist over het hoofd gezien. De nu onderzochte ster in het Sculptor-stelsel bevat meer dan 4000 keer zo weinig elementen zwaarder dan helium dan onze zon. De verwachting is dat in de nabije toekomst, als grotere telescopen beschikbaar komen, meer van die 'metaalarme' sterren in nabije dwergstelsels kunnen worden opgespoord.
Meer informatie:
Ancient Star Supports Cannibal Theory Of Milky Way Growth
Old star is 'missing link' in galactic evolution
2 maart 2010 • Bron gamma-achtergrondstraling blijft een raadsel
Nieuw onderzoek van de alom aanwezige hemelgloed van gammastraling, afkomstig van bronnen buiten ons Melkwegstelsel, laat zien dat minder dan een derde van deze straling afkomstig is van de hoofdverdachten: de bundels van snelle deeltjes die door actieve sterrenstelsels worden uitgestoten. De gammastraling die vanuit alle richtingen op ons af komt, komt ook uit richtingen waar geen heldere hemelbronnen te zien zijn, zoals pulsars en gaswolken in ons Melkwegstelsel of heldere sterrenstelsels daarbuiten. Vermoed werd dat de gammagloed het gezamenlijke product was van ontelbare actieve sterrenstelsels die te ver weg staan om als afzonderlijke gammabronnen zichtbaar te zijn. Maar uit onderzoek met de gammasatelliet Fermi blijkt dat die verklaring niet kan kloppen. De vraag is nu waar die straling dan wél vandaan komt. Volgens de onderzoekers kunnen ook de vele stervormingsgebieden in jonge, normale sterrenstelsels een belangrijke bijdrage aan de gammastraling leveren. Maar er is ook nog een andere intrigerende mogelijkheid: de straling zou afkomstig kunnen zijn van de donkere materie, waarvan tot nog toe werd aangenomen dat deze geen waarneembare straling uitzendt. Verder onderzoek met de Fermi-satelliet kan hier mogelijk uitsluitsel over geven.
Meer informatie:
NASA's Fermi probes 'dragons' of the gamma-ray sky
2 maart 2010 • IJs op Mars wordt beschermd door puin
Uitgebreid radaronderzoek van het noordelijk halfrond van Mars heeft nog eens bevestigd dat er op veel plaatsen dikke ijspakketten onder het oppervlak liggen. Het onderzoek, uitgevoerd door de Mars Reconnaissance Orbiter, richtte zich op het heuvelachtige gebied Deuteronilus Mensae, ongeveer halverwege de evenaar en de noordpool van Mars. Daar blijken de ijsafzettingen zich over honderden kilometers uit te strekken. De ijsafzettingen, die plaatselijk een kilometer dik zijn, liggen met name langs steile rotswanden, waar ze door omlaag gevallen puin tegen verdamping worden beschermd. Volgens de onderzoekers is het waarschijnlijk dat het hele gebied ooit onder een dikke laag ijs heeft gelegen, en dat het ondergrondse ijs daar het restant van is.
Meer informatie:
Radar Map of Buried Martian Ice Adds to Climate Record
1 maart 2010 • Europese ruimtesonde nadert Marsmaantje tot op 67 kilometer
Op woensdag 3 maart scheert de Europese ruimtesonde Mars Express rakelings langs het grootste Marsmaantje Phobos. De kleinste afstand, die om 21.55 uur 's avonds wordt bereikt, bedraagt 67 kilometer - iets meer dan aanvankelijk de bedoeling was. De scheervlucht zal worden benut om meer te weten te komen over het inwendige van het maantje. Tijdens zijn dichte nadering wordt Mars Express een beetje uit koers gebracht door het zwaartekrachtsveld van Phobos. De afwijking zal minimaal zijn - enkele millimeters per seconde - maar niettemin voldoende om een goede indruk te krijgen van de verdeling van de materie in het maantje. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de draaggolf die de radiozender van Mars Express continu uitzendt. Kleine veranderingen in het radiosignaal zoals dat op aarde wordt ontvangen, zullen de geringe koersafwijkingen van de ruimtesonde verraden.
Meer informatie:
Mars Express heading for closest flyby of Phobos
Mars Express blog
1 maart 2010 • Leeftijd heelal afgeleid uit kosmische 'fata morgana'
Amerikaanse en Europese sterrenkundigen, onder wie Leon Koopmans van het Kapteyn Instituut in Groningen, hebben een nieuwe meting gedaan van de zogeheten Hubble-constante - een maat voor de leeftijd en grootte van het heelal. Bij deze meting is gebruik gemaakt van een gravitatielens: een sterrenstelsel dat met zijn zwaartekracht het licht van een verder weg gelegen stelsel afbuigt, waardoor vervormde afbeeldingen van dit stelsel ontstaan. In het geval van het object B1608+656 zijn vier vervormde afbeeldingen van één en hetzelfde achtergrondstelsel te zien. Omdat B1608+656 al tien jaar lang onderzocht wordt, is de materieverdeling in het voorgrondstelsel, dat als lens fungeert, goed bekend. Dat maakt het mogelijk om heel nauwkeurig te reconstrueren welke trajecten het licht van het achtergrondstelsel heeft gevolgd, en daarmee kan de werkelijke afstand van het achtergrondstelsel worden berekend. Uit die afstand volgt dan weer de grootte van de Hubble-constante. Uit de nieuwe meting blijkt dat het heelal 13,75 miljard jaar oud is. En dat is in goede overeenstemming met eerdere bepalingen, die gebaseerd zijn op waarnemingen van verre supernova-explosies en van de kosmische achtergrondstraling - het restant van de straling die kort na de oerknal vrijkwam.
Meer informatie:
Astronomically Large Lenses Measure the Age and Size of the Universe
Dark Matter Used to Measure Age of Universe
1 maart 2010 • IJs gevonden rond noordpool maan
Een Amerikaans radarinstrument aan boord van de Indiase maansonde Chandrayaan-1 heeft ijsafzettingen ontdekt rond de noordpool van de maan. In enkele tientallen betrekkelijk kleine kraters zijn de kenmerkende radarkenmerken van bevroren water waargenomen. De hoeveelheden variëren van krater tot krater, maar alles bij elkaar zou het gaan om 600 miljoen ton water. Ook eerder zijn al aanwijzingen gevonden voor de aanwezigheid van water op de maan. Zo is met een ander instrument van de Chandrayaan-1 vastgesteld dat er watermoleculen zitten in de bovenste paar millimeter van het maanoppervlak. En ook in diepe kraters rond de zuidpool van de maan zijn ijsafzettingen ontdekt.
Meer informatie:
NASA Radar Finds Ice Deposits at Moon's North Pole
1 maart 2010 • Aarde draait sneller door aardbeving in Chili
De zeer zware aardbeving die zich afgelopen weekend in Chili afspeelde, heeft kleine, maar meetbare gevolgen voor de draaiing van de aarde. Voorlopige berekeningen door wetenschappers van het Jet Propulsion Laboratory in Californië laten zien dat door het natuurgeweld de lengte van een dag op aarde met ongeveer 1,26 microseconde is afgenomen. (Een microseconde is een miljoenste van een seconde.) Ook de stand van de zogeheten figuuras van de aarde - de centrale lijn van de massaverdeling van onze planeet - is veranderd. Berekeningen laten zien dat de uiteinden daarvan 8 centimeter zijn opgeschoven. (De figuuras valt niet exact samen met de noord-zuidas, maar de afwijking is klein: slechts een meter of tien.) Hoewel de aardbeving in Chili veel minder hevig was dan die bij Sumatra in 2004, zijn de gevolgen ervan groter. Dat komt deels door de ligging van het epicentrum (verder van de evenaar) en deels door het feit dat de breuk waarlangs de aardplaat bij Chili is verschoven steiler is dan die bij Sumatra. Hierdoor is de verplaatsing van aardmassa in de verticale richting relatief groot.
Meer informatie:
Chilean Quake May Have Shortened Earth Days
28 februari 2010 • Geen schade bij Europese sterrenwachten in Chili
De zeer zware aardbeving die in de nacht van 26 op zaterdag 27 februari plaatsvond in Chili heeft geen grote gevolgen gehad voor de verschillende locaties van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht. Wel viel op de locatie La Silla de stroom uit, waardoor de waarnemingen moesten worden afgebroken. De berg Paranal, waar de Very Large Telescope staat, en de Chajnantor-hoogvlakte, waar de ALMA-radiotelescoop verrijst, ondervonden helemaal geen hinder. Voor wie de kaart van Chili een beetje kent, zal dit niet als een verrassing komen. La Silla ligt ruwweg duizend kilometer ten noorden van het epicentrum van de aardbeving, en Paranal en Chajnantor nog aanzienlijk noordelijker. De aardbeving in Chili was de op zes na zwaarste aardbeving die ooit is geregistreerd.
Meer informatie:
No Damage to ESO Observatories
25 februari 2010 • Kometen zijn minder maagdelijk dan gedacht
Kometen worden tot de oudste, meest maagdelijke hemellichamen in het zonnestelsel gerekend. Maar onderzoek van komeet Wild 2 wijst erop dat deze komeet is 'vervuild' met materiaal dat dichter bij de zon is ontstaan dan het verwachte oermateriaal van een komeet. Dat blijkt uit analyse van de deeltjes van komeet Wild 2, die in 2006 op aarde zijn afgeleverd door de Amerikaanse ruimtesonde Stardust (Science Express, 25 januari). De Stardust-missie was bedoeld om inzicht te krijgen in de oorspronkelijke samenstelling van de ijskoude materie waaruit de planeten zijn ontstaan. De verzamelde deeltjes van komeet Wild 2 bevatten echter insluitsels die rijk zijn aan calcium en aluminium, en die kunnen alleen bij hoge temperaturen - dus dichter bij de zon - zijn gevormd. De aanwezigheid van deze insluitsels, die ruim anderhalf miljoen jaar jonger zijn dan de rest van het komeetmateriaal, wijst erop dat er al heel vroeg materie uit de omgeving van de zon tot ver in het zonnestelsel is doorgedrongen.
Meer informatie:
First measurement of the age of cometary material
25 februari 2010 • Nieuwe neutrinodetector doet eerste detectie
Het internationale T2K-project, dat ontworpen is om zogeheten neutrino's te detecteren, heeft voor het eerst een neutrino waargenomen dat ondergronds de 295 kilometer tussen het dorp Tokai en de Super-Kamiokande-detector heeft overbrugd. Neutrino's zijn uiterst lichte, ongeladen deeltjes die in drie soorten voorkomen. Het heelal wemelt ervan, maar doordat ze nauwelijks door normale materie worden beïnvloed, zijn neutrino's uiterst moeilijk detecteerbaar. Lange tijd werd gedacht dat neutrino's onveranderlijke deeltjes waren, maar sinds 2001 staat vast dat de ene soort spontaan in de andere kan veranderen. T2K is speciaal opgezet om deze 'neutrino-oscillaties' te onderzoeken. Ook willen de onderzoekers vaststellen of neutrino's anders oscilleren dan hun antideeltjes, de antineutrino's. Dat laatste zou een van de belangrijkste kwesties in de natuurkunde kunnen helpen oplossen: de vraag waarom er in het heelal veel meer materie aanwezig is dan antimaterie.
Meer informatie:
First T2K neutrino event observed at Super-Kamiokande
24 februari 2010 • Sterrenkundigen gaan draaigedrag van planetoïden onderzoeken
Britse en Amerikaanse sterrenkundigen gaan de komende vier jaar een uitgebreid onderzoek doen van het draaigedrag van planetoïden. Daarvoor zijn maar liefst 82 nachten waarnemingstijd toegekend door de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) in Chili. Het onderzoek richt zich op het zogeheten Yarkovsky-O'Keefe-Radzievskii-Paddack-effect, kortweg YORP-effect. Dat effect ontstaat doordat planetoïden lichtdeeltjes van de zon opvangen en weer uitstralen als warmte. Bij dat proces treden twee krachten tegelijk op: de ene ten gevolge van de 'inslaande' lichtdeeltjes, die een kleine duwkracht uitoefenen, de andere ten gevolge van de uitgezonden warmte, die in een soort terugslag resulteert. Hoewel de beide krachten bijna onmeetbaar klein zijn, vermoeden sterrenkundigen dat het YORP-effect sterk genoeg is om kleine, onregelmatig gevormde planetoïden aan het tollen te brengen. Zodanig hard zelfs, dat ze van vorm veranderen of uit elkaar vallen. In dat laatste geval kunnen twee om elkaar draaiende planetoïden ontstaan. Ook is het effect van invloed op de baanbeweging van planetoïden. Tot nu toe is het YORP-effect slechts bij een drietal planetoïden waargenomen. Het is de bedoeling dat de nieuwe onderzoekscampagne dat aantal flink doet oplopen.
Meer informatie:
Asteroid astronomers awarded unprecedented amount of telescope time
24 februari 2010 • Exoplaneet is uitgerekt tot 'rugbybal'
Een internationaal team van sterrenkundigen heeft vastgesteld dat een zware planeet die om een 600 lichtjaar verre ster draait, op het punt staat om door zijn moederster vernietigd te worden. Deze ontdekking kan de onverwacht grote omvang van de planeet, WASP-12b, helpen verklaren (Nature, 25 februari). WASP-12b werd in 2008 ontdekt en ontpopte zich gelijk al als een bijzonder geval. Het betreft een gasreus - een naaste verwant van Jupiter en Saturnus - die op een afstand van minder dan twee miljoen kilometer om zijn moederster draait. Door de geringe afstand tot de ster is de temperatuur aan de dagzijde van de planeet extreem hoog: 2500 °C. Het meest opvallende is echter dat de planeet een volume heeft waar zes Jupiters in passen, terwijl zijn massa slechts anderhalf maal zo groot is als die van Jupiter. De verklaring voor de grote omvang van WASP-12b wordt nu gezocht bij de sterke getijkrachten die de planeet van zijn moederster ondervindt. Op aarde leiden de getijkrachten tussen aarde en maan tot het op- en neergaan van de zeespiegel. Bij WASP-12b gebeurt iets soortgelijks, maar dan veel extremer: de getijkrachten hebben de grotendeels gasvormige planeet uitgerekt tot een kolossale rugbybal. Dezelfde getijkrachten veroorzaken ook wrijving en stijging van temperatuur in het inwendige, waardoor de planeet als geheel opzwelt. Volgens de onderzoekers kan dit niet lang zo doorgaan. WASP-12b is zo sterk opgezwollen, dat hij zijn eigen materie niet meer bij elkaar kan houden: hij draagt per seconde ongeveer zes miljard ton gas over aan de ster. In dit tempo zal hij binnen tien miljoen jaar geheel opgeslokt zijn.
Meer informatie:
Scientists Determine Massive Planet is Being Torn Apart by Its Own Tides
24 februari 2010 • ESO fotografeert 'kosmisch kunstwerk'
De Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) heeft een opname vrijgegeven van NGC 346, het helderste stervormingsgebied in de Kleine Magelhaense Wolk, een begeleider van het Melkwegstelsel op 210.000 lichtjaar afstand in het sterrenbeeld Tucana (Toekan). Het licht en de wind en hitte die de zware sterren uitstralen hebben het gloeiende gas verspreid, zodat er een nevelachtige structuur is ontstaan die eruitziet als een spinnenweb. NGC 346 is, net zoals andere mooie hemelgebieden, een werk in uitvoering dat in de loop der miljoenen jaren steeds verandert. Ook nieuwe sterren die zich hier vormen zullen ontvlammen, gas en stof verlichten en de aanblik van dit schitterende gebied veranderen.
Meer informatie:
Schitterende opname van een kosmisch kunstwerk
Beautiful Image of a Cosmic Sculpture


