In deze rubriek is alles opgenomen wat niet goed in een van de andere rubrieken past: (geo)fysische onderwerpen, diverse (bemande) ruimtevaartzaken, personalia en al het andere waar ik zo gauw geen raad mee wist. :o)=
8 mei 2013
Tijdens de Nederlandse Astronomenconferentie, die van 15 tot 17 mei in het Belgische Lommel wordt gehouden, zal dr. Rychard J. Bouwens van de Sterrewacht van de Universiteit Leiden de Pastoor Schmeitsprijs ontvangen. Deze prijs wordt eens in de drie jaar toegekend aan een jonge astronoom met de Nederlandse nationaliteit, of die duurzaam in Nederland verblijft, die in de voorafgaande drie jaar een wetenschappelijke bijdrage van uitzonderlijk belang heeft geleverd. Rychard Bouwens is universitair docent aan de Sterrewacht van de Universiteit Leiden. Hij is geboren in de VS, waar hij in 1999 promoveerde aan de Universiteit van California te Berkeley. In 2010 kwam hij naar Leiden. Zijn werk richt zich op de evolutie van verre melkwegstelsels. Vooral zijn recente onderzoek met onder meer de Hubble-ruimtetelescoop, dat zich concentreerde op het vinden en bestuderen van de verste (en derhalve jongste) stelsels in het heelal, heeft grote aandacht gekregen.De Schmeitsprijs is vernoemd naar de in 1851 in Sittard geboren Maria Paschalis Schmeits, vele jaren kapelaan van de Sint Servaas in Maastricht en daarna pastoor in Venray. Bij zijn overlijden in 1919 liet Schmeits, die ook zelf sterrenkundige waarnemingen deed, 2000 gulden na voor, zoals hij schreef, ‘het bevorderen van de studie der sterrenkunde’. Aan de Pastoor Schmeitsprijs is een geldbedrag van 1500 euro verbonden. (EE)
→ Pastoor Schmeitsprijs voor de Sterrenkunde toegekend aan Dr. Rychard Bouwens
2 mei 2013
Het bestuur van Stichting ‘De Koepel’ heeft besloten om de Willem de Graaffprijs 2013 toe te kennen aan prof. dr. Peter Barthel. Deze prijs, die eenmaal in de drie jaar wordt uitgereikt, is primair bedoeld voor iemand die beroepsmatig werkzaam is in de sterrenkunde en/of het ruimteonderzoek en die daarnaast in bijzondere mate bijdraagt aan de popularisering van deze wetenschapsterreinen. Peter Barthel is sinds 2004 hoogleraar astrofysica aan de Rijksuniversiteit Groningen. Actieve melkwegstelsels, zoals quasars, hebben zijn bijzondere interesse en samen met tientallen studenten, promovendi en postdocs voerde hij tal van onderzoeksprojecten uit in dit vakgebied. Ook is hij een van de drie Europese Mission Scientists voor de Herschel-ruimtelescoop van ESA. Naast zijn wetenschappelijk werk is Barthel actief betrokken bij de popularisatie van de wetenschap. Met een enthousiaste en veelzijdige aanpak bereikt hij een groot publiek, waaronder grote aantallen scholieren. Barthel heeft onder meer weblessen voor scholen op gezet, die sterrenkunde in de kinderwereld brengen. Verder is hij rector van de Scholierenacademie en geeft hij geregeld colleges voor de Kinderuniversiteit.De prijs wordt op woensdagmiddag 15 mei a.s. uitgereikt tijdens de Nederlandse Astronomen Conferentie in Lommel, België. (EE)
→ Willem de Graaffprijs voor Peter Barthel
1 mei 2013
Het Amerikaanse ruimteagentschap NASA nodigt iedereen uit om zijn naam en een persoonlijke boodschap online te zetten. Alle namen worden op dvd gezet en meegestuurd met de nieuwe Marssonde MAVEN, die de atmosfeer van onze rode buurplaneet gaat onderzoeken. Van de persoonlijke boodschappen, die geschreven moeten worden in de vorm van een haiku, gaan er maar drie mee. Vanaf 15 juli kan er op de inzendingen worden gestemd. MAVEN is de eerste ruimtesonde die tot taak heeft om de hogere delen van de atmosfeer van Mars te onderzoeken. Daarbij moet onder meer de vraag worden beantwoord hoe de planeet in de loop van zijn geschiedenis het grootste deel van zijn atmosfeer is kwijtgeraakt. De lancering van MAVEN staat gepland voor november van dit jaar. (EE)
→ NASA Invites Public to Send Names And Messages to Mars
1 mei 2013
Enkele weken geleden baarde het Amerikaanse bedrijf Uwingu (Swahili voor 'sterrenhemel') opzien door het grote publiek op te roepen namen te verzinnen voor de nabije exoplaneet Alfa Centauri Bb en andere exoplaneten. Die campagne wordt uitgebreid: vandaag kondigde Uwingu, dat onder leiding staat van de Amerikaanse astronoom Alan Stern, de start aan van 'Adopt-a-Planet'. De vernieuwde campagne heeft nog steeds als doel om het grote publiek namen te laten verzinnen voor de honderden exoplaneten die astronomen de afgelopen jaren hebben ontdekt. Tegen betaling welteverstaan, want het voordragen van een naam kost $4,99 en het stemmen op de naamsuggestie van iemand anders $0,99. De opbrengst zal worden gebruikt om nieuwe astronomische onderzoeks- en onderwijsprojecten te financieren. Elke voorgedragen naam die 1000 stemmen haalt, geeft de naamgever het recht om een exoplaneet naar keuze te 'adopteren'. Daarnaast krijgt hij of zij een certificaat en een 'tegoed' van $100 dat kan worden gebruikt om nog meer namen voor te stellen of om op andermans naamsuggesties te stemmen. De eerste tien namen die de adoptiestatus bereiken, leveren nog een extra bonus van $500 op. Tot nu toe zijn meer dan 1200 naamsuggesties ingediend. Volgens Stern is het gebruikte model – in feite een soort 'crowdfunding' – een goed middel om het ruimteonderzoek onder de aandacht te brengen van het grote publiek. De Internationale Astronomische Unie, die verantwoordelijk is voor het toekennen van officiële namen aan hemellichamen, is minder enthousiast over het initiatief. (EE)
→ Uwingu Launches World’s First ‘Adopt-a-Planet’ Campaign
30 april 2013
Voor het eerst hebben natuurkundigen metingen verricht aan de wijze waarop antimaterie wordt beïnvloed door de zwaartekracht. Antimaterie is materie die uit antideeltjes bestaat - de tegenhangers van 'gewone' deeltjes, met o.a. een tegenovergestelde elektrische lading. Antimaterie komt in de natuur vrijwel niet voor (zodra antimaterie in contact komt met gewone materie treedt 'annihilatie' op, waarbij alle massa wordt omgezet in energie), maar kan wel geproduceerd en bestudeerd worden in deeltjesversnellers zoals bij het CERN-instituut in Genève. Natuurkundigen van de Universiteit van Californië in Berkeley en van het ALPHA-experiment bij CERN hebben nu voor het eerst 'antiwaterstof' in vrije val bestudeerd. Antiwaterstofatomen bestaan niet uit een positief geladen proton met daaromheen een negatief geladen elektron, maar uit een negatief anti-proton, vergezeld door een positief geladen positron (het antideeltje van het elektron). Normaal gesproken gaan natuurkundigen er vanuit dat antideeltjes dezelfde massa hebben als gewone deeltjes, en dus op dezelfde manier op de zwaartekracht reageren. Dat is echter nooit met zekerheid aangetoond. Zover is het ook nu nog niet: de nieuwe metingen, gepubliceerd in Nature Communications, zijn nog zeer 'onnauwkeurig', met een relatief enorm grote foutmarge. Wel kan op basis van de metingen geconcludeerd worden dat antiwaterstof in elk geval niet meer dan 110 keer zo zwaar is als gewoon waterstof. Er kan ook nog niet worden uitgesloten dat antimaterie een 'negatieve massa' heeft, maar als antideeltjes inderdaad omhoog vallen, gebeurt dat in elk geval met een versnelling van minder dan 65 maal de gewone valversnelling.De onderzoekers verwachten de metingen in de komende jaren veel preciezer uit te kunnen voeren. (GS)
→ Is antimatter anti-gravity? (origineel persbericht)
15 april 2013
Het Amerikaanse bedrijf Uwingu (Swahili voor 'sterrenhemel') neemt in een persbericht actief stelling tegen een persbericht van de Internationale Astronomische Unie (IAU), waarin de oproep van Uwingu om namen voor exoplaneten voor te stellen wordt afgedaan als 'niet officieel'.Uwingu, gevormd door een groot aantal vooraanstaande experts op het gebied van ruimteonderzoek, exoplaneetonderzoek en sterrenkundecommunicatie, roept het grote publiek om om namen voor exoplaneten voor te dragen; in h et bijzonder voor de vrij recent ontdekte planeet Alfa Centauri Bb, de exoplaneet die zich het dichtst bij ons eigen zonnestelsel bevindt. Het voordragen van een naam kost $ 4,99; het uitbrengen van een stem $ 0,99. Het geld wordt gebruikt om educatieve projecten op het gebied van sterrenkunde en ruimteonderzoek te subsidiëren.In een persbericht van 12 april stelt de Internationale Astronomische Unie dat niemand het recht kan kopen om een planeet een naam te geven - alleen de IAU zelf zou daarover gaan. De IAU noemt de actie van Uwingu 'misleidend'. Uwingu stelt nu in een reactie dat er tal van populaire sterrenkundige namen in omloop zijn die door geen enkele organisatie 'officieel' worden erkend, zoals bijvoorbeeld de namen van nevels en sterrenstelsels, of namen van geologische formaties op de maan en Mars.De deadline voor het voorstellen van populaire namen voor Alfa Centauri Bb is met een week verlengd, tot 22 april. (GS)
→ Oproep Uwingu voor het voordragen van namen voor exoplaneten
26 februari 2013
Kunstmanen in een baan om de aarde kunnen onklaar raken door microscopisch kleine ruimtestofjes. Dat concludeert onderzoekster Sigrid Close van de Stanford-universiteit op basis van laboratoriumexperimenten. Wanneer zo'n stofdeeltje met hoge snelheid in botsing komt met een satelliet, verdampt het volledig en ontstaat er een piepklein plasmawolkje van positief en negatief geladen elektrische deeltjes. Zulke plasmawolkjes kunnen kortstondig radiostraling uitzenden die de gevoelige satellietelektronica kan verstoren of zelfs lamleggen. Close denkt dat het plotseling uitvallen van de Europese Olympus-communicatiekunstmaan, in 1993, bijvoorbeeld op die manier te verklaren is. Olympus viel uit tijdens het hoogtepunt van een meteorenzwerm, maar sensoren aan boord van de satelliet registreerden geen inslagen van meteoordeeltjes. De piepkleine ruimtestofjes die ook deel uitmaken van zo'n zwerm hebben geen invloed op de oriëntatie of de beweging van de satelliet, maar zouden dus wel tot het uitvallen hebben kunnen leiden. (GS)
→ Stanford scientist closes in on a mystery that impedes space exploration (origineel persbericht)
26 februari 2013
Een Frans/Nederlands team van astronomen, onder wie Stéphanie Cazaux uit Groningen, heeft met laboratoriumproeven aangetoond dat moleculen op microscopisch kleine stofdeeltjes in de ruimte, direct in de gasfase kunnen komen. Dit resultaat kan belangrijke gevolgen hebben voor theorieën over de chemische samenstelling van het heelal en de manier waarop sterren worden gevormd. Het resultaat is vandaag online gepubliceerd op Nature Scientific Reports. Al in de jaren '60 van de vorige eeuw was duidelijk dat in gebieden waar sterren en planeten worden geboren, stofdeeltjes belangrijk zijn voor de productie van de meest simpele tot zeer complexe moleculen die in het heelal voorkomen. Maar het precieze mechanisme waardoor moleculen die op het oppervlak van de stofkorreltjes zijn gemaakt, onmiddellijk tot gas transformeren en weer de ruimte ingaan, was onbekend.Om te onderzoeken hoe de moleculen op stofkorreltjes in de gasfase komen, hebben de astronomen in het lab de vorming van water op silicaten bestudeerd. Deze soort mineralen is gekozen omdat hiermee de stofkorreltjes in de ruimte zo goed mogelijk worden nagebootst. Eerst werd moleculair zuurstof (O2) op het oppervlak gebracht, dat was afgekoeld tot een zeer lage temperatuur van 10 kelvin (-263 graden Celsius). Vervolgens werden waterstofatomen op hetzelfde oppervlak aangebracht, die daarna werden bedekt met O2. Uit metingen met een massaspectrometer bleek dat 90% van de zojuist gevormde moleculen, direct het oppervlak weer verlieten en gas vormden. Dit proces heet chemische desorptie. Over desorptie is veel gespeculeerd, en het mechanisme is nu voor het eerst in het lab aangetoond. Het proces van desorptie is wel eerder in astrochemische modellen van stervorming meegenomen, maar met geschatte waarden. De ontdekking zal daarom gevolgen hebben voor stervormingstheorieën. De hoeveelheid gasmoleculen in een wolk die ineenstort onder zijn eigen gewicht om een ster te vormen, is namelijk bepalend voor de snelheid waarmee de stervorming plaatsvindt, het aantal sterren en hun uiteindelijke massa. “Onze experimenten laten zien dat de microscopisch kleine stofdeeltjes in het heelal een directe impact hebben op de chemie van astrofysische objecten”, zegt Cazaux. “Dit heeft grote consequenties voor de interpretatie en analyse van veel objecten in het heelal, maar ook voor ons begrip van stervorming.”De experimenten zijn uitgevoerd op het LERMA-lab van de Universiteit van Cergy-Pontoise in Parijs. (GS)
→ Oorspronkelijk persbericht
4 februari 2013
Na een vluchtduur van 55 dagen, 1 uur en 34 minuten is er op 1 februari een eind gekomen aan de ballonvlucht van Super-TIGER (Trans-Iron Galactic Element Recorder). Deze telescoop voor onderzoek aan kosmische straling werd op 8 december 'gelanceerd' met behulp van een gigantische heliumballon, vanaf NASA's Long Duration Balloon Facility in Antarctica. Nooit eerder is zo'n lange ballonvlucht uitgevoerd met een wetenschappelijk instrument.Super-TIGER heeft tijdens de bijna acht weken durende vlucht ongeveer vijftig miljoen kosmische-stralingsdeeltjes waargenomen - energierijke elektrisch geladen deeltjes die uit het heelal afkomstig zijn en waarvan de herkomst nog steeds niet met zekerheid bekend is. De analyse van alle waarnemingen zal naar schatting zeker twee jaar in beslag nemen.Inmiddels zijn in Antarctica ook de eerste BARREL-ballonnen opgelaten. BARREL (Balloon Array for Radiation belt Relativistic Electron Losses) is een project van Amerikaanse natuurkundigen die willen onderzoeken waarheen snel bewegende elektronen uit de stralingsgordels van de aarde verdwijnen: naar 'boven', de ruimte in, of naar 'beneden', de aardse dampkring in. Het BARREL-project, waarvoor in totaal twintig ballonnen worden opgelaten, werkt nauw samen met de twee Amerikaanse Van Allen-ruimtesondes. (GS)
→ NASA's Super-Tiger Balloon Breaks Records While Collecting Data (origineel persbericht Super-TIGER)
24 januari 2013
Niet alleen mensen houden zich met sterrenkunde bezig: ook Afrikaanse mestkevers bestuderen de hemel. Dat schrijven wetenschappers in het tijdschrift Current Biology. Tijdens donkere nachten laten de insecten zich leiden door de zachte gloed van de Melkweg.Het is voor het eerst dat er duidelijke aanwijzingen zijn gevonden dat insecten op de sterren navigeren. Eerder was dat ook al bij 'hogere' soorten zoals vogels vastgesteld. Maar voor zover bekend zijn er geen andere dieren die op de Melkweg navigeren.Dat mestkevers over een astronomisch navigatiemiddel beschikken, volgt uit het feit dat ze alleen tijdens heldere nachten het rechte pad weten te houden: tijdens volledig bewolkte nachten lukt ze dat niet. Uit experimenten in een projectieplanetarium is nu gebleken dat het de kevers niet uitmaakt of ze de volledige sterrenhemel zien of alleen de zwakke gloed van de Melkweg.Volgens de onderzoekers ligt dat ook wel een beetje voor de hand, omdat het gezichtsvermogen van mestkevers te slecht is om veel afzonderlijke sterren te kunnen zien. Met de toch al vage Melkweg hebben ze blijkbaar minder moeite. Overigens navigeren de mestkevers ook op de zon, de maan en (bij bewolkte hemel) de polarisatierichting van zon- en maanlicht. (EE)
→ Dung beetles follow the milky way
22 januari 2013
De Amerikaanse onderzoeksballon Super-TIGER cirkelt al 45 dagen op grote hoogte rond de Zuidpool. Daarmee heeft hij het duurrecord voor wetenschappelijke ballonvluchten, dat op 42 dagen stond, ruimschoots verbroken. Super-TIGER, die een detector voor kosmische straling aan boord heeft, steeg op 9 december vorig jaar op van het Ross IJsplateau. Sindsdien heeft hij op een hoogte van ongeveer veertig kilometer ruim twee rondjes rond de Zuidpool gemaakt. Dat gebeurt, dankzij de luchtstromingen ter plaatse, vanzelf. Naar verwachting zal de ballon nog ruim een week in de lucht blijven en begin februari in de buurt van de McMurdo-basis op Antarctica landen.Vanaf Antarctica worden wel vaker wetenschappelijke ballonvluchten 'gelanceerd'. Dat is een relatief goedkoop alternatief voor onderzoek dat normaal gesproken door kostbare satellieten wordt gedaan. (EE)
→ Super-TIGER shatters scientific balloon record in Antarctica
15 januari 2013
Kernfysici hebben precisiemetingen verricht aan de reacties waarbij radioactieve fluor-atomen vervallen en neon-atomen worden geproduceerd. Zulke reacties vinden plaats in nova-explosies - helderheidsuitbarstingen van witte dwergsterren die materie opzuigen van een begeleider. Nova's worden normaal gesproken bestudeerd op zichtbare golflengten, maar zichtbaar licht wordt pas geruime tijd na de eigenlijke explosie uitgestraald. Astronomen zouden daarom liever waarnemingen verrichten in het energierijke gamma-golflengtegebied. Probleem daarbij is dat zulke waarnemingen pas goed uit te voeren en te analyseren zijn wanneer de kernreacties die tijdens de nova-explosie plaatsvinden goed worden begrepen. Het nieuwe onderzoek, uitgevoerd door natuurkundigen van de Universiteit van York en gepubliceerd in Physical Review Letters, geeft nu veel nauwkeuriger informatie over de snelheid waarmee de fluor-reactie zich voltrekt en de hoeveelheid geproduceerd neon. (GS)
→ Neon Lights Up Exploding Stars (origineel persbericht)
18 december 2012
De theorie die verklaart waarom de extreem snelle draaiing van pulsars af en toe versnelt moet misschien aangepast worden. Dat stellen wetenschappers van de Universiteit van Southampton aan de hand van een computermodel.Pulsars zijn zogenoemde neutronensterren die kunnen ontstaan nadat een zware ster is opgebrand en haar kern instort tot een extreem compacte en hete ster. Aan haar polen schijnen twee sterke bundels van elektromagnetische straling het heelal in. Sommige van deze draaiende neutronensterren nemen we op aarde waar als een pulserende radiobron, zoals een schip op zee een vuurtoren ziet. Af en toe zien astronomen echter dat de tempo van pulsars kortstondig versnelt. Een 40 jaar oude theorie verklaart dat met snel roterende supervloeibare materie binnenin de pulsar. Die materie zou in staat zijn haar draaiingsenergie over te brengen aan de buitenkant van de pulsar.De wetenschappers toonden echter met hun model aan dat de versnellingen te groot zijn om verklaard te worden door materie binnenin de ster. Er is simpelweg te weinig materie, aldus de wetenschappers. Astronomen moeten dus op zoek naar een alternatieve theorie om de oplevingen van pulsars te kunnen verklaren. (Roel van der Heijden)
18 december 2012
In samenwerking met Uitgeverij Moon, heeft de Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) een Nederlandstalige iPad-game voor kinderen uitgebracht: Planetenreis. De educatieve game voert kinderen mee op een spannende ontdekkingsreis langs de planeten van ons zonnestelsel.De speler reist via een schaalmodel van ons zonnestelsel van planeet naar planeet om er objecten te verzamelen. De objecten zijn nodig om opdrachten te kunnen uitvoeren op de acht steen- en gasplaneten, de maan én dwergplaneet Pluto. Spelenderwijs leert het kind over de eigenschappen van de planeten en de afstanden in het zonnestelsel. Einddoel van de missie: breng ijs van Pluto naar de aarde!De game is gebaseerd op de NOVA-digibordles Zon & Planeten en op de kinderboeken over het zonnestelsel van sterrenkundejournalist Govert Schilling. De game biedt niet alleen een spannende reis door het heelal, maar ook een encyclopedie met daarin interessante weetjes over onze planeten. Het spel is geschikt voor kinderen vanaf zes jaar. (EE)
→ iPad-app Planetenreis: spannende reis door het zonnestelsel
12 december 2012
Duitse en Amerikaanse wetenschappers hebben met behulp van een krachtige röntgenlaser de extreem hete materie onderzocht zoals die onder meer voorkomt in sterren en in de naaste omgeving van zwarte gaten. De resultaten laten zien waarom meetgegevens van röntgensatellieten soms zo duidelijk afwijken van de theoretische voorspellingen (Nature, 13 december).Bij het onderzoek van objecten die röntgenstraling produceren maken astronomen veelal gebruik van een combinatie van computersimulaties en gegevens van röntgensatellieten zoals Chandra en XMM-Newton. Vaak sluiten theorie en praktijk goed bij elkaar aan, maar bij Fe16+ – ijzerionen die tien of minder elektronen bevatten in plaats van de gebruikelijke 26 – gaat het mis.Fe16+ is een van de belangrijkste bronnen van kosmische röntgenstraling. Satellietmetingen van de intensiteit van deze straling vallen echter meer dan dertig procent lager uit dan de geijkte theorieën voorspellen. Veel astronomen dachten dat dit aan hun modellen lag: deze zouden geen goede voorstelling geven van botsingen tussen de ijzerionen en de energierijke elektronen in hun omgeving.Uit het nieuwe onderzoek, waarbij met een röntgenlaser Fe16+ is geproduceerd, blijkt nu dat er weinig mis is met de astrofysische modellen. Het probleem ligt waarschijnlijk bij de structuur van de ijzerionen zelf. Om de discrepantie tussen theorie en praktijk op te heffen, zullen dus niet de astronomen maar atoomfysici aan de slag moeten. (EE)
→ X-ray laser takes aim at cosmic mystery
11 december 2012
Het is Italiaanse astronomen gelukt om tijdens de Venusovergang van 6 juni een (voorspelde) kleine verstoring van het spectrum van de zon te meten. Dit zogeheten Rossiter-McLaughlin-effect treedt op wanneer een stukje van het oppervlak van een roterende ster – in dit geval de zon – achter een ander hemellichaam – in dit geval de planeet Venus – verdwijnt.De astronomen hebben het effect waargenomen met een nauwkeurige spectrograaf van de ESO-sterrenwacht in Chili, die doorgaans wordt gebruikt voor het opsporen van planeten bij andere sterren. Omdat het zonlicht veel te fel is om met dit instrument te kunnen worden waargenomen, is op 6 juni niet naar de zon zelf gekeken, maar naar het zonlicht zoals dat door de maan wordt weerkaatst.De waarnemingen laten zien dat tijdens de gedeeltelijke verduistering van de zonneschijf minuscule veranderingen optraden in het zonnespectrum. Door de draaiing van de zon beweegt altijd de ene helft van de zonneschijf onze kant op, terwijl de andere helft zich van ons verwijdert. Dit resulteert in de verbreding van de lijnen die in het spectrum van de zon te zien zijn. Toen Venus op 6 juni voor de zon langs schoof, werd steeds een ander stukje zonsoppervlak bedekt. Vooraf was voorspeld dat de gevolgen hiervan voor het 'snelheidsprofiel' van lijnen in het zonnespectrum meetbaar zou moeten zijn met de ESO-spectrograaf HARPS – de nauwkeurigste in zijn soort. En die voorspelling is uitgekomen.Astronomen verwachten dat dezelfde waarneemtechniek in de nabije toekomst ook zal kunnen worden toegepast op andere sterren. Dat zou het mogelijk maken om de eigenschappen van de omloopbanen van om deze sterren draaiende planeten te bestuderen. (EE)
→ An elusive effect measured during the last Venus transit
10 december 2012
De Britse astronoom, schrijver en tv-presentator Sir Patrick Moore is overleden. Naast wetenschappers was Moore 50 jaar actief op de televisie en schreef 60 boeken over de sterrenkunde. Hij overleed thuis en werd 89 jaar.Moore begon in 1957 met het presenteren van het populaire tv-programma The Sky at Night, en hield dat 50 jaar vol. De show loopt overigens nog steeds. Daarnaast was ook zijn werk als wetenschapper aanzienlijk. Hij maakte onder andere de eerste gedetailleerde kaart van het maanoppervlak.Hij werd geroemd om zijn ruimhartigheid, kennis van het heelal en zijn gave dit over te brengen aan het grote publiek. (Roel van der Heijden)
5 december 2012
Wetenschappers uit Finland en Hawaï hebben, met behulp van computersimulaties, uitgedokterd hoe wijde dubbelsterren kunnen ontstaan. Het lijkt erop dat deze objecten zijn begonnen als drievoudige sterren, waarna twee van de sterren sterren zijn samengesmolten (Nature, 6 december).Enkelvoudige sterren zoals onze zon zijn vrij schaars. De meeste sterren worden geboren als onderdeel van een twee- of meervoudig stelsel dat uit één en dezelfde compacte gaswolk ontstaat. De afstand tussen de sterren die een dubbelster vormen varieert sterk. Sommige dubbelsterren zijn dermate compact dat de beide sterren elkaar raken. Andere hebben een onderlinge afstand van soms wel een lichtjaar en zijn nauwelijks meer als dubbelster te herkennen.Het ontstaan van zulke wijde dubbelsterren laat zich niet gemakkelijk begrijpen, omdat de compacte gaswolken die tot een (dubbel)ster samentrekken veel minder groot zijn dan een lichtjaar. Een wijde configuratie komt alleen tot stand wanneer drie (of meer) sterren uit één gaswolk worden geboren: door onderlinge interacties wordt de lichtste van dat stel dan vaak in een langgerekte baan gemanoeuvreerd, terwijl de beide andere een normale dubbelster vormen.Je zou dus verwachten dat wijde stelsels uit minstens drie sterren bestaan. Maar dat blijkt in veel gevallen toch niet zo te zijn. Er lijkt een ster verdwenen te zijn, en de nieuwe computersimulaties laten zien waar die ster gebleven is.Op het moment dat twee van de drie sterren in zo'n drievoudig stelsel een dubbelster vormen, kan er nog veel gas in de omgeving zijn achtergebleven. Hierdoor ondervinden de twee om elkaar draaiende sterren wrijving en spiralen ze naar elkaar toe. En soms is de gasdichtheid blijkbaar zo groot dat de beide sterren uiteindelijk met elkaar in botsing komen en tot één ster 'fuseren'. (EE)
→ Wide Binary Stars - Long-Distance Relationships
25 oktober 2012
Supernova-explosies van type Ia spelen een belangrijke rol bij het onderzoek van de uitdijing van het heelal. Maar hoe deze sterexplosies precies ontstaan, is nog steeds niet duidelijk. Volgende Amerikaanse sterrenkundige J. Craig Wheeler zouden nietige rode dwergsterren wel eens tot de aanstichters kunnen behoren.Voor supernovae van type Ia bestaan verschillende modellen. Steevast is de hoofdrol weggelegd voor een witte dwergster – het compacte restant van een lichte of middelzware ster die zijn buitenste lagen heeft afgestoten. Zo'n witte dwerg is stabiel zolang hij maar niet zwaarder wordt dan 1,4 zonsmassa. In gevallen waarbij een witte dwerg deel uitmaakt van een dubbelstersysteem is dat laatste niet gegarandeerd. Een van de bestaande modellen voor supernovae van type Ia gaat uit van een situatie waarbij de witte dwerg zoveel materie aantrekt van een begeleidende ster dat hij zijn kritische massa overschrijdt en explodeert. Een andere mogelijkheid is dat de dubbelster uit twee witte dwergen bestaat, die naar elkaar toe spiralen en uiteindelijk samensmelten.Deze modellen kunnen echter niet alle aspecten van dit soort supernova-explosies verklaren. Als beide scenario's zich daadwerkelijk in het heelal afspelen, zou er na de ontploffing van de witte dwerg in een aantal gevallen nog een restant van de begeleidende ster terug te vinden moeten zijn. Dat is tot nu toe echter niet gelukt. Volgens Wheeler zou de sleutel tot de oplossing van dit vraagstuk wel eens kunnen liggen bij het meest voorkomende soort sterren in het heelal: de rode dwergen. Het ligt voor de hand dat er veel dubbelsterren zijn die uit een witte en een rode dwerg bestaan. Veel materie bevatten rode dwergen niet, maar er hoeft vaak ook niet zo veel materie te worden overgedragen om een witte dwerg zijn kritische massa te laten bereiken. Wheelers model kan het ontbreken van een stellair restant op de plek van een supernova-explosie gemakkelijk verklaren. Rode dwergen geven namelijk zo weinig licht, dat ze van grote afstand niet waarneembaar zijn – zeker niet als ze ook nog een flink deel van hun massa aan een naburige witte dwerg hebben overgedragen (EE).
→ A New Scenario for the Birth of Type Ia Supernovae
22 oktober 2012
Een nieuwe afbeelding van een supersonische materiestraal uit een zwart gat laat een effect zien dat misschien wel vergelijkbaar is met afterburners van straalvliegtuigen. Dat zou belangrijke aanwijzingen kunnen geven over de werking van deze stralen.
Al sinds tientallen jaren wordt onderzocht hoe het kan dat zwarte gaten aan hun polen met grote snelheid materie uitspuwen. Dat gebeurt waarschijnlijk op het moment dat er materie in het zwarte gat valt, maar hoe dat precies in zijn werking gaat is voor astronomen nog grotendeels een raadsel.
Voor het eerst laat een afbeelding van zo’n materiestraal korte onderbrekingen zien. En dat lijkt wel wat weg te hebben van een supersonische straal uit een straalmotor, die ontstaat als een zogenoemde afterburner de hete uitlaatgassen opnieuw ontsteekt. In de vlam zijn repeterende patronen te zien als gevolg van complexe gasstromen. Het vergelijken van deze twee fenomenen zouden astronomen cruciale inzichten in stralen uit zwarte gaten kunnen geven.
‘De afstand tussen de oplichtende stukken in deze straal geeft ons informatie over de kracht van de straal en de hoeveelheid materie in de omgeving’, laat een van de betrokken astronomen op de website van het International Centre for Radio Astronomy Research weten. (Roel van der Heijden)
→ Astronomers study two million light year ‘extragalactic afterburner’
17 oktober 2012
De Europese onderzoeksorganisatie ERC (European Research Council) heeft een Advanced Grant toegekend aan prof. dr. Raffaella Morganti, hoofd van de Astronomengroep bij ASTRON en bijzonder hoogleraar Structuur en Evolutie van Radiomelkwegstelsels aan het Kapteyn Astronomisch Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen. Morganti krijgt een bedrag van circa 2,5 miljoen euro voor haar onderzoeksproject ‘Exploiting new radio telescopes to understand the role of AGN in galaxy evolution'. Met deze subsidie kan zij voor een periode van vijf jaar PhD-studenten, postdocs en een software-ingenieur aannemen. Morganti zal in haar project onderzoeken welk deel van de tijd het superzware zwarte gat dat in het centrum van een sterrenstelsel zit, actief is in het radiogebied, en welke invloed deze fase op de evolutie van het sterrenstelsel heeft. Zij zal daarbij gebruik maken van twee instrumenten van ASTRON: de geavanceerde radiotelescoop LOFAR (Low Frequency Array) en Apertif, de nieuwe 'radiocamera' van de Westerbork-radiotelescoop.De ERC Advanced Grants worden alleen toegekend aan wetenschappers van uitzonderlijke niveau. De subsidie aan prof. Morganti is de vijfde ERC Advanced Grant die is toegekend aan een project dat aan de LOFAR-telescoop en/of Apertif gerelateerd is. Vorig jaar werd een Advanced Grant toegekend aan de Nederlandse sterrenkundigen Thijs van der Hulst en Ewine van Dishoeck. (EE)
→ Europese Advanced Grant voor ASTRON-sterrenkundige
1 oktober 2012
De Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) bestaat op 5 oktober 50 jaar. Ter gelegenheid daarvan wordt van 11.00 tot 17.00 uur Nederlandse tijd een live webcast verzorgd, deels vanaf ESO's Very Large Telescope (VLT) in Noord-Chili. De VLT wordt die dag gebruikt voor het waarnemen van de Helm-van-Thor-nevel (NGC 2359) - de keuze van Brigitte Bailleul uit Frankrijk, die daarmee een eerder dit jaar uitgeschreven webstrijd won. Tijdens de webcast is het waarnemingsprogramma te volgen, en wordt er vanuit Chili en vanuit het ESO-hoofdkwartier in Garching-bei-München veel achtergrondinformatie over het internationale observatorium geboden. Het publiek wordt utigenodigd om voorafgaand aan de webcast vragen te stellen via e-mail, Twitter en Facebook. Ook tijdens de webcast kan volop gereageerd worden.Ter gelegenheid van het 50-jarig jubileum van ESO wordt op 5 oktober in tal van Europese steden, waaronder Leiden, een grote expositie van spectaculaire foto's geopend. VPRO's Labyrint zendt op woensdagavond 3 oktober een documentaire uit over ALMA (Atacama Large Millimetre and submillimetre Array) - het nieuwste observatorium waar ESO aan deelneemt, op 5000 meter hoogte in de Chileense Andes. (GS)
→ 6-Hour Webcast with Live Very Large Telescope Observations for ESO’s 50th Anniversary
28 september 2012
Het jaar 2012 markeert de 50ste verjaardag van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO). Om dit te vieren worden wereldwijd activiteiten georganiseerd. Op 5 oktober 2012 wordt de ESO-jubileumtentoonstelling 'Spectaculair heelal' geopend in de onlangs gerestaureerde historische Leidse Sterrewacht. Deze jubileumtentoonstelling toont de bezoekers 50 verbluffende beelden van hemellichamen zoals nevels, sterrenstelsels, en sterrenhopen, die zijn vastgelegd door de ESO-observatoria. Er zijn ook prachtige foto’s te zien van de sterrenwachten zelf. De tentoonstelling is tot stand gekomen dankzij een samenwerking tussen de Sterrewacht Leiden van de Universiteit Leiden en de historische Leidse Sterrenwacht. Op 5 oktober, precies 50 jaar na de ondertekening van de ESO-conventie, wordt met de Europese Very Large Telescope het object waargenomen dat de winnaar van de competitie ‘Kies wat de VLT waarneemt’ heeft gekozen. De observaties zijn live te volgen, de link naar de livestream wordt op de Nederlandstalige ESO-website bekendgemaakt.→ Origineel persbericht NOVA
19 september 2012
De leden van de Internationale Astronomische Unie (IAU) hebben besloten om de definitie van de 'astronomische eenheid' aan te passen. Van oorsprong was deze veel gebruikte afstandsmaat gelijk aan de halve lange as van de (enigszins ellipsvormige) baan van de aarde om de zon. Maar deze afstand liet zich lange tijd niet erg nauwkeurig meten. Daarom werd in 1976 een nauwkeurigere, maar ook veel ingewikkeldere definitie aangenomen, die de astronomische eenheid onder meer afhankelijk maakte van de massa van de zon.
Doordat de afstanden tussen objecten binnen het zonnestelsel inmiddels nog veel preciezer kunnen worden gemeten, verviel eigenlijk de noodzaak voor de definitie van 1976, die een foutmarge van enkele meters kende. Eigenlijk was de enige reden waarom aan deze definitie werd vastgehouden, dat alle wetenschappers er zo gewend aan waren geraakt.
Om korte metten te maken met de (experimentele) beperkingen van de definitie van 1976 is nu besloten om de astronomische eenheid simpelweg gelijk te stellen aan 149.597.870.700 meter. Dat komt overeen met de gemiddelde afstand tussen aarde en zon, zoals gemeten vanaf de aarde.
Meer informatie:
IAU votes to redefine the astronomical unit – giving it a constant value
18 september 2012
Amerikaanse onderzoekers hebben in een laboratoriumopstelling gezien hoe grote organische moleculen in de interstellaire ruimte onder invloed van ultraviolette straling kunnen evolueren tot nog complexere moleculen. Het gaat om zogeheten polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's), die o.a. in uitlaatgassen van auto's voorkomen. De moleculen bevinden zich op kleine ijsdeeltjes, zoals die ook in de ruimte tussen de sterren voorkomen, bijvoorbeeld rondom jonge protosterren. Uit de laboratoriumproeven, uitgevoerd bij een temperatuur van slechts 5 graden boven het absolute nulpunt, blijkt dat de PAK's onder invloed van ultraviolette straling van nabijgelegen sterren onder andere waterstofatomen opnemen, waardoor ze groter en complexer worden. Uiteindelijk zouden op die manier de allervroegste bouwstenen voor het leven kunnen ontstaan. De resultaten van de nieuwe experimenten worden gepubliceerd in Astrophysical Journal Letters. Overigens worden vergelijkbare proeven uitgevoerd in het Sackler-laboratorium van de Leidse Sterrewacht.
Meer informatie:
Researchers Brew Up Organics on Ice
Vakpublicatie over het onderzoek
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
17 september 2012
Wanneer twee sterrenstelsels met elkaar in botsing komen en versmelten tot één reuzenstelsel, kunnen ook de superzware zwarte gaten in hun kernen met elkaar versmelten. Vlak daarvoor draaien die twee zwarte gaten met steeds hogere snelheid en op steeds kleinere onderlinge afstand om elkaar heen, en volgens Einsteins algemene relativiteitstheorie worden daarbij zwaartekrachtsgolven geproduceerd - minieme vervormingen in de structuur van de ruimtetijd die zich met de lichtsnelheid in alle richtingen uitbreiden. Zwaartekrachtsgolven zijn nog nooit direct gemeten, maar er wordt wel naar gezocht met verschillende gevoelige detectoren, onder andere in de Verenigde Staten, Duitsland en Italië. Uit modelberekeningen van theoretici van Cardiff University blijkt nu dat uit nauwkeurige waarnemingen van zwaartekrachtsgolven ook informatie af te leiden is over o.a. de massa's van de twee versmeltende zwarte gaten. Op die manier kan onderzoek aan zwaartekrachtsgolven meer inzicht opleveren in de manier waarop zwarte gaten van invloed zijn op de evolutie van sterrenstelsels, aldus de onderzoekers.
Meer informatie:
Artikel op www.dailygalaxy.com
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
11 september 2012
Astronoom Steven Bamford van de University of Nottingham heeft een sterrenstelsel-alfabet gecreëerd, waarin elke letter in feite een foto van een bestaand sterrenstelsel is. Het 'galaxy ABC' is een bijproduct van het succesvolle Galaxy Zoo-project, waaraan honderdduizenden mensen hebben deelgenomen. Op talloze foto's van de sterrenhemel classificeerden zij ruim een kwart miljoen ver verwijderde sterrenstelsels - een klus die nog steeds moeilijk uitgevoerd kan worden door computersoftware. Sterrenkundigen gebruiken de classificatie voor een beter begrip van de eigenschappen, evolutie en statistische verdeling van verschillende typen sterrenstelsels, zoals spiraalstelsels, elliptische stelsels en onregelmatige stelsels. Tussen de vele geclassificeerde sterrenstelsels zitten er ook talloze die min of meer het uiterlijk van een letter uit het alfabet hebben, en op basis daarvan is nu een volledig ABC samengesteld.
Meer informatie:
Persbericht University of Oxford
Schrijf je eigen naam in sterrenstelsels
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
27 augustus 2012
De Europees/Japanse Mercuriusverkenner BepiColombo heeft met succes een aantal intensieve schok- en triltesten doorstaan. Daarbij werd een zogeheten structuurmodel van de planeetverkenner blootgesteld aan alle trillingen en schokken die hij tijdens de lancering en tijdens de vlucht naar de kleine planeet Mercurius te verduren krijgt. De tests zijn uitgevoerd bij het Europese ruimtetechnologiecentrum ESTEC in Noordwijk.
BepiColombo gaat uit twee afzonderlijke ruimtesondes bestaan, die samen gedetailleerd onderzoek gaan verrichten aan de binnenste planeet in het zonnestelsel. De lancering, met een Europese Ariana 5-raket, is voorzien voor het jaar 2015; de aankomst bij Mercurius staat gepland in 2022.
Meer informatie:
Good vibrations for BepiColombo
Tweede persbericht ESA
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
25 augustus 2012
De Amerikaanse astronaut Neil Armstrong, die op 21 juli 1969 als eerste mens voet op de maan zette, is op 25 augustus op 82-jarige leeftijd overleden aan complicaties na een hartoperatie. Armstrong sprak als commandant van de Apollo 11 de historische woorden 'That's one small stap for a man, one giant leap for mankind'. Armstrong was opgeleid straaljagerpiloot en testvlieger. Hij vloog in meer dan 200 verschillende toestellen, en nam deel aan tientallen aanvalsvluchten tijdens de Koreaanse oorlog. In 1962 werd hij door NASA geselecteerd als astronaut. In 1966 was hij commandant van de Gemini 8, die de eerste koppeling in de ruimte uitvoerde - een vlucht die als gevolg van kortsluiting in een van de stuurraketjes bijna rampzalig afliep. Na zijn historische maanvlucht was hij hoogleraar aan de Universiteit van Cincinnati; later ging hij het bedrijfsleven in en leefde hij een relatief teruggetrokken bestaan.
Meer informatie:
Neil Armstrong: 1930-2012
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
20 augustus 2012
Charles Bennett van de Johns Hopkins University in Baltimore en het 26 personen tellende wetenschappelijke team van de Wilkinson Microwave Anisotropy Mission (WMAP) ontvangen op 21 augustus in Beijing, China, de 2012 Cosmology Prize van de Gruber Foundation. De prijs, waaraan een bedrag van 500.000 dollar is verbonden, wordt jaarlijks uitgereikt voor een bijzondere bijdrage aan de kosmologie. Bennett was leider van de WMAP-missie, die buitengewoon gedetailleerde kaarten van de kosmische achtergrondstraling heeft opgeleverd - het afgekoelde 'overblijfsel' van de energie van de oerknal. Mede dankzij de resultaten van de WMAP hebben kosmologen tegenwoordig een veel beter beeld van de samenstelling en de vroege geschiedenis van het heelal. Zo werd mede op basis van de WMAP-resultaten geconcludeerd dat het heelal ca. 13,7 miljard jaar oud is, dat de achtergrondstraling geproduceerd werd toen de kosmos een leeftijd van ca. 378.000 jaar had, en dat het universum voor 72,8 procent uit donkere energie bestaat, voor 22,7 procent uit niet-baryonische donkere materie en voor slechts 4,6 procent uit gewone atoomkernen.
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
7 augustus 2012
De internationaal vermaarde Britse radioastronoom Sir Bernard Lovell is op 6 augustus op 98-jarige leeftijd overleden. Lovell was in 1945 de oprichter van de Jodrell Bank radiosterrenwacht van de Universiteit van Manchester, waar in 1957 een radioschotelantenne met een middellijn van 76 meter in gebruik werd genomen. Daarmee werden najaar 1957 de radiosignalen van de Russische Spoetnik opgepikt. De telescoop, officieel de Lovell-telescoop geheten, is nog steeds de op twee na grootste volledig bestuurbare radioschotel ter wereld.
Meer informatie:
In memoriam Universiteit van Manchester
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
2 augustus 2012
Japanse astronomen hebben geconstateerd dat de explosiewolk van een supernova een klonterige vorm heeft. Dat is in strijd met het zogeheten bipolaire scenario, waarbij de meeste energie langs de rotatie-as van de ontploffende ster ontsnapt. Sterren zwaarder dan acht zonsmassa's beëindigen hun relatief korte bestaan met een enorme explosie, die supernova wordt genoemd. Hoe die explosie precies verloopt, was lange tijd onduidelijk. Computerberekeningen lieten twee mogelijkheden open: de bipolaire variant, waarbij de rotatie van de ontploffende ster een belangrijke rol speelt, en de klonterige variant, die door convectie wordt aangedreven. Omdat de meeste supernova-explosies zich afspelen in sterrenstelsels op afstanden van honderden miljoenen lichtjaren, kan hun vorm niet rechtstreeks worden waargenomen. De Japanse astronomen hebben de vorm van een aantal supernova's nu echter weten vast te stellen door naar de zogeheten polarisatie van het supernova-licht te kijken - de wijze waarop de lichtgolven georiënteerd zijn. Bij een bipolaire explosie zou het licht één polarisatierichting moeten vertonen, bij een klonterig verlopende explosie een mengsel van verschillende polarisatierichtingen. Waarnemingen van twee supernova-explosies met de Subaru-telescoop op Hawaï laten nu zien dat beide het klonterige scenario hebben gevolgd. Eerder waren al vier andere supernova's op deze manier onderzocht en ook drie van deze verliepen klonterig.
Meer informatie:
Subaru Telescope Reveals 3D Structure of Supernovae
2 augustus 2012
Volgens Duitse wetenschappers zal de aanblik van de nachtelijke hemel de komende jaren drastisch veranderen. Dat komt door het toenemende gebruik van LED-straatverlichting, dat tot gevolg heeft dat de nachthemel steeds blauwer wordt. Nu speelt deze 'lichtvervuiling' zich nog voor een belangrijk deel af in het rode deel van het spectrum. De verandering van kleur is niet de enige verandering die optreedt. Omdat blauw licht in de aardatmosfeer sterker wordt verstrooid dan rood licht, zal de heldere nachthemel met name in het zenit (het punt recht boven de waarnemer) en in de richting van de lichtbronnen duidelijk minder donker worden. De onderzoekers pleiten voor meer onderzoek naar de gevolgen van het veranderende lichtpatroon, bijvoorbeeld voor nachtdieren. Daarnaast zouden overheden ervoor moeten zorgen dat de LED-lampen geen licht omhoog stralen en zo min mogelijk blauw licht produceren.
Meer informatie:
Red is the new Black
Vakpublicatie (pdf)
19 juli 2012
De magnetische velden rond witte dwergsterren kunnen dermate sterk zijn, dat de optredende krachten atomen tot moleculen kunnen binden. Dat schrijven wetenschappers deze week in Science. Onder normale omstandigheden zijn magnetische krachten niet sterk genoeg om materie op atomaire schaal te beïnvloeden. Je kunt met een sterke elektromagneet weliswaar een auto optillen, maar vergeleken bij de elektrische bindingskracht die atomen tot moleculen verenigt, valt de magnetische kracht in het niet. Nieuwe berekeningen laten zien dat dat in de directe omgeving van witte dwergen en andere objecten met een extreem sterk magnetisch veld anders kan zijn. In zo'n omgeving kunnen zelfs atomen die onder aardse omstandigheden geen moleculaire bindingen aangaan, zoals helium, worden gedwongen om zich aan andere atomen te binden. Ook op normale moleculen heeft zo'n magnetisch veld een grote uitwerking. Het versterkt de aantrekkingskracht tussen de atomen, waardoor moleculen in de nabijheid van een witte dwerg tot wel een kwart kleiner kunnen zijn dan normaal. Of dit ook gevolgen heeft voor de chemische reacties tussen verschillende moleculen is nog onduidelijk.
Meer informatie:
Unusual Molecules Form Near White Dwarfs
19 juli 2012
Astronomen gaan ervan uit dat er naast 'stellaire' zwarte gaten, met massa's van enkele zonsmassa's, en de superzware zwarte gaten in de kernen van sterrenstelsels, die vele miljoenen zonsmassa's zwaar zijn, ook 'middelzware' zwarte gaten bestaan. Maar tot nu toe zijn maar heel weinig van deze objecten opgespoord. Volgens astronomen van een aantal Amerikaanse instituten zou dat wel eens kunnen komen doordat op de verkeerde plaatsen is gezocht. De geboorte van een middelzwaar zwart gat begint met de dood van een zware ster, waarvan de kern tot een zwart gat ineenstort. Naarmate zo'n zwart gat meer materie uit zijn omgeving opslokt, neemt zijn massa toe. Het probleem is echter dat zelfs de 'dichtbevolkste' delen van een sterrenstelsel te leeg zijn om een stellair zwart tot een middelzwaar zwart gat uit te laten groeien. Daarom hebben de Amerikaanse astronomen hun blik gericht op de directe omgeving van de superzware zwarte gaten in de kernen van sterrenstelsels, die doorgaans omringd zijn door een schijf van gas. Modelberekeningen laten zien dat als een stellair zwart gat in die schijf terechtkomt, het gemakkelijk duizenden zonsmassa's aan materie kan opslokken. In feite gaat het hierbij om hetzelfde proces dat in de materieschijf rond een jonge ster tot het ontstaan van grote gasplaneten leidt. De beste plek om een middelzwaar zwart gat op te sporen zou dus de kern van een sterrenstelsel zijn.
Meer informatie:
How to Build a Middleweight Black Hole
4 juli 2012
Wetenschappers van het Europese laboratorium voor deeltjesfysica CERN hebben een nieuw elementair deeltje ontdekt. Of dit het langgezochte Higgsdeeltje is, staat echter nog niet vast. Op het eerste gezicht vertoont het nieuwe deeltje wel veel overeenkomst met het theoretisch voorspelde Higgsdeeltje. Het Higgs-deeltje is van fundamenteel belang voor het zogeheten standaardmodel van de deeltjesfysica. Het zou de 'drager' zijn van het alom aanwezige Higgsveld, dat ervoor zorgt dat de kleine deeltjes waaruit de materie is opgebouwd massa hebben. Simpel gezegd fungeert dit Higgsveld als een soort stroop waar materiedeeltjes doorheen moeten waden: dat kost meer moeite naarmate een deeltje zwaarder is. Volgens het standaardmodel zou het theoretisch verwachte Higgsdeeltje een massa moeten hebben die ergens tussen de 115 en 180 GeV/c2 ligt. Het nu ontdekte deeltje vertoont een massa van 125-126 GeV/c2. Of het ook echt het Higgsdeeltje ís, zal zorgvuldig onderzoek moeten uitwijzen. Volgens CERN zou het ook een exotische soortgenoot van het Higgsdeeltje kunnen zijn, bijvoorbeeld een deeltje dat een ander raadsel zou kunnen oplossen: dat van de donkere materie in het heelal.
Meer informatie:
CERN experiments observe particle consistent with long-sought Higgs boson
CERN-experimenten observeren deeltje dat in overeenstemming is met langgezocht Higgs-boson
1 juli 2012
ESA-astronaut André Kuipers is zondagochtend om 10.14 uur Nederlandse tijd veilig teruggekeerd op aarde, samen met de Russische kosmonaut Oleg Kononenko en de Amerikaan Don Pettit. Kuipers verbleef 193 dagen aan boord van het internationale ruimtestation ISS - een Europees record. Tijdens de zogeheten PromISSe-missie voerde de wetenschappelijk arts ruim vijftig experimenten uit op het gebied van biofysica en medische wetenschap. Ook haalde Kuipers de vrachtschepen Edoardoi Amail (van ESA) en Dragopn (van het Amerikaanse ruimtevaartbedrijf SpaceX) binnen. Kort na de landing in Kazachstan vloog hij samen met Pettit door naar Houston, waar hij de komende weken zal revalideren en aanvullende experimenten op zijn eigen lichaam zal blijven uitvoeren.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
6 juni 2012
De Venusovergang van vanmorgen is zichtbaar geweest op de Waddeneilanden, kort na zonsopkomst. In vrijwel alle andere delen van Nederland gooiden wolken en regen roet in het eten en moesten belangstellenden het doen met livestreams van andere plaatsen in de wereld, zoals Hawaii. Het zeldzame verschijnsel (de eerstvolgende keer dat Venus gezien vanaf de aarde voor de zon langs beweegt is pas in december 2117) was vanuit het grootste deel van de Stille Oceaan volledig zichtbaar. Ook satellieten in een baan om de aarde hebben de Venusovergang vastgelegd.
Foto's van de Venusovergang, gemaakt vanaf Ameland
Waarnemingen van de Venusovergang door NASA's Solar Dynamics Observatory
Foto's van de Venusovergang van over de hele wereld
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
4 juni 2012
De Leidse astronoom Xander Tielens (1953) is een van de vier laureaten die maandagmiddag van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) een Spinozapremie van 2,5 miljoen euro hebben ontvangen, vrij te besteden aan onderzoek naar keuze. De Spinozapremie is de hoogste Nederlandse wetenschappelijke onderscheiding.
Tielens is hoogleraar fysica en chemie van de interstellaire ruimte aan de universiteit Leiden. Hij bestudeert de rol van grote moleculen, met name PAK's (polycyclische aromatische koolwaterstoffen), en interstellair stof in het universum. Hij was een van de eersten die het belang van dergelijke grote moleculen in de ruimte onderkende.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl;
31 mei 2012
De Amerikaanse astronoom Mike Brown van het California Institute of Technology, alias de 'Pluto killer', heeft de Kavli-prijs voor astrofysica 2012 gewonnen voor zijn bijdragen aan een beter begrip van de buitendelen van het zonnestelsel. Brown deelt de prijs met David Jewitt en Jane Luu, die in 1992 de eerste 'ijsdwerg' ontdekten (1992 QB1) - een klein, bevroren object buiten de baan van Neptunus. Brown en zijn collega's ontdekten in 1995 de grote ijsdwerg Eris, die ongeveer even groot is als Pluto. De ontdekking van Eris was de directe aanleiding voor de 'degradatie' van Pluto tot dwergplaneet, in augustus 2006.
Meer informatie:
Caltech Astronomer Mike Brown Awarded Kavli Prize in Astrophysics
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
31 mei 2012
Britse astronomen kunnen over een paar jaar niet langer gebruik maken van hun infrarood- en millimeter-telescopen op Mauna Kea, Hawaii. De Britse Science and Technology Facilities Council (STFC) stopt in het najaar van 2013 uit bezuinigingsoverwegingen de Britse bijdrage aan de United Kingdom Infra-Red Telescope (UKIRT); een jaar later komt er ook een eind aan de Britse co-financiering van de Brits-Canadees-Nederlandse James Clerk Maxwell Telescope (JCMT) voor millimeterstraling. Er blijft voorlopig wel geld beschikbaar voor deelname aan de 4,2-meter William Herschel Telescope op La Palma - de enige grote optische telescoop op het noordelijk halfrond waar het Verenigd Koninkrijk nog in deelneemt.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Engelstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
21 mei 2012
In de nacht van zondag 20 op maandag 21 mei (Nederlandse tijd) vond een ringvormige zonsverduistering plaats, die waarneembaar was vanuit het westen van de Verenigde Staten (zondagavond), de Stille Oceaan, en Japan (maandagochtend). Een ringvormige zonsverduistering ontstaat wanneer de maan wel precies voor de zon langs beweegt, maar net iets te ver van de aarde af staat om de zon volledig te bedekken. De ringvormige verduistering is zowel vanaf de aarde als vanuit de ruimte waargenomen; hieronder vind je links naar enkele websites met opmerkelijke beelden.
Beelden van live-webcast, o.a. vanuit Japan
Fotoverzameling (Japan en Verenigde Staten)
Fotoverzameling (Japan en Verenigde Staten)
Waarnemingen van ESA's Proba-kunstmaan (met link naar filmpje)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
27 april 2012
Mat Drummen, oud-directeur van Stichting 'De Koepel', heeft op 27 april de koninklijke onderscheiding 'Ridder in de Orde van Oranje Nassau' ontvangen. Hij werd in zijn woonplaats Gouda gedecoreerd door burgemeester W.M. Cornelis. Bij de uitreiking werd genoemd dat Mat, die op 1 januari 2010 met pensioen ging, uitzonderlijke verdiensten heeft voor de publieksvoorlichting van sterrenkunde, weerkunde en ruimtevaart, onder meer door twintig jaar lang de Sterrengids, vele publicaties in het tijdschrift Zenit en de organisatie van de Landelijke Sterrenkijkdagen te verzorgen. Ook memoreerde de burgemeester dat er eerder al een planetoïde naar hem is vernoemd.
Meer informatie:
Bericht van Stichting 'De Koepel'
19 april 2012
Volgens wetenschappers is het meer dan twintig jaar oude raadsel rond de afwijkende beweging van twee Pioneer-ruimtesondes definitief opgelost. Op de twee ruimtesondes leek een mysterieuze afremmende 'kracht' te werken. Het staat nu echter vrijwel vast dat deze 'Pioneer-anomalie' werd veroorzaakt door de (ongelijkmatige) warmte-uitstraling van de beide ruimtevaartuigen. De Pioneer 10 en 11 werden veertig jaar geleden gelanceerd, scheerden langs de planeten Jupiter en Saturnus en zijn bezig ons zonnestelsel te verlaten. Omdat ze geen raketaandrijving hebben, verliezen de Pioneers geleidelijk snelheid door de zwaartekrachtsaantrekking van zon en planeten. Maar uit telemetrische gegevens, die Pioneer 10 tot 2002 bleef uitzenden, bleek dat ze een heel klein beetje sterker werden afgeremd dan verwacht. Om die kleine afwijking te verklaren, hebben wetenschappers allerlei ideeën opgevoerd. Sommigen meenden zelfs dat de bestaande zwaartekrachtstheorie op de schop zou moeten. Maar een nieuwe, nauwkeurige analyse laat zien dat de Pioneer-anomalie hoogstwaarschijnlijk geen externe oorzaak had, maar een gevolg was van het ontwerp van de ruimtesondes. De afremming ontstond doordat de grote radioschotel van de Pioneers vrijwel altijd op de aarde was gericht, waardoor de warmte-uitstralende (radioactieve) energievoorziening en elektronica zich steeds aan de 'voorkant' bevonden. Als de opgewekte warmte ongehinderd alle kanten op had kunnen wegstralen, zou het netto-effect ervan nihil zijn geweest. Maar een deel werd door de achterzijde van de radioschotel weerkaatst, waardoor wat extra warmtestraling in de bewegingsrichting van de Pioneers werd uitgezonden. Dat geeft een kleine reactiekracht, die de ruimtesondes afremt. Dat was een bekend gegeven, maar tot nu toe was onduidelijk of het effect van de warmte-uitstraling groot genoeg was om de gehele afremming te kunnen verklaren. Voor de nieuwe analyse is nu een nauwkeurig thermisch model voor de beide ruimtesondes geconstrueerd. En berekeningen aan de hand van dat model bevestigen het vermoeden dat de warmte-uitstraling de oorzaak van de Pioneer-anomalie was.
Meer informatie:
Pioneer Anomaly Solved!
Support for the thermal origin of the Pioneer anomaly (pdf)
10 april 2012
Nachtfoto's maken van de aarde vanuit de ruimte valt nog niet mee. Om betere nachtfoto's te kunnen maken installeerde ESA-astronaut André Kuipers de NightPod aan boord van het internationale ruimtestation ISS. En de eerste set prachtige foto's stroomt nu binnen.
Het ISS vliegt in een baan om de aarde met een snelheid van acht kilometer per seconde. Met zulke snelheden is het gebruik van een statief om goede, lang belichte nachtfoto's te maken geen optie. Want zelfs als de camera perfect stil hangt, beweegt het ISS nog veel te snel om een scherpe foto van de verlichte steden op aarde te maken.
Om astronauten te helpen betere foto's te nemen, ontwikkelde ESA in samenwerking met het Nederlandse bedrijf Cosine een gemotoriseerd statief (tripod). Deze zogenaamde 'NightPod' compenseert de bewegingen van het ruimtestation tijdens het maken van een foto. Daarvoor volgt NightPod enkele specifieke punten op het aardoppervlak, zodat het onderwerp van de foto in het midden blijft tijdens het nemen van de foto. Zo zorgt NightPod ervoor dat de foto scherp is.
De eerste nachtfoto's van aardse steden, gemaakt met NightPod, stromen inmiddels binnen en zijn onder andere te bewonderen op de Flickr-pagina van André Kuipers.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Flickr-fotopagina van André Kuipers
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
4 april 2012
De Prijs Akademiehoogleraren van de KNAW is dit jaar toegekend aan Ewine van Dishoeck, hoogleraar moleculaire astrofysica aan de Universiteit Leiden, en Peter Hagoort, hoogleraar cognitieve neurowetenschappen aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Aan de prijs, die op 21 juni wordt uitgereikt, is een bedrag verbonden van een miljoen euro, dat beide onderzoekers krijgen voor wetenschappelijk werk. De prijs is bedoeld als een 'lifetime achievement award' voor onderzoekers - een in de sociale of geesteswetenschappen, en een in de natuur-, technische of levenswetenschappen - die hebben aangetoond dat ze tot de absolute top van hun vakgebied behoren. Ewine van Dishoeck bestudeert de chemie in het heelal. De ruimte tussen de sterren is niet helemaal leeg, maar gevuld met ijle, ijskoude gaswolken, zoals de donkere gebieden in de Orionnevel. Van Dishoeck bestudeert de moleculen die daarin te vinden zijn. Bijzondere aandacht heeft ze voor de vorming van sterren uit ineenstortende wolken en voor het maken van planeten in de stofschijven rond de jonge sterren. Voor dit onderzoek maakt ze onder meer gebruik van ESO's Very Large Telescope (VLT) en de Atacama Large Millimeter Array (ALMA) in Chili. Momenteel doet ze met de infraroodsatelliet Herschel onderzoek naar de waterkringloop in het heelal en de rol die deze speelt bij de vorming van sterren. Peter Hagoort doet onderzoek naar de neurobiologische fundamenten van het menselijk taalvermogen. Hij kijkt naar de hersenen in actie: hoe regelen de hersenen de productie van taal, en het taalbegrip? Hagoorts grote verdienste is dat hij als een van de eersten psychologische theorieën met neurowetenschappelijke modellen combineerde, en zijn ideeën hebben het vakgebied sterk beïnvloed.
Meer informatie:
Ewine van Dishoeck en Peter Hagoort ontvangen grote prijs van de KNAW
3 april 2012
Vanaf donderdag draait in de bioscoop een nieuwe versie van James Camerons kaskraker Titanic. De meest opvallende verandering ten opzichte van het origineel uit 1997 is dat de film nu 'driedimensionaal' kan worden beleefd. Maar er zit ook nog een subtiele aanpassing in, die alleen kenners van de sterrenhemel zal opvallen. Na het uitkomen van de oorspronkelijke film werd regisseur Cameron op de vingers getikt door astrofysicus en wetenschapspopularisator Neil deGrasse Tyson. Reden: tijdens een van de bekendste scènes - hoofdpersoon Rose kijkt liggend op een stuk wrakhout naar de sterren - werd een hemelgebied getoond dat in het jaargetijde dat de Titanic verging (april) helemaal niet te zien was. Sterker nog: de linkerhelft van de hemel die de kijker kreeg voorgeschoteld was simpelweg het spiegelbeeld van de rechterhelft. Cameron, die als perfectionist bekendstaat, heeft zich de kritiek aangetrokken. En dus zijn in de nieuwe versie van zijn film de juiste sterren te zien.
Meer informatie:
James Cameron's 'Titanic' Correction May Impress Astronomers
Titanic 3D
29 maart 2012
Wetenschappers en technici uit Engeland, Nederland, Zweden en Zwitserland hebben een mini-aandrijving ontwikkeld die kleine satellieten naar de maan en verder kan brengen. De nieuwe motor, MicroThrust geheten, kan de kosten van de onbemande ruimtevaart sterk helpen reduceren. Met MicroThrust kunnen satellieten tot een gewicht van honderd kilogram worden voortgestuwd. Zelf weegt de aandrijving maar een paar honderd gram. Anders dan conventionele raketaandrijvingen maakt MicroThrust geen gebruik van chemische brandstoffen: het is een ionenmotor. De motor loopt op een 'ionenvloeistof', bestaande uit elektrisch geladen moleculen die met behulp van een elektrisch veld met hoge snelheid worden uitgestoten. Het elektrische systeem van de MicroThrust is ontworpen door het Delftse bedrijf SystematIC Design. De motor geeft maar een kleine versnelling - van 0 tot 100 km/uur in 77 uur - maar die kan wel heel lang worden volgehouden. Daarmee kan een satellietje van 1 kilogram in zes maanden de maan bereiken, bij een 'brandstof'verbruik van 0,1 liter. De eerste klus voor MicroThrust zal overigens het aandrijven van 'CleanSpace One' zijn - een Zwitserse nanosatelliet die ruimteschroot moet vastpakken en de aardatmosfeer in moet trekken.
Meer informatie:
Getting to the moon on drops of fuel
MicroThrust
27 maart 2012
De afgelopen twintig jaar heeft de Hubble-ruimtetelescoop ontelbare opnamen gemaakt. Een deel daarvan is aan het grote publiek gepresenteerd, maar in de data-archieven van Hubble zit nog veel onvertoond materiaal. ESA en NASA nodigen nu iedereen uit om deze 'verborgen schatten' op te sporen. Zoek een interessant databestand in het Hubble Legacy Archive, speel wat met contrast en kleuren en stuur het resultaat in naar de speciaal daarvoor ingestelde Flickr-groep. De mooiste inzending wordt beloond met een iPod Touch. Wie deze aanpak wat al te simpel vindt, kan ook gebruik maken van de software die ook door professionele astronomen wordt gebruikt om Hubble-data in adembenemende foto's om te zetten. Voor de inzender van het beste resultaat in deze categorie ligt een iPad klaar. Inzendingen moeten uiterlijk 31 mei binnen zijn.
Meer informatie:
Join the 2012 Hubble's Hidden Treasures Competition
26 maart 2012
In aanwezigheid van parlementariërs uit Europa, Zuid-Afrika en Nederland is vandaag de workshop 'Astronomy to Inspire and Educate Young Children' officieel geopend. De workshop brengt deskundigen in het sterrenkundig onderwijs, leraren, astronomen, politici, kunstenaars, diplomaten en leden van het wereldwijde EU Universe Awareness (EU-UNAWE) netwerk voor een week bij elkaar.
Tijdens de opening werd EU-UNAWE-oprichter George Miley door de Leidse burgemeester Henri Lenferink gedecoreerd als Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw voor zijn bijzondere verdiensten voor de samenleving.
EU-UNAWE heeft als doel kinderen bewust te maken van de grootsheid en schoonheid van het heelal en probeert hun blikveld te verruimen om zo hun belangstelling te wekken voor wetenschap en techniek. Onderwijsprogramma's, educatieve materialen, methoden van evaluatie en wereldwijde capaciteitsopbouw zijn onderwerpen die in dat licht aan de orde komen tijdens de workshop.
EU Universe Awareness
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
19 maart 2012
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA heeft een iPhone-app ontwikkeld die actuele meetgegevens van allerlei Amerikaanse klimaatsatellieten in beeld brengt. 'Earth Now' is daarmee een handig hulpmiddel om op de hoogte te blijven van CO2-emissies, ozonconcentraties, temperaturen, zeestromingen etc. De app kan gratis worden gedownload in de iTunes AppStore.
Meer informatie:
NASA's New 'Earth Now' App: Your World, Unplugged
Meer NASA-apps
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
14 maart 2012
Dankzij de inspanningen van de Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) is, in nauwe samenwerking met de bètafaculteiten van Nijmegen, Leiden en Amsterdam, vrijwel al het personeel van het Sterrenkundig Instituut van de Universiteit Utrecht (UU) ondergebracht bij de andere NOVA-instituten. NOVA is de toponderzoekschool waarbinnen de Nederlandse sterrenkundige instituten (Amsterdam, Groningen, Leiden, Nijmegen en, tot voor kort, Utrecht) samenwerken. De UU besloot medio 2011 het Utrechtse instituut, dat al 370 jaar aan de internationale astronomische top staat, op te heffen omdat het niet in het nieuwe bèta-profiel van de universiteit past. Daarmee dreigde specifieke, unieke onderzoeksexpertise weg te vallen. Hierop nam NOVA het voortouw om, in constructief overleg met de UU, alle stafmedewerkers samen met hun promovendi, postdocs en materiaal bij de andere sterrenkundige instituten onder te brengen. Het merendeel van de vaste staf heeft daar inderdaad een nieuwe aanstelling gekregen. Om voor de laatste keer stil te staan bij het opheffen van één van 's werelds oudste sterrenkunde-instituten en bij de geschiedenis van dit vermaarde instituut, wordt van 2-5 april in Noordwijkerhout een conferentie gehouden. De Utrechtse sterrenkunde heeft veel eminente wetenschappers voortgebracht, onder wie Marcel Minnaert, Henk van de Hulst, Kees de Jager, Ed van den Heuvel, Cees Zwaan en Henny Lamers. Ook in het recente verleden hebben jonge Utrechtse astronomen veel erkenning gekregen in de vorm van prestigieuze nationale en internationale beurzen.
Meer informatie:
Utrechts sterrenkundig onderzoek wordt voortgezet bij de andere NOVA-instituten
8 maart 2012
Binnenkort verschijnt een nieuwe versie van de populaire computergame Angry Birds: 'Angry Birds Space'. Bij de totstandkoming ervan heeft de Finse game-ontwikkelaar Rovio nauw samengewerkt met het Amerikaanse ruimteagentschap NASA. In het spel zijn namelijk elementen van de ruimtevaart verwerkt, zoals de zwaartekrachtsaantrekking van de planeten en de gewichtloosheid - of beter gezegd: microzwaartekracht - die een ruimtevaarder ondervindt als hij in een baan om een planeet cirkelt. NASA-astronaut Don Pettit heeft aan boord van het internationale ruimtestation ISS een video opgenomen, waarin hij Angry Birds Space gebruikt om uit te leggen welke fysische wetten in de ruimte werkzaam zijn. Wie de fysica van de ruimte zelf wil onderzoeken, moet nog geduld hebben tot 22 maart: dan kan de nieuwe variant op Angry Birds worden gedownload. Het spel kan worden gespeeld op pc's, Macs en alle mobiele apparaten die op iOS of Android draaien.
Meer informatie:
NASA and Rovio Gamers Create Angry Birds Space
What Is Microgravity?
Angry Birds Space
8 maart 2012
Wetenschappers van Australische en Amerikaanse universiteiten hebben een nieuw soort atoomklok bedacht, die bijna onwaarschijnlijk nauwkeurig de tijd kan bijhouden. Als zo'n klok kort na de oerknal - bijna 14 miljard jaar geleden - had bestaan, zou hij nu minder dan 1/20 seconde voor of achter lopen. Dat maakt de klok bijna honderd keer zo nauwkeurig als de beste atoomklokken van dit moment. Normale atoomklokken gebruiken elektronen die om de kern van een atoom draaien als 'slinger'. De wetenschappers hebben aangetoond dat door met behulp van een laserbundel de elektronen in het atoom op een specifieke manier te oriënteren, de maat kan worden aangegeven door een neutron dat om de atoomkern cirkelt. Door de sterke binding van het neutron met de atoomkern is zijn beweging vrijwel compleet ongevoelig voor invloeden van buitenaf. De binding tussen een elektron en de atoomkern is veel losser. De verbeterde nauwkeurigheid bij tijdmetingen zou vooral van pas komen bij fundamenteel fysisch onderzoek, bijvoorbeeld in deeltjesversnellers. Maar ook GPS-navigatiesystemen zouden ervan kunnen profiteren.
Meer informatie:
Nuclear clock may keep time with the Universe
5 maart 2012
De ramp met de Titanic, dit voorjaar honderd jaar geleden, is mogelijk indirect veroorzaakt door de maan. Dat beweren Donald Olson en Russell Doescher van de Texas State University in het aprilnummer van het Amerikaanse maandblad Sky & Telescope.
De Titanic zonk in de nacht van 14 april 1912, enkele uren nadat het schip in volle vaart op een ijsberg liep. Ongeveer 1500 mensen vonden de dood. Tijdens de reddingsoperaties bleek dat er in het gebied waarin de Titanic zich die nacht bevond, een ongebruikelijk groot aantal ijsbergen voorkwam.
Olson en Doescher denken te weten hoe dat kwam. Op 4 januari 1912 was er sprake van extreme springvloed. Het was Volle Maan, maar tevens was de afstand tussen aarde en maan kleiner dan in de voorafgaande 1400 jaar ooit het geval was geweest, en bevond de aarde zich tevens in het punt van zijn baan waar de afstand tot de zon het kleinst is. De getijdekrachten van zon en maan waren die 4e januari dus maximaal, en de springvloed moet uitzonderlijk hoog zijn geweest.
Het gevolg, aldus de wetenschappers, was dat ijsbergen die normaal gesproken langere tijd 'gestrand' liggen in de ondiepe kustwateren van Labrador en Newfoundland vrij plotseling weer op drift raakten. Zo kan het grote aantal ijsbergen in de vaarroute van de Titanic verklaard worden.
Meer informatie:
Persbericht Texas State University
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
22 februari 2012
'Of je stopt de stekker erin.' Dat lijkt - kort samengevat - de verklaring te zijn voor het CERN-experiment waarbij neutrino's zich sneller dan het licht leken te verplaatsen. Het opmerkelijke meetresultaat, dat in strijd was met Einsteins relativiteitstheorie, is wellicht veroorzaakt door een slechte verbinding tussen een GPS-ontvanger en een computer. In september en november vorig jaar stelden wetenschappers van het CERN-deeltjesfysicalaboratorium bij Genève vast dat de daar geproduceerde neutrino's de afstand naar het 720 km verderop gelegen Gran Sasso-laboratorium in Italië 60 nanoseconden sneller overbrugden dan een lichtbundel zou hebben gedaan. Hoewel de natuurkundigen vertrouwen hadden in hun experimentele opstelling, vermoedden zij en de rest van de wetenschappelijke gemeenschap direct al dat het schokkende resultaat waarschijnlijk werd veroorzaakt door een technische fout. Maar waar zat die? Volgens ScienceInsider, dat zich op betrouwbare bronnen binnen CERN beroept, zou een glasvezelkabel tussen een GPS-ontvanger en een van de computers in het lab los hebben gezeten. Deze GPS-ontvanger werd gebruikt om de vertrek- en aankomsttijden van de neutrino's te klokken. Of de loszittende kabel inderdaad de oorzaak is geweest van het sneller-dan-het-licht-resultaat zal later dit jaar blijken. Dan zal het neutrino-experiment nog eens dunnetjes worden overgedaan.
Meer informatie:
Error Undoes Faster-Than-Light Neutrino Results
Loose Cable Explains Faulty 'Faster-than-light' Neutrino Result
22 februari 2012
Op 6 juni aanstaande trekt de planeet Venus in zes uur tijd precies voor de zon langs, een zeldzaam verschijnsel waarvan het laatste gedeelte 's morgens vanuit Nederland zichtbaar is. Voor het waarnemen van deze 'Venusovergang' is door Steven van Roode van het Transit of Venus Project een speciale app ontwikkeld. De app helpt de gebruiker bij het herhalen van een historisch experiment: het bepalen van de afstand tot de zon aan de hand van dit zeldzame verschijnsel. De Venusovergangen van 1761, 1769, 1874 en 1882 zijn gebruikt om een voor de sterrenkunde belangrijke meting te verrichten. Door de tijdstippen van het begin en het einde van de Venusovergang precies te bepalen vanaf verschillende plaatsen op aarde, kon de afstand tot de zon nauwkeurig berekend worden. Bij het herhalen van dit experiment hebben de waarnemers in juni aanstaande met de app een instrument in handen waarvan hun achttiende- en negentiende-eeuwse voorgangers slechts konden dromen: een nauwkeurige klok, GPS-ontvanger en verzender van meetgegevens in één. Zodra een waarneming in de database binnenkomt, wordt de afstand tot de zon berekend. 'Iedereen kan meedoen. Het enige wat je hoeft te doen is Venus goed in de gaten houden bij het begin of het einde van de overgang, op je touchscreen tappenen zodra je Venus de zonsrand ziet raken en vervolgens je gegevens verzenden,' aldus Van Roode. De app voor de iPhone is nu al gratis te downloaden via de App Store; een versie voor Android verschijnt binnenkort.
Meer informatie:
Speciale app voor zeldzame Venusovergang
Meer informatie over app
16 februari 2012
Het vijfde Automated Transfer Vehicle (ATV), dat door het Europese ruimteagentschap ESA zal worden gebruikt om het internationale ruimtestation ISS te bevoorraden, wordt vernoemd naar de Belgische priester/natuurkundige Georges Lemaître (1894-1966). Het ATV weegt bij lancering ruim 20 ton en kan maximaal 8 ton lading vervoeren (voedsel, water, wetenschappelijke instrumenten en vooral brandstof). Lemaître maakte naam als kosmoloog. In 1927 ontdekte hij een klasse van oplossingen voor Einsteins relativistische vergelijkingen die een uitdijend in plaats van statisch heelal beschreven - een idee waar Einstein maar moeilijk aan kon wennen. Toch gaven de waarnemingen Lemaître korte tijd later gelijk. Omdat een uitdijend heelal een beginpunt moet hebben, kwam Lemaître enkele jaren later op de gedachte dat het heelal ooit als een superdichte massa - een 'oeratoom' - moet zijn begonnen. Daarmee introduceerde hij in feite het idee van de oerknal, dat nog steeds aan de basis staat van de moderne kosmologie. De overige ATV's zijn vernoemd naar Jules Verne, Johannes Kepler, Edoardo Amaldi en Albert Einstein. De beide eerste hebben hun (eenmalige) vlucht al achter de rug, nummer 3 volgt in maart van dit jaar. Einstein en Lemaître zijn in 2013 en 2014 aan de beurt.
Meer informatie:
Fifth ATV named after Georges Lemaître
13 februari 2012
Maandagmorgen op 11.00 uur Nederlandse tijd is vanaf de Europese lanceerbasis in Kourou, Frans Guyana, met succes de eerste Vega-draagraket gelanceerd. De Vega is een nieuwe Europese raket, die lichter is dan de beproefde Ariane, en die de Europese ruimtevaartorganisatie ESA een sterkere concurrentiepositie moet geven op het gebied van de lancering van relatief kleine satellieten. Tijdens deze eerste kwalificatievlucht werd onder andere een Italiaanse kunstmaan in een baan om de aarde gebracht die precisiemetingen gaat doen ter bevestiging van Einsteins relativiteitstheorie. De ontwikkeling van de Vega-raket startte in 2003, met bijdragen van zeven ESA-lidstaten, waaronder Nederland.
Meer informatie:
ESA's new Vega launcher scores success on maiden flight
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
31 januari 2012
De Leidse sterrenkundige Ignas Snellen heeft een Vici-subsidie van NWO ontvangen om onderzoek te doen aan exoplaneten - planeten rond andere sterren dan onze zon, waarvan we sinds kort weten dat ze in overvloed voorkomen in de Melkweg. Het uiteindelijke doel is om bij aardachtige planeten te onderzoeken of er ook leven voorkomt.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
31 januari 2012
De Utrechtse vestiging van SRON Netherlands Institute for Space Research verhuist vermoedelijk naar het Science Park Watergraafsmeer in Amsterdam. Die locatie heeft in elk geval de voorkeur van SRON. Het huidige gebouw van SRON, op het Utrechtse universiteitsterrein De Uithof, zou over een aantal jaren ingrijpend gerenoveerd moeten worden; onderzoek heeft uitgewezen dat nieuwbouw een goedkopere oplossing biedt. Bovendien blijft in Amsterdam de belangrijke verbinding bestaan met universitair astrofysisch onderzoek - die link komt in Utrecht te vervallen als gevolg van de beslissing van de Universiteit Utrecht om het Sterrenkundig Instituut te sluiten. Een definitief besluit over de nieuwe locatie voor SRON Utrecht valt later dit jaar; de realisatie van de nieuwbouw gaat zeker vijf jaar duren.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
28 januari 2012
Nadat drie vrijwilligers zich in Moskou 520 dagen hebben laten opsluiten om de psychologische effecten van een bemande reis naar Mars te onderzoeken, willen onderzoekers van de Cornell-universiteit een nieuwe Mars-simulatie uitvoeren, waarbij vooral bekeken wordt wat het effect is van een langdurig 'Mars-menu'. Daartoe worden zes vrijwilligers gezocht die vier maanden verblijven in een nagebouwde Marslander op Hawaii. Het is de bedoeling dat de simulatie komende zomer van start gaat. De onderzoekers zijn vooral benieuwd naar de psychologische en fysiologische gevolgen van een bepe'rkt 'Mars-menu', waarbij de vrijwilligers niet alleen instant 'astronautenvoedsel' eten, maar ook zelf eenvoudige maaltijden kunnen bereiden, zoals dat tijdens een langdurig verblijf op Mars ook mogelijk is. Geïnteresseerde vrijwilligers kunnen zich tot eind februari aanmelden.
Omschrijving van het project, met informatie over aanmelding
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
5 januari 2012
Dit jaar bestaat de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) vijftig jaar. Dat wordt gevierd met allerlei evenementen en publieksactiviteiten. Eigenlijk omvat ESO drie afzonderlijke sterrenwachten, die allemaal in het noorden van Chili te vinden zijn. De eerste werd gebouwd op de 2400 meter hoge berg La Silla. Deze sterrenwacht is uitgerust met verscheidene optische telescopen met spiegeldiameters tot 3,6 meter, waaronder de New Technology Telescope - de eerste telescoop ter wereld waarbij gebruik werd gemaakt van computergestuurde, actieve optiek. In 1999 werd op de berg Paranal de tweede sterrenwacht in gebruik genomen. Hier bevindt zich onder meer de Very Large Telescope - een viertal 8,2-meter telescopen die tot de grootste optische telescopen ter wereld behoren. Op de Chajnantor-hoogvlakte werkt ESO, samen met Noord-Amerikaanse en Oost-Aziatische partners, momenteel aan de Atacama Large Millimeter/submillimeter Array (ALMA) - het grootste astronomische project van dit moment. ALMA bestaat uit 66 schotelantennes van hoge precisie die als één instrument de bouwstenen van sterren, planetenstelsels, sterrenstelsels en het leven zullen onderzoeken. De bouw van ALMA zal in 2013 voltooid zijn, maar voor een deel is de array al sinds 2011 in bedrijf. Ter gelegenheid van het jubileum organiseert ESO dit jaar onder meer een wetenschappelijk symposium, een reizende tentoonstelling en een groot verjaardagsgala. Ook zullen een documentaire en een rijk geïllustreerd boek over de geschiedenis van ESO worden uitgegeven.
Meer informatie:
ESO viert vijftig jaar van nieuwe astronomische hoogtepunten
27 december 2011
Een astrofysicus en een econoom van de Johns Hopkins University in Baltimore hebben een nieuw kalendersysteem ontwikkeld waarbij een bepaalde datum altijd op dezelfde weekdag valt. Volgens Richard Conn Henry en Steve Hanke biedt dat grote economische voordelen. Zo wordt het plannen van bepaalde activiteiten veel eenvoudiger, evenals het uitvoeren van meerjarige economische berekeningen.
In het nieuwe kalendersysteem hebben alle maanden 30 dagen, behalve maart, juni, september en december - die tellen 31 dagen. Een jaar duurt op die manier 364 dagen, wat ongeveer 1,25 dagen korter is dan de werkelijke omlooptijd van de aarde om de zon. Door eens in de paar jaar aan het eind van december een extra week in te lassen, wordt daarvoor gecompenseerd.
De twee wetenschappers publiceren hun 'Hanke-Henry Permanent Calendar'-voorstel in het januarinummer van het tijdschrift Global Asia.
Meer informatie:
Time for a Change? Johns Hopkins Scholars Say Calendar Needs Serious Overhaul
Hanke-Henry Permanent Calendar
Artikel in het januarinummer van Global Asia.
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
24 december 2011
De bovenste rakettrap van de Sojoez-raket waarmee André Kuipers woensdagmiddag is vertrokken naar het internationale ruimtestation ISS is eind van de middag even voor half zes teruggekeerd in de aardse dampkring. In Oost-Nederland en Duitsland hebben veel ooggetuigen de terugkeer van de rakettrap waargenomen: gedurende ongeveer een halve minuut was een zeer heldere 'vallende ster' zichtbaar, die zich min of meer horizontaal aan de hemel verplaatste, van het zuidzuidwesten richting het oosten. Tijdens het verbranden in de damprking, als gevolg van de wrijving, is de rakettrap in stukken uiteengevallen. Tijdstip en richting van de 'meteoor' komen volgens meteoor- en satelliet-deskundige Marco Langbroek uit Leiden goed overeen met de voorspellingen van de Amerikaanse organisatie Space-Track.
Meer informatie:
Bericht op weblog van Sattrackcam Leiden
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
22 december 2011
In oktober 2011 was het vijftig jaar geleden dat de Utrechtse sterrenkundige Kees de Jager met een werkgroep een aanzet gaf tot het 'wetenschappelijk ruimteonderzoek' in Nederland. SRON Netherlands Institute for Space Research - voortgekomen uit onder andere deze werkgroep - viert dit met de lancering van de website 'Canon van het Nederlands ruimteonderzoek'. Aan de hand van vijf toptienlijstjes schetst de nieuwe site een kernachtig beeld van de beeldbepalende Nederlandse pioniers, de wetenschappelijke doorbraken, de invloedrijkste experimenten, de sleuteltechnologieën en de grote nog openstaande wetenschappelijke vragen. De site is vanaf 23 december officieel toegankelijk. In januari/februari is er in het Space Expo te Noordwijk een bijbehorende, kleine tentoonstelling over het Nederlandse ruimteonderzoek te zien. Behalve de toptienlijstjes van de website, Nederlandse hardware en filmpjes krijgt de bezoeker veel informatie over toekomstige missies.
Meer informatie:
Lancering website: canon 50 jaar Nederlands ruimteonderzoek
Canon van het Nederlands ruimteonderzoek
Space Expo Noordwijk
19 december 2011
John Grunsfeld wordt met ingang van 2012 de nieuwe wetenschapsdirecteur van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA. Hij volgt Ed Weiler op, die de functie sinds mei 2008 bekleedde, nadat hij eerder ook al zes jaar lang een hoge wetenschapsfunctie bij NASA vervulde.
Grunsfeld (53), momenteel adjunct-directeur van het Space Telescope Science Institute in Baltimore, is natuurkundige en voormalig astronaut. Hij maakte vijf shuttlevluchten, en bracht drie maal een bezoek aan de Hubble Space Telescope tijdens onderhouds- en reparatievluchten, waarbij hij in totaal acht ruimtewandelingen maakte.
Meer informatie:
Physicist and Former Astronaut John Grunsfeld to Head NASA Science Directorate
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
19 december 2011
Bij het digitaliseren van duizenden oude boeken en manuscripten gaat de 536 jaar oude Bibliotheek van het Vaticaan gebruik maken van een sterrenkundig bestandsformaat: FITS (Flexible Image Transport System). FITS is tientallen jaren geleden ontwikkeld door radio-astronomen, maar wordt tegenwoordig onder andere door de Europese ruimtevaartorganisatie ESA gebruikt voor vrijwel alle sterrenkundige waarnemingsgevens van (ruimte-)telescopen als Hubble, Herschel, XMM-Newton enzovoort. Het open source-bestandsformaat is uniek omdat alle informatie die nodig is om het te decoderen deel uitmaakt van elk afzonderlijk FITS-bestand. Daardoor zullen de bestanden ook in de toekomst altijd probleemloos leesbaar blijven. Het blijkt nu dat het FITS-bestand ook uitstekend toepasbaar is voor het scannen en digitaliseren van de collectie van de Vaticaan-bibliotheek. Italiaanse sterrenkundigen werken sinds kort samen met het Vaticaan in een proefproject.
Meer informatie:
Star images helping to save Vatican books
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
12 december 2011
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA begint vandaag een eigen radiozender op internet, Third Rock geheten. De naam verwijst naar de aarde als planeet ('third rock from the sun'), maar ook naar de aard van de muziek die op de zender te horen zal zijn: oude en nieuwe, conservatieve en alternatieve rock. Met "Third Rock - America's Space Station" richt NASA zich nadrukkelijk op een jong, technologisch georiënteerd publiek. De muziek wordt afgewisseld met nieuwsberichten en achtergrondreportages over ruimteonderzoeksprojecten van NASA. Voorlopig is Third Rock alleen via de NASA-website te beluisteren; binnenkort ook via iPhone- en Android-apps.
Meer informatie:
NASA Engages Public With New Custom Internet Radio Station
Luister naar Third Rock
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
8 december 2011
Uit een intern onderzoek bij het Amerikaanse ruimteagentschap NASA blijkt dat er een beetje slordig is omgesprongen met de kleine stukjes maansteen en meteorieten die de afgelopen veertig jaar aan wetenschappers en instellingen zoals musea zijn uitgeleend. Alles bij elkaar zijn in die periode vijfhonderd monsters zoekgeraakt of gestolen, waarvan zestig procent nog steeds spoorloos is. Op het totale aantal uitleningen valt dat trouwens wel mee: verreweg de meeste van de 26.000 geleende monsters werden weer keurig bij de rechtmatige eigenaar ingeleverd. NASA is dan ook niet van plan om het uitlenen van het kostbare, vaak unieke materiaal te staken. Enkele tientallen stukjes maansteen bleken trouwens nog bij twee wetenschappers te liggen die meer dan vijftien jaar geleden door hen waren geleend. Eén van de wetenschappers bleek al 35 jaar negen maanmonsters in zijn bezit te hebben, die hij nog steeds niet onderzocht had.
Meer informatie:
The Misplaced Stuff: NASA loses moon, space rocks
NASA's Management Of Moon Rocks And Other Astromaterials Loaned For Research, Education, And Public Display (pdf)
5 december 2011
De afstand tot de maan is dankzij lasermetingen bekend tot op een centimeter nauwkeurig. Toch wordt komend weekend een internationale campagne gehouden om die afstand te bepalen, maar dan met behulp van klassieke methoden die ook in de tijd van de Grieken al voorhanden waren. De campagne wordt georganiseerd door het educatieve tijdschrift The Classroom Astronomer.
Op zaterdag 10 december is tijdens de opkomst van de volle maan (aan het einde van de middag) het laatste deel van een totale maansverduistering zichtbaar. Vanuit andere delen op aarde is de maansverduistering in zijn geheel te zien. Tijdens een totale maansverduistering beweegt de maan door de schaduw van de aarde.
De tijd die de maan nodig heeft om de aardschaduw te doorkruisen, is mede afhankelijk van de afstand tussen aarde en maan. (Die afstand varieert nogal, doordat de maan in een enigszins ellipsvormige baan beweegt.) Ook metingen aan de positie van de maan ten opzichte van de sterren aan de hemel levert een bepaling op voor de afstand: gezien vanuit de ene plaats op aarde staat de maan op een net iets andere positie dan gezien vanuit een andere plaats.
Tijdens de International Measure the Moon Night is het de bedoeling dat er over de hele wereld metingen worden gedaan aan de duur en het verloop van de eclips, en aan de plaats van de maan tussen de sterren. Die laatste kan bepaald worden op basis van foto's die tijdens de totale verduistering zijn gemaakt. Aan de hand van al die metingen kan de afstand tot de maan worden berekend. Dan zal ook blijken welke van de twee methoden eigenlijk nauwkeuriger is.
Measure The Moon
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
29 november 2011
De Royal Astronomical Society of Canada (RASC) heeft de handgeschreven logboeken van de befaamde amateur-astronoom David Levy online gezet. De pdf-bestanden omvatten het complete, meer dan 16.000 waarneemsessies tellende persoonlijke archief dat Levy in de loop van meer dan een halve eeuw heeft opgebouwd. David Levy, mede-ontdekker van komeet Shoemaker-Levy 9 die in 1994 op de planeet Jupiter neerstortte, is een van de meest productieve amateur-astronomen van onze tijd. Hij is (mede-)ontdekker van 22 kometen en 150 planetoïden en de eerste die kometen zowel visueel, fotografisch als elektronisch wist te ontdekken. Ook is hij de schrijver van populair-wetenschappelijke boeken over de sterrenhemel.
Meer informatie:
David H. Levy Logbooks
25 november 2011
In een deze maand te verschijnen publicatie in het internationale tijdschrift Communicating Astronomy with the Public beschrijft de Groningse sterrenkundehoogleraar Peter Barthel zijn onderzoek naar illustraties van de maan op cadeaupapier en in kinderboeken, in Nederland en Amerika. In veel gevallen staat de halve maan of de maansikkel verkeerd afgebeeld op Nederlands sinterklaaspapier en in kinderboeken: in plaats van de avondmaan wordt vaak de ochtendmaan getekend. 'Dat is fout,' vindt de hoogleraar, 'want we hebben pakjesavond en niet pakjesochtend'. De Amerikanen doen het iets beter maar ook daar komt soms een verkeerde maan voor op Santa Claus-illustraties en op kerstkaarten. 'Mijn onderzoek toont aan dat de leek - in dit geval de illustrator - niet begrijpt hoe de fasen van de maan ontstaan, en dat kennelijk ook niet wil begrijpen,' aldus Barthel. 'Dat is natuurlijk ook niet vreselijk belangrijk, maar aan de andere kant is het simpel om te snappen en geeft het een kick als je het wél begrijpt.' Hoewel het onderzoek van sterrenstelsels Barthels eigenlijke werk is, vindt hij wetenschapseducatie en -communicatie heel belangrijk. 'Als deze publicatie-met-een-knipoog tot resultaat heeft dat meer mensen snappen dat de volle maan opkomt als de zon ondergaat, en dat een maansikkel ontstaat doordat de zon van opzij, dat wil zeggen van rechts in de avond en van links in de ochtend, op de maan schijnt, dan zijn de twee weken die dit onderzoek me hebben gekost absoluut de moeite waard geweest,' aldus de prof.
Meer informatie:
Welke maan schijnt door de bomen?
21 november 2011
Op tientallen vluchten van Air France naar Azië, Noord- en Zuid-Amerika, Afrika en Oceanië kunnen passagiers unieke Europese satellietbeelden zien van het landschap waar ze overheen vliegen, dankzij een jarenlange samenwerking tussen de luchtvaartmaatschappij en de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. Vele honderden satellietfoto's zijn onlangs toegevoegd aan het Geovision-systeem, waarmee reizigers ook het verloop van hun vlucht kunnen bijhouden. De opnamen zijn gemaakt door de Europese satellieten Envisat en Proba, door de Koreaanse kunstmaan Kompsat, en door de Franse aardonderzoekssatelliet SPOT. In de toekomst moeten nog veel meer satellietfoto's worden toegevoegd.
Meer informatie:
First-class views of the world below
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
18 november 2011
De wetenschappers van het Europese deeltjesfysicalaboratorium CERN die in september bekendmaakten dat neutrino's - een bepaald soort subatomaire deeltjes - iets sneller bewegen dan het licht, houden voorlopig voet bij stuk. Een aangepaste versie van hun experiment laat dezelfde overtreding van Einsteins 'maximumsnelheid' zien. Bij het experiment worden neutrino's die bij CERN in Genève worden gegenereerd, opgevangen door een ondergrondse detector in het 720 kilometer verderop gelegen Gran Sasso-laboratorium in Italië. In de oorspronkelijke versie werden relatief lange neutrinopulsen van tien microseconden gebruikt. Dat kwam de onderzoekers op de kritiek te staan dat ze hiermee relatief grote fouten in de gemeten aankomsttijden van de neutrino's introduceerden. Bij de aangepaste versie van het experiment is dat ondervangen door neutrinopulsen te genereren die duizenden keren korter waren (3 nanoseconden). Dat vergroot de nauwkeurigheid van de gemeten aankomsttijden aanzienlijk, maar tegelijkertijd is het aantal gemeten neutrino's per puls ook veel lager dan voorheen. Hoe dan ook: het resultaat blijft onveranderd. Ook bij het nieuwe experiment komen de neutrino's een minieme fractie van een seconde te vroeg over de eindstreep in Gran Sasso. Maar daarmee is het laatste woord nog niet gesproken: de zoektocht naar andere zwakke punten in het experiment - bijvoorbeeld een kleine afwijking in de synchronisatie van de klokken die in Genève en Gran Sasso worden gebruikt - gaat onverminderd door.
Meer informatie:
Neutrinos still faster than light in latest version of experiment
14 november 2011
De sensoren die ontwikkeld zijn voor de Europese ruimtemissie LISA Pathfinder blijken veel nauwkeuriger te werken dan werd verwacht. LISA Pathfinder moet halverwege 2014 gelanceerd worden om technieken te beproeven voor het detecteren van zwaartekrachtsgolven - zich voortplantende minuscule vervormingen in de ruimtetijd die opgewekt worden door onder andere supernova-explosies en versmeltende zwarte gaten. Daarmee is LISA Pathfinder een voorloper van een mogelijke toekomstige grote ruimtemissie die zulke zwaartekrachtsgolven daadwerkelijk zou kunnen ontdekken.
Om de minieme vervormingen van de ruimtetijd te registreren, moeten onderlinge afstanden en hoeken van spiegelende oppervlakken met extreem hoge nauwkeurigheid worden opgemeten. Tijdens vacuümtests bij temperaturen zoals die in de ruimte heersen, wisten technici in Duitsland de onderlinge hoek tussen twee sensorspiegels te bepalen met een nauwkeurigheid van een tienmiljardste graad (overeenkomend met de hoek waaronder we vanaf de aarde de voetafdruk van een Apollo-astronaut op de maan zien), en hun onderlinge positie tot op een nauwkeurigheid van twee picometer, ongeveer een vijftigste van de middellijn van een atoom. In beide gevallen is de behaalde nauwkeurigheid aanzienlijk beter dan de minimaal vereiste precisie.
Meer informatie:
LISA Pathfinder takes major step in hunt for gravity waves
LISA Pathfinder
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
14 november 2011
President Robbert Dijkgraaf van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen wordt per 1 juli 2012 directeur van het Institute for Advanced Study in Princeton (IAS), Verenigde Staten. Het is de tweede keer in de ruim tachtigjarige historie van het instituut dat een niet-Amerikaan deze eer te beurt valt. Het IAS geniet wereldfaam, niet in de laatste plaats doordat 27 Nobelprijswinnaars, waaronder Albert Einstein, aan het instituut verbonden waren.
Als directeur van het IAS zal Robbert Dijkgraaf - conform de traditie van dat ambt - bestuurlijke taken en onderzoekswerk combineren. Dijkgraaf heeft een lange relatie met het instituut. Begin jaren negentig was hij er werkzaam en in 2002 keerde hij er voor korte tijd terug. Het Institute for Advanced Study is het kloppend hart van Robbert Dijkgraafs onderzoeksgebied: de snaartheorie.
Meer informatie:
Persbericht Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen
Institute for Advanced Study
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
10 november 2011
De eerste sterren in het heelal waren niet zo kolossaal als voorheen werd gedacht. Dat blijkt uit computersimulaties waarvan de resultaten in Science (11 november) zijn gepubliceerd. Met behulp van een computermodel dat de omstandigheden in het vroege heelal nabootst, hebben astronomen van NASA's Jet Propulsion Laboratory virtuele sterren laten 'groeien'. Dat ging trouwens aanzienlijk sneller dan in het echt: de noodzakelijke berekeningen duurden 'slechts' enkele weken. De resultaten waren verrassend. Tot nu toe werd gedacht dat de eerste sterren de grootste ooit waren, met massa's die honderden keren zo groot waren als die van onze zon. Maar de nagebootste sterren bleven onder de honderd zonsmassa's. Sterren ontstaan door het samentrekken van grote wolken van gas onder invloed van de zwaartekracht. Helemaal zonder slag of stoot gaat dat niet: doordat het samentrekkende gas steeds heter wordt, ontstaat er een tegendruk die de stervorming probeert tegen te houden. Bij de vorming van normale sterren zoals onze zon wordt die hindernis overwonnen door de aanwezigheid van zware elementen, die als 'koelmiddel' fungeren. In het vroege heelal bestonden die zware elementen echter nog niet. Hierdoor konden alleen sterren ontstaan die genoeg massa hadden om de tegendruk van het gas te overwinnen. Maar die massa werd waarschijnlijk niet zo groot als tot nu toe werd gedacht. Het computermodel laat namelijk zien dat het gas in de directe omgeving van de ster-in-wording zo heet wordt, dat het niet langer naar de ster toe valt, maar aan de zwaartekracht ervan ontsnapt. Hierdoor stopt de groei van de ster sneller dan verwacht.
Meer informatie:
New Study Shows Very First Stars Not Monstrous
10 november 2011
Bij de deeltjesversneller van de European Synchrotron Radiation Facility (ESRF) in Grenoble is vandaag een nieuwe 'bundellijn' in gebruik genomen. Daarmee kunnen wetenschappers binnenkort materie onderzoeken bij temperaturen en drukken die zo extreem zijn, dat ze alleen met behulp van krachtige gepulseerde lasers gedurende enkele microseconden tot stand kunnen worden gebracht. Deze extreme materietoestand wordt onder meer aangetroffen in de vloeibare ijzerkern van de aarde en in de exotische dichte materie in grote planeten zoals Jupiter. De omstandigheden in de aardkern - een druk van drieënhalf miljoen atmosfeer en een temperatuur van ruwweg tienduizend graden - kunnen in een laboratorium worden nagebootst door een klein beetje materiaal sterk samen te persen en met korte laserpulsen te bestoken. Deze onderzoeksmonsters, die niet groter zijn dan een stofkorrel, blijven na verhitting echter slechts enkele miljoensten van een seconde stabiel. Met de nieuwe uitbreiding van de ESRF kan dit hete, samengeperste materiaal nu met nauwkeurig afgestemde bundel röntgenstraling worden bestookt. Snelle, gevoelige detectors meten vervolgens welke chemische reacties zich daarin afspelen. Dat is goed nieuws voor geofysici, die geïnteresseerd zijn in de reacties die zich afspelen bij de overgang van de ijzerkern van de aarde en de mantel van gesteenten daaromheen. Veel dichter bij de 'real thing' zullen ze voorlopig niet komen, want de aardkern is aanzienlijk moeilijker bereikbaar dan de planeet Mars.
Meer informatie:
Exploring the last white spot on Earth
8 november 2011
Volgens Britse en Portugese natuurkundigen worden de krachtigste supernova-uitbarstingen in het heelal mogelijk gemaakt door zogeheten 'scalaire' zwaartekrachtsvelden. Het bestaan van zulke velden wordt door sommige theorieën voorspeld; ze zijn echter nog nooit direct waargenomen. De speculatieve ideeën zijn op 3 november gepubliceerd in het vakblad Physics Letters B.
Supernova-explosies van type II ontstaan wanneer zware reuzensterren aan het eind van hun leven zijn gekomen. De kern stort onder zijn eigen gewicht ineen, waarbij een geweldige hoeveelheid zwaartekrachtsenergie vrijkomt. Uit computersimulaties blijkt echter dat de resulterende buitenwaarts gerichte schokgolf onvoldoende energie heeft om de buitenlagen van de ster de ruimte in te blazen. Gewoonlijk wordt aangenomen dat de productie van kolossale hoeveelheden neutrino's tijdens de ineenstorting van de sterkern verantwoordelijk is voor het opnieuw op gang brengen van die schokgolf, met als gevolg dat het grootste deel van de ster uiteenspat in een extreem energierijke explosie.
De Britse en Portugese theoretici menen nu echter dat ook scalaire zwaartekrachtsvelden verantwoordelijk zouden kunnen zijn voor het opnieuw versnellen van het sterrengas. Scalaire velden zijn ook wel ingeroepen voor het verklaren van de exponentiële uitdijing van het heelal tijdens het zogeheten inflatietijdperk, in de allereerste ogenblikken van het heelal. Hun bestaan is echter nog steeds speculatief.
Meer informatie:
Physicists shed new light on supernova mystery
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
31 oktober 2011
Onderzoek door Australische en Britse wetenschappers wijst erop dat de natuurwetten zoals wij die kennen niet zo onwrikbaar zijn als ze lijken. Een onderzoek aan driehonderd quasars (verre sterrenstelsels) laat namelijk zien dat de elektromagnetische kracht, die het gedrag van geladen deeltjes regelt, niet overal in het heelal even sterk is (Physical Review Letters, 31 oktober). De ontdekking is gedaan door heel nauwkeurig naar het lijnenpatroon in de spectra van deze stelsels te kijken. Variaties in de sterkte van de elektromagnetische kracht komen tot uiting in verschillen in de onderlinge posities van deze spectraallijnen. Eerder meldden dezelfde onderzoekers al dat waarnemingen van 150 quasars met de Keck-telescoop op Hawaï lieten zien dat de elektromagnetische kracht in die verre stelsels een heel klein beetje zwakker is dan hier op aarde. Opmerkelijk genoeg blijkt uit vervolgonderzoek met de Europese Very Large Telescope in Chili dat de elektromagnetische kracht in quasars die aan de andere kant van de hemel staan juist sterker is. Als deze ontdekking kan worden bevestigd, is dat een steun in de rug voor bepaalde versies van de zogeheten 'Theorie van Alles', waarmee fysici de vier bekende fundamentele natuurkrachten onder één noemer trachten te brengen. Ook zou de graduele verandering van de sterkte van de elektromagnetische kracht erop kunnen wijzen dat het heelal veel groter is dan het 'stukje' dat wij ervan kunnen waarnemen.
Meer informatie:
Nature's laws may vary across the Universe
31 oktober 2011
Meldde de Washington Times vorige week nog dat de naar exoplaneten speurende NASA-satelliet Kepler mogelijk al halverwege zijn missie zal worden uitgeschakeld, bij NASA zelf denken ze daar anders over. Volgens plaatsvervangend Kepler-projectmanager Charles Sobeck zal in januari juist een verlengingsverzoek worden ingediend. Het in bedrijf houden van Kepler kost ongeveer 20 miljoen dollar per jaar. Maar die kosten vallen in het niet bij het opstarten van welke nieuwe ruimtemissie dan ook. Astronomen die zich met het onderzoek van planeten buiten ons zonnestelsel bezighouden, kunnen zich dan ook nauwelijks voorstellen dat de zeer succesvolle Kepler-satelliet vroegtijdig wordt uitgeschakeld. Toch is ook Sobeck zich ervan bewust dat er binnen NASA keuzes moeten worden gemaakt. 'Iedereen kampt met krappe budgets,' zegt hij op Space.com. 'Kepler heeft veel medestanders op het hoofdkantoor, maar dat hebben andere missies ook.'
Meer informatie:
NASA Planet-Hunting Telescope Could Get Mission Extension
26 oktober 2011
Volgens uitgelekte informatie zou de Amerikaanse regering de intentie hebben om het planeetonderzoeksprogramma van het ruimteagentschap NASA stop te zetten. De lanceringen van het Mars Science Laboratory (over vier weken) en de bijna voltooide Marsorbiter MAVEN (in 2013) gaan nog gewoon door, maar daarna zou het gedaan zijn met de planetenmissies. Bovendien dreigt ook de Kepler-satelliet, die naar planeten bij andere sterren speurt, halverwege zijn missie te worden uitgeschakeld en zal de James Webb Space Telescope, de met veel vertraging kampende opvolger van de Hubble-ruimtetelescoop, mogelijk niet worden voltooid. Dat meldt de Washington Times. De reden voor deze draconische maatregelen is simpelweg geldtekort. Hoewel het NASA-budget de laatste jaren niet is gegroeid, zijn de overheidsuitgaven sinds 2008 met veertig procent toegenomen. Om het oplopende tekort te dekken, worden blijkbaar alle opties onderzocht - zelfs het stopzetten van het succesvolle wetenschappelijke onderzoeksprogramma van NASA.
Meer informatie:
Obama readies to blast NASA
25 oktober 2011
Wetenschappers en technici van NASA's Swift-kunstmaan hebben een gratis app geproduceerd waarmee de gebruiker direct op de hoogte wordt gehouden van de ontdekking van nieuwe gammaflitsen en andere onverwachte hoogenergetische verschijnselen in het heelal. Gammaflitsen zijn de krachtigste explosies in de kosmos, maar de gammastraling die ze produceren dringt niet door de aardse dampkring heen. Zodra de Swift-satelliet er een ontdekt worden grote telescopen op de grond op de hoogte gesteld, zodat er direct gezocht kan worden naar optische tegenhangers. Die zijn in de meeste gevallen zeer zwak, maar heel af en toe zijn deze 'nagloeiers' helder genoeg om met een kleine telescoop waar te nemen. Dankzij de nieuwe app, die geschikt is voor iPhone, iPod en iPad, kunnen geavanceerde sterrenkunde-amateurs nu zelf op jacht naar de nagloeiers van gammaflitsen. Daarnaast biedt de app allerlei informatie over het Swift-project, de positie boven het aardoppervlak, enzovoort.
Meer informatie:
Now There's an App for NASA's Swift Observatory
Swift
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
24 oktober 2011
De Europese onderzoeksorganisatie ERC (European Research Council) heeft een Advanced Investigator Grant toegekend aan Prof. dr. Thijs van der Hulst, hoogleraar extragalactische radiosterrenkunde aan het Kapteyn Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen, en aan Prof. dr. Ewine van Dishoeck, hoogleraar moleculaire astrofysica aan de Leidse Sterrewacht van de Universiteit Leiden.
Van der Hulst krijgt een bedrag van 2,5 miljoen euro voor zijn vijfjarige onderzoeksproject naar de rol die neutraal waterstof speelt in de evolutie van sterrenstelsels. De nieuwe groothoek-radiocamera APERTIF van de radiosterrenwacht Westerbork zal daarbij worden gebruikt. Aan Van Dishoeck is hetzelfde bedrag van 2,5 miljoen euro toegekend voor onderzoek aan de geboorteplaatsen van nieuwe sterren en planeten met het nieuwe ALMA-observatorium in Chili.
Nederlandse astronomen hebben tot nu toe in totaal zes Advanced ERC Grants verworven, waarmee Nederland aan de Europese top staat.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
European Reserach Council
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
4 oktober 2011
Saul Perlmutter, Brian Schmidt en Adam Riess delen de Nobelprijs Natuurkunde 2011 voor hun ontdekking van de versnellende uitdijing van het heelal. Dat maakte het Nobelcomité vanmorgen bekend. De prijs van ruim 1,1 miljoen euro wordt in december uitgereikt in Stockholm. Op basis van precisiewaarnemingen van verre supernova's toonden de drie astronomen (werkend in twee verschillende teams) in 1998 aan dat de uitdijingssnelheid van het heelal niet geleidelijk afneemt, zoals altijd werd verwacht, maar juist toeneemt, kennelijk als gevolg van een mysterieuze 'donkere energie' in de lege ruimte. De ware aard van die donkere energie is momenteel een van de grootste mysteries in de kosmologie. Perlmutter, leider van het Supernova Cosmology Project, ontvangt de ene helft van de prijs; Schmidt en Riess, die leiding gaven aan het High-z Supernova Team, delen de andere helft. In 2006 won het drietal ook al de Shaw Prize; beide onderzoeksteams wonnen in 2007 de Gruber Cosmology Prize.
Meer informatie:
Persbericht Nobel-comité
Persbericht Universiteit van Californië in Berkeley
Persbericht Space Telescope Science Institute
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
30 september 2011
Totale zonsverduisteringen veroorzaken trage golven in de hoge aardatmosfeer. Dat blijkt uit een onderzoek met een dicht netwerk van GPS-ontvangers waarmee de invloed is gemeten van de zonsverduistering die op 22 juli 2009 over Taiwan en Japan trok. Tijdens een totale zonsverduistering werpt de maan zijn schaduw op de aarde. Groot is die schaduw niet: hij bedekt slechts een half procent van het aardoppervlak. Toch koelt het ter plaatse merkbaar af. Al begin jaren zeventig opperden wetenschappers het idee dat deze temperatuurdaling golfbewegingen in de atmosfeer zouden kunnen veroorzaken. Zij voorspelden dat de golven zich aan de voorkant van het schaduwspoor van de maan zouden ophopen, als de boeggolf van een schip, omdat ze trager bewegen dan het schaduwspoor zelf. Die voorspelling blijkt te kloppen. Met de GPS-ontvangers zijn veranderingen in de elektronendichtheid van de ionosfeer gemeten, die door golfbewegingen met een periode van drie tot vijf minuten werden veroorzaakt. De golven planten zich met een snelheid van ongeveer honderd meter per seconde voort en zijn daarmee ruwweg tien keer zo langzaam als de maanschaduw.
Meer informatie:
Bow and stern waves triggered by the Moon's shadow boat
24 september 2011
De 6000 kilogram zware Amerikaanse Upper Atmosphere Research Satellite (UARS), die operationeel was tussen 1991 en 2005, is in de vroege ochtend van zaterdag 24 september (Nederlandse tijd) veilig neergekomen in de Stille Oceaan. In de dagen voor de terugkeer van de satelliet in de aardse dampkring was lange tijd onduidelijk waar de brokstukken van UARS precies neer zouden komen. Enige tijd lagen Noord-Amerika, West-Europa en Centraal-Afrika in de 'gevarenzone'. Naar het zich nu laat aanzien, is het ruimtepuin echter in de oceaan geplonsd, ten westen van Noord-Amerika. Een bericht zaterdagochtend dat er neergekomen ruimtepuin gevonden zou zijn in Canada bleek een hoax te zijn. De exacte locatie waar UARS is neergekomen is niet bekend; brokstukken zullen vermoedelijk nooit worden teruggevonden.
Meer informatie:
NASA's UARS Re-Enters Earth's Atmosphere
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
23 september 2011
Nog voordat de restanten van de Amerikaanse onderzoekssatelliet UARS op aarde zijn neergeploft (of -geplonsd), dient zich alweer het volgende grote brok ruimteschroot aan. Eind oktober is het de beurt aan de succesvolle Duitse röntgensatelliet ROSAT. Met een gewicht van 2,4 ton mag ROSAT dan een stuk lichter zijn dan UARS, de verwachting is dat er grotere brokstukken van op aarde terechtkomen. De röntgensatelliet is namelijk veel degelijker van constructie en daardoor beter bestand tegen de hitte die bij de terugkeer in de aardatmosfeer optreedt. Het Duitse ruimteonderzoekslab DLR gaat ervan uit dat dertig brokstukken met een totaal gewicht 1,6 ton het aardoppervlak kunnen bereiken - drie keer zo veel als de geschatte overblijfselen van UARS. Ook de kans dat brokstukken schade of slachtoffers in dichtbewoonde gebieden zullen maken, is bij ROSAT groter dan bij UARS: 1 op 2000 tegen 1 op 3200. De komende jaren zullen waarschijnlijk een toename in het aantal terugvallende satellieten laten zien. Door het actiever worden van de zon zwelt de aardatmosfeer enigszins op, waardoor objecten in lage aardbanen meer luchtwrijving ondervinden.
Meer informatie:
Second big satellite set to resist re-entry burn-up
The ROSAT mission – frequently asked questions
Overzicht van binnenkort terugkerende satellieten
22 september 2011
Een experiment bij het Europese deeltjesfysicalaboratorium CERN zou grote gevolgen kunnen hebben voor de fysica. Uit dat experiment zou namelijk blijken de neutrino's, bijna massaloze subatomaire deeltjes, iets sneller bewegen dan het licht. Als dat inderdaad zo is, ondermijnen zij de speciale relativiteitstheorie van Einstein, die als uitgangspunt heeft dat niets de lichtsnelheid kan doorbreken. De snelheidsmetingen zijn gedaan met de 1300 ton wegende deeltjesdetector OPERA, die diep onder de Italiaanse Apennijnen staat opgesteld. De afgelopen drie jaar zijn met deze detector neutrino's opgevangen die vanuit het 730 kilometer verderop gelegen Genève werden uitgezonden. Omdat neutrino's vrijwel geen reacties aangaan met normale materie, verliezen ze tijdens hun ondergrondse tocht geen snelheid. Deeltjes die met de lichtsnelheid de afstand tussen Genève en de OPERA-detector overbruggen, zouden daar 2,43 duizendste van een seconde over moeten doen. Neutrino's lijken daar echter lak aan te hebben en zijn gemiddeld 60 miljardste van een seconde eerder op hun bestemming. Hoewel het een nogal eenvoudige meting betreft, houden fysici buiten CERN er rekening mee dat hun collega's het slachtoffer zijn van een systematische meetfout. De zwakste schakel ligt waarschijnlijk bij het genereren van de neutrino's, waartoe een trefplaat met zwaardere deeltjes (protonen) wordt beschoten. Hierdoor zit er enige onzekerheid in het tijdstip waarop de neutrino's wegschieten. Ironisch genoeg wordt dat tijdstip met behulp van GPS-metingen vastgesteld, een systeem dat zijn nauwkeurigheid aan de relativiteitstheorie te danken heeft. Het wachten is nu op de resultaten van soortgelijke metingen, die in de VS en Japan worden gehouden. Pas als ook die laten zien dat neutrino's sneller dan het licht bewegen, zullen wetenschappers echt aan de speciale relativiteitstheorie gaan twijfelen.
Meer informatie:
Neutrinos Travel Faster Than Light, According to One Experiment
OPERA experiment reports anomaly in flight time of neutrinos from CERN to Gran Sasso
19 september 2011
Wat gebeurt er als er een mini zwart gat door een ster beweegt? Shravan Hanasoge van de Princeton-universiteit en Michael Kesden van New York University hebben dat berekend met behulp van computermodellen. Dankzij de zwaartekracht van het piepkleine zwarte gaatje ontstaan er karakteristieke trillingen aan het oppervlak van de ster. Die zouden in principe vanaf de aarde waarneembaar moeten zijn, aldus de twee onderzoekers in een artikel in Physical Review Letters.
Volgens sommige kosmologische theorieën zouden er in de allereerste levensmomenten van het heelal microscopische zwarte gaatjes kunnen zijn ontstaan, met de afmetingen van elementaire deeltjes maar met de massa van planetoïden. Het is zelfs denkbaar dat op z'n minst een deel van de mysterieuze donkere materie in het heelal uit dit soort oer-zwarte gaatjes bestaat. Volgens Hanasoge en Kesden zou het ongeveer tienduizend keer per jaar moeten voorkomen dat zo'n mini zwart gat in 'botsing' komt met een van de sterren in het Melkwegstelsel.
Uit de modelberekeningen volgt dat de ster daarbij niet wordt opgeslokt, zoals bij een groter zwart gat het geval zou zijn. In plaats daarvan beweegt het microscopische zwarte gaatje met hoge snelheid dwars door de ster heen, en ontstaat er in het inwendige en aan het oppervlak van de ster een karakteristiek patroon van golven en trillingen, als gevolg van de zwaartekracht van het zwarte gaatje.
Sterrenkundigen slagen er steeds beter in om precisiewaarnemingen te doen aan de trillingen van andere sterren. Via die techniek van de asteroseismologie moet het in principe mogelijk zijn om de voorspelde patronen te detecteren en te herkennen.
Meer informatie:
Black hole, star collisions may illuminate universe's dark side
Artikel op www.physorg.com
Filmpje van trillingen aan het oppervlak van een ster wanneer er een mini zwart gat dwars doorheen vliegt
Filmpje van trillingen aan het oppervlak van een ster wanneer een mini zwart gat er schampend doorheen beweegt
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
19 september 2011
Op 17 oktober gaat een 13-daagse onderwatermissie van start bij Key Largo, Florida, met als doel het uittesten van procedures en technieken voor een toekomstige bemande ruimtevlucht naar een planetoïde. Aan de NEEMO-15 expeditie nemen astronauten en wetenschappers uit de Verenigde Staten, Japan en Canada deel, onder anderen NASA-astronaut Shannon Walker en Marsonderzoeker Steven Squyres. NEEMO 15 (NASA Extreme Environment Mission Operations) is de eerste onderwatermissie waarbij een bezoek aan een planetoïde gesimuleerd wordt. Er komen drie aspecten van een dergelijke ruimtemissie aan bod: de 'landing' op een planetoïde, het rondbewegen op het oppervlak, en het verzamelen van meetgegevens. De simulatie wordt uitgevoerd in het Aquarius Underwater Laboratory, en maakt ook gebruik van een kleine onderzeeboot, DeepWorker geheten, die model moet staan voor het toekomstige Amerikaanse Space Exploration Vehicle.
Meer informatie:
NASA Announces 15th Undersea Exploration Mission Date And Crew
NEEMO
De bemanning van NEEMO-15
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
14 september 2011
Het Amerikaanse ruimteagentschap NASA heeft vandaag het ontwerp voor een nieuwe draagraket gepresenteerd, die (uiteindelijk) in staat moet zijn mensen naar een planetoïde of de planeet Mars te brengen. De raket wordt krachtiger dan de Saturnus V-raket waarmee de Apollo-astronauten naar de maan gingen. Het nieuwe 'Space Launch System' (SLS) gebruikt vloeibare waterstof en zuurstof als brandstof en kan, afhankelijk van de uitvoering, 70 tot 130 ton lading in een baan om de aarde brengen. De eerste testvlucht staat voor eind 2017 op het programma. Wanneer de ambitieuze vluchten naar een passerende planetoïde of Mars zouden moeten plaatsvinden, is nog volkomen onzeker.
Meer informatie:
NASA Announces Design for New Deep Space Exploration System
SLS Latest News
13 september 2011
De kosmische straling - energierijke elektrisch geladen deeltjes uit het heelal - bevat een overschot aan positronen, de positief geladen antideeltjes van elektronen. Die opzienbarende ontdekking, in 2008 gedaan door de Russische PAMELA-satelliet, is nu op een ingenieuze wijze bevestigd door de Amerikaanse Fermi Gamma-ray Space Telescope. De herkomst van de positronen is echter nog steeds onopgehelderd.
De Fermi-ruimtetelescoop is ontworpen voor het detecteren van elektromagnetische gammastraling, en niet voor het identificeren van elektrisch geladen deeltjes. De Large Area Telescope van Fermi registreert wel energierijke kosmische straling, maar kan daarbij geen onderscheid maken tussen negatief geladen elektronen en positief geladen positronen. Daarvoor zou de telescoop uitgerust moeten worden met een krachtige magneet, die deeltjes met verschillende lading in verschillende richtingen afbuigt.
Onderzoekers van het Kavli Institute for Particle Astrophysics and Cosmology kwamen echter op het idee om gebruik te maken van het magnetisch veld van de aarde. Ook het aardmagnetisch veld buigt elektronen en positronen in de kosmische straling in iets verschillende richtingen af. Daardoor zijn er - gezien vanuit Fermi - bepaalde gebieden aan de hemel, aan weerszijden van de aarde, waar ófwel alleen positronen waarneembaar zijn, ófwel alleen elektronen. Door waarnemingen in die twee gebieden te verrichten, kon Fermi de relatieve verhouding tussen elektronen en positronen meten.
De bevestiging van de PAMELA-resultaten is van groot belang, omdat die metingen niet door iedereen werden geloofd. De oorzaak van het positronen-overschot is echter nog steeds niet opgehelderd. Er zijn twee mogelijkheden: de antideeltjes zouden geproduceerd kunnen zijn in de directe omgeving van energierijke pulsars, of ze zouden kunnen zijn ontstaan bij de annihilatie van donkere-materiedeeltjes. Beide mogelijke verklaringen stuiten echter op theoretische moeilijkheden, vooral omdat de Fermi-metingen laten zien dat het positronen-overschot ook op zeer hoge energieën bestaat.
De Fermi-resultaten worden binnenkort gepubliceerd in Physical Review Letters.
Artikel op physorg.com
Ferni Gamma-ray Space Telescope
Vakpublicatie over het onderzoek
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
25 augustus 2011
Het sterrenkundige kinderproject Universe Awareness (Unawe) en het workshopprogramma Deadly Moons hebben een educatieve prijs ontvangen van Science Magazine. Unawe is een binnen de Universiteit Leiden geïnitieerd mondiaal programma dat via sterrenkunde zeer jonge kinderen wil inspireren en opleiden. Unawe, dat wordt gecoördineerd vanuit de Leidse Sterrewacht, gebruikt de schoonheid en grootte van ons heelal om jonge kinderen in de leeftijd van 4-10 jaar te inspireren, in het bijzonder kinderen in een achterstandssituatie. Het programma verbreedt hun horizon, brengt hun wereldburgerschap bij en stimuleert hun interesse in wetenschap. Op de Unawe-website is materiaal bijeengebracht dat is geproduceerd door het netwerk van 500 opleiders en astronomen in 40 landen. Deadly Moons is een interactieve tekenworkshop waarbij kinderen veel leren over onze eigen maan en de andere manen in ons zonnestelsel.
Meer informatie:
SPORE Award van Science Magazine voor Universe Awareness
Website Unawe
22 augustus 2011
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA heeft drie Technology Demonstration Missions geselecteerd en investeert daarmee in de ontwikkeling van innovatieve ruimtevaarttechnologieën. Het gaat om een systeem voor optische communicatie met behulp van laser, een groot, volwaardig voortstuwingssysteem op basis van zonnezeilen, en een extreem nauwkeurige atoomklok aan boord van een satelliet. De projecten zijn voorgesteld en zullen ontwikkeld worden door teams van respectievelijk NASA's Goddard Space Flight Center, NASA's Jet Propulsion Laboratory en het Californische bedrijf L'Garde Inc. Naar verwachtingen zullen de demonstratievluchten in 2015 en 2016 gelanceerd worden, samen met andere satellieten om de kosten te drukken. In totaal investeert NASA 175 miljoen dollar in de drie projecten.
Meer informatie:
NASA Picks Three Proposals for Flight Demonstration
NASA's Office of the Chief Technologist
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
11 augustus 2011
Volgens twee natuurkundigen van de Universiteit van York zijn zwarte gaten nét iets minder zwart dan gedacht. In tegenstelling tot wat algemeen wordt aangenomen, zou er volgens Samuel Braunstein en Manas Patra toch informatie uit een zwart gat kunnen ontsnappen. In een artikel in Physical Review Letters zetten de twee natuurkundigen hun ideeën uiteen, met de kanttekening dat er nog veel onzekerheid bestaat over de interpretatie van de theoretische resultaten. Het werk van Braunstein en Patra doet vermoeden dat ruimte, tijd en zelfs zwaartekracht geen fundamentele eigenschappen van de natuur zijn, maar zogeheten 'emergente' eigenschappen, die zich pas op basis van onderliggende verschijnselen en processen beginnen te manifesteren. Kwantuminformatietheorie zou de beste kandidaat zijn voor een emergente theorie van de zwaartekracht, aldus de twee wetenschappers. Eerder kwam ook de Amsterdamse hoogleraar en Spinozaprijswinnaar Erik Verlinde al met de suggestie dat zwaartekracht een emergente eigenschap van de natuur is.
Meer informatie:
Persbericht York University
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
28 juli 2011
De Australische amateur-astronoom Alex Cherney heeft kostbare waarnemingstijd gewonnen op de 10,4-meter Gran Telescopio Canarias (Grantecan) op het Spaanse eiland La Palma - de grootste optische telescoop ter wereld. Cherney won de prijs tijdens het eerste STARMUS-festival op Tenerife, met zijn bijzondere time-lapse beelden van de sterrenhemel. Zijn waarnemingstijd op Grantecan gebruikte hij voor het vastleggen van het sterrenstelselpaar Arp 84.
Meer informatie:
Persbericht STARMUS
STARMUS 2011
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
12 juli 2011
De Nederlands-Amerikaanse astronoom Tom Gehrels, geboren op 21 februari 1925, is op 11 juli 2011 overleden in zijn woonplaats Tucson, Arizona. Gehrels was als tiener actief in het verzet, studeerde sterrenkunde in Leiden en emigreerde op jonge leeftijd naar de Verenigde Staten. Hij was principal investigator voor de fotopolarimeters aan boord van de Amerikaanse Pioneer-ruimtesondes, de eerste planeetverkenners die door de planetoïdengordel vlogen en de reuzenplaneten Jupiter en Saturnus van nabij bestudeerden.
Met de Schmidt-telescoop op Palomar Mountain voerde Gehrels in 1960 de eerste grote fotografische survey uit die speciaal was gericht op het zoeken naar planetoïden. Daarbij werkte hij samen met het Leidse astronomen-echtpaar Kees van Houten en Ingrid van Houten-Groeneveld, die de foto's opmaten. In totaal werden in deze Palomar-Leiden Survey 4177 nieuwe planetoïden ontdekt, waarvan een groot aantal inmiddels een Nederlandse naam heeft ontvangen (planetoïde 1777 is naar Gehrels zelf vernoemd).
Gehrels zette vervolgens in 1983 samen met zijn collega Bob McMillan het Spacewatch-project op, dat op de Kitt Peak-sterrenwacht in Arizona jacht maakt op planetoïden die de aarde zeer dicht kunnen naderen - de zogeheten aardscheerders. Daarnaast maakte hij naam met het opzetten en redigeren van de Space Science Series van de Universiteit van Arizona - een grote reeks dikke boekwerken over vrijwel alle facetten van het zonnestelselonderzoek. Gehrels is 86 jaar geworden.
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
4 juli 2011
Het kabinet heeft in de plannen voor het hoger onderwijs die afgelopen vrijdag zijn gepresenteerd, de financiering van de Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) verlengd. NOVA coördineert de sterrenkundige instituten van de deelnemende universiteiten van Amsterdam, Groningen, Leiden, Nijmegen en Utrecht. Het geld wordt gebruikt voor een coherent onderzoeksprogramma naar de levenscyclus van sterren, planeten en sterrenstelsels, met daaraan gekoppeld het realiseren van hightech-instrumenten voor internationale sterrenwachten zoals de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) in Chili. NOVA's wetenschappelijk directeur Ewine van Dishoeck: 'Met de zeer positieve beslissing over NOVA van het kabinet, kunnen we ook ná 2013, wanneer de huidige termijn van NOVA afloopt, toponderzoek blijven doen en vooral een nieuwe generatie excellente astronomen opleiden. De Nederlandse sterrenkunde wil wereldwijd in de Champions League blijven spelen.'
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
30 juni 2011
Een anonieme weldoener heeft Museum Boerhaave in Leiden een bedrag van 100.000 euro geschonken. Het geld is bedoeld om het museum te helpen in zijn strijd om aan sluiting voor het publiek te ontkomen. Museum Boerhaave is in zwaar weer beland doordat staatssecretaris Zijlstra (Cultuur) de spelregels heeft veranderd ten aanzien van de eigen inkomsten van musea. Direct gevolg is dat het museum binnen een half jaar eenmalig 700.000 euro extra aan eigen inkomsten moet zien te verwerven. Lukt dat niet, dan volgt sluiting per 1 januari 2013. Om dat onheil af te wenden is Museum Boerhaave, dat een grote collectie wetenschappelijke instrumenten, boeken en prenten beheert, de campagne 'Red Boerhaave!' gestart. De eerste ton is dus al binnen, het resterende bedrag zal op andere manieren verzameld moet worden. Zo zal het via de website www.museumboerhaave.nl binnenkort mogelijk zijn om tegen betaling een museumobject te adopteren. Op dezelfde website staat een toelichting op de diverse acties.
Meer informatie:
Actiepagina van Museum Boerhaave
24 juni 2011
Prof. Dr. Joop Hovenier (1936) van de Universiteit van Amterdam heeft de eerste Van de Hulst Light-Scattering Award ontvangen. Deze prestigieuze prijs, ingesteld door wetenschappelijk uitgever Elseiver, is genoemd naar de Leidse hoogleraar Henk van de Hulst (1918-2000), die baanbrekend werk heeft verricht op het gebied van lichtverstrooiing door kleine deeltjes. Hovenier deed veel theoretisch onderzoek naar lichtverstrooiing in planeetatmosferen. De prijs wordt komend najaar uitgereikt.
Meer informatie:
Origineel persbericht
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
20 juni 2011
De Nederlandse Sterrenkunde Olympiade 2011 is gewonnen door de 18-jarige Nastasha Wijers uit Heerhugowaard. Zij kreeg na een spannende finale uit handen van professor Jan Kuijpers de hoofdprijs uitgereikt: een waarneemreis naar het Roque de los Muchachos Observatory op het Canarische eiland La Palma, voor twee personen.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
20 juni 2011
Vrijdagavond 17 juni zijn op de publiekssterrenwacht Philippus Lansbergen in Middelburg bijna honderd zogenaamde blikjescamera's geopend die een half jaar lang ergens in Zeeland waren opgehangen om de baan van de zon langs de hemel vast te leggen.
De blikjescamera of pinhole camera (door iedereen zelf te maken of voor 5 euro verkrijgbaar bij de Volkssterrenwacht) bestaat uit een blikje waarin een minuscuul gaatje is geprikt. Dit werkt als een optische lens: het omgevingsbeeld wordt omgekeerd geprojecteerd in de binnenkant van het blikje, op de zijde tegenover het gaatje. Daar wordt het beeld opgevangen door een velletje fotopapier.
Op de foto's die met de blikjescamera's zijn gemaakt is de baan van de zon aan de hemel zichtbaar. Door de belichtingstijd van enkele maanden (!) zie je niet alleen hoe de zon zich van oost naar west verplaatst, met het hoogste punt in het zuiden, maar ook hoe die dagelijkse zonnebaan in de loop van de tijd steeds hoger aan de hemel komt te liggen.
Achtergrondinformatie op website van Philippus Lansbergen
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
7 juni 2011
De 2011 Shaw Prize in Astronomy wordt later dit jaar uitgereikt aan de Italiaan Enrico Costa en de Amerikaan Gerald Fishman, voor hun leidende rol in ruimteonderzoeksprojecten die de ontraadseling van het mysterie van de gammaflitsen mogelijk maakten. Costa en Fishman delen de prijs van één miljoen dollar, die jaarlijks (samen met vergelijkbare prijzen in biowetenschappen/medicijnen en wiskunde) jaarlijks wordt uitgereikt door de Shaw Prize Foundation in Hong Kong.
Costa was de hoofdonderzoeker van de Italiaans-Nederlandse kunstmaan BeppoSAX; Fishman van NASA's Compton Gamma Ray Observatory. Op basis van waarnemingen van BeppoSAX concludeerden de Nederlandse astronomen Titus Galama en Paul Groot in 1997 dat gammaflitsen - plotseling uitbarstingen van energierijke straling - niet in ons eigen Melkwegstelsel plaatsvonden, maar in ver verwijderde sterrenstelsels. Met het Compton Observatory zijn duizenden gammaflitsen waargenomen en bestudeerd.
Tegenwoordig wordt algemeen aangenomen dat 'lange' gammaflitsen (van enkele seconden tot vele minuten) ontstaan wanneer extreem zware, snel roterende sterren aan het eind van hun leven exploderen, en daarbij een zwart gat achterlaten. 'Korte' gammaflitsen (fracties van een seconde) ontstaan vermoedelijk wanneer twee compacte neutronensterren botsen en versmelten tot een zwart gat.
Meer informatie:
Persbericht Shaw Prize Foundation
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
6 juni 2011
De Nijmeegse hoogleraar astrodeeltjesfysica en radioastronomie Prof. Dr. Heino Falcke is een van de drie Spinoza-laureaten 2011. Hij ontvangt 2,5 miljoen euro van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) voor zijn wetenschappelijk onderzoek aan onder andere zwarte gaten en kosmische deeltjes. Falcke is nauw betrokken bij de revolutionaire Nederlandse radiotelescoop LOFAR (LOw-Frequency ARray) en de tyoekomstige opvolger, de Square Kilometre Array (SKA). Hij denkt dat het met behulp van radiotelescopen mogelijk moet zijn om de 'schaduw' van een zwart gat in beeld te brengen. Ook doet Falcke onderzoek aan energierijke deeltjes uit het heelal. De Spinozapremies (ook wel de 'Nederlandse Nobelprijzen' genoemd) worden jaarlijks door NWO uitgereikt. Dit jaar ontvingen ook de Amsterdamse communicatiewetenschapper Patti Valkenburg en de Amsterdamse theoretisch fysicus Erik Verlinde een Spinozapremie. Snaartheoreticus Verlinde doet onderzoek aan de fundamentele structuur van de materie en de ware aard van de zwaartekracht.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Persbericht Radboud Universiteit Nijmegen
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
23 mei 2011
De Hubble-ruimtetelescoop heeft foto's gemaakt van één enkele ster in de Andromedanevel, ter nagedachtenis aan het feit dat deze ster Edwin Hubble in 1923 in staat stelde om de afstand te bepalen tot dit stelsel. Hierdoor kon hij bewijzen dat het heelal veel groter was dan men tot dan toe dacht. Voor die tijd dachten de meeste astronomen dat spiraalnevels zoals de Andromedanevel deel uit maakten van ons eigen Melkwegstelsel. Hubble ontdekte dat een bepaald type veranderlijke sterren - Cepheïden - ook in de Andromedanevel staan. De periode van zo'n ster is een maat voor zijn ware helderheid en vergelijken we die met zijn waargenomen helderheid, dan kunnen we de afstand tot zo'n ster berekenen. Hubble deed dit voor het eerst met de Cepheïde die bekent staat als Hubble variabele nummer 1, of te wel V1. Op basis van zijn waarnemingen aan V1 kon Hubble onomstotelijk bewijzen dat de Andromedanevel een ander sterrenstelsel is, ver buiten ons eigen Melkwegstelsel: tegenwoordig weten we dat de afstand ruim 2 miljoen lichtjaar bedraagt. Astronomen van het Space Telescope Science Institute's Hubble Heritage Project werkten samen met waarnemers van de American Association of Variable Star Observers (AAVSO) om de lichtkromme van V1 goed in kaart te brengen. Zo kon men bepalen wat goede momenten waren om de Hubble-telescoop foto's te laten maken van V1 op het moment van grootste en kleinste helderheid. De foto's zijn vandaag gepresenteerd op de bijeenkomst van de American Astronomical Society in Boston.
Meer informatie:
Hubble Views the Star that Changed the Universe
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Edwin Mathlener - www.dekoepel.nl
16 mei 2011
Vandaag om 14.56 uur Nederlandse tijd is vanaf Kennedy Space Center de Space Shuttle Endeavour gelanceerd voor zijn allerlaatste vlucht, missie STS-134. Commandant Mark Kelly en vijf medereizigers zijn onderweg naar het internationale ruimtestation ISS. Aan boord van de Endeavour is de Alpha Magnetic Spectrometer (AMS), het grootste experiment dat tot nog toe naar het ISS wordt gebracht en wellicht wel het eerste echt grote wetenschappelijke instrument op het ISS. De AMS is een grote deeltjesdetector die in de ruimte elementaire deeltjes gaat meten afkomstig van verre bronnen. Veel van die deeltjes weten ook het aardoppervlak wel te bereiken en kunnen daar gemeten worden, maar onderweg worden vele beïnvloed door onze atmosfeer. Met AMS zal men meten aan kosmische stralingsdeeltjes - zeer snel bewegende atoomkernen - maar hoopt men ook antimaterie deeltjes en donkere materie te detecteren. Men kijkt in het bijzonder uit naar zwaardere atoomkernen van antimaterie: antimaterie protonen en heliumkernen zijn ook bij de oerknal gevormd, maar detecteert men onverhoopt een antimaterie koolstofkern, dan betekent dit dat er ergens in het heelal ook antimaterie sterren bestaan.
Meer informatie:
Latest Space Shuttle News
Alpha Magnetic Spectrometer
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Edwin Mathlener - www.dekoepel.nl
11 mei 2011
Vandaag is op de Turfberg bij Radio Kootwijk op de Veluwe een informatiepaneel over radiosterrenkunde onthuld. Dit paneel herinnert eraan dat op deze plek in 1951 de eerste Nederlandse radiowaarnemingen werden gedaan van neutraal waterstofgas in de Melkweg. De waarnemingen werden gedaan met een omgebouwde, 7,5 meter grote Duitse Würzburg-radarschotel uit de Tweede Wereldoorlog. Dat neutraal waterstof radiostraling uitzendt, was tijdens de Tweede Wereldoorlog theoretisch voorspeld door Hendrik van de Hulst, toen nog student. Prof. Jan Hendrik Oort en PTT-ingenieur Lex Muller hebben zich vervolgens ingezet om deze straling voor het eerst waar te nemen, maar werden nipt verslagen door Amerikaanse collega's. De Nederlanders slaagden er later wel in om als eerste de spiraalstructuur van ons Melkwegstelsel in kaart te brengen met neutraal waterstofgas.Van de schotel waarmee deze waarnemingen zijn gedaan is niets overgebleven, maar de Initiatiefgroep 'Sterrenkundig Verleden Radio Kootwijk' heeft zich ingezet voor de totstandkoming van een informatiepaneel. Het paneel is onthuld door Hugo van Woerden, emeritus-hoogleraar sterrenkunde aan de Universiteit Groningen, en Ari Hin, gepensioneerd technicus van ASTRON. Beiden waren in de jaren vijftig betrokken bij het uitvoeren en verwerken van waarnemingen in Radio Kootwijk.
Meer informatie:
60 years of Dutch HI
Herinneringspaneel Radio Kootwijk onthuld
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Edwin Mathlener - www.dekoepel.nl;
4 mei 2011
De NASA-satelliet Gravity Probe B heeft twee belangrijke voorspellingen bevestigd die zijn afgeleid uit Albert Einsteins algemene relativiteitstheorie. De in 2004 gelanceerde satelliet heeft met vier uiterst precieze gyroscopen aangetoond dat het 'weefsel' van ruimte en tijd rond een hemellichaam (in dit geval de aarde) gekromd is, en bovendien door de draaiing van dat hemellichaam wordt meegesleept. Beide effecten zijn gemeten door de satelliet tijdens zijn omlopen om de aarde heel nauwkeurig op één specifieke ster te richten. Als de zwaartekracht van de aarde de genoemde effecten niet zou veroorzaken, zouden de gyroscopen van Gravity Probe B steeds in dezelfde richting zijn blijven wijzen. Maar in plaats daarvan vertoonden zij minuscule, maar meetbare afwijkingen - precies zoals die door de algemene relativiteitstheorie werden voorspeld. Gravity Probe B was een van de langst lopende projecten in de geschiedenis van NASA. De eerste voorbereidingen - de ontwikkeling van nauwkeurige gyroscopen - begonnen al in 1963. De satelliet sloot zijn metingen in december 2010 af. De technieken die voor het functioneren van Gravity Probe B zijn ontwikkeld, zijn ook toegepast in satellieten voor geofysisch en astronomisch onderzoek.
Meer informatie:
NASA's Gravity Probe B Confirms Two Einstein Space-Time Theories
29 april 2011
Vandaag is amateur-astronoom ing. P.J.K. (Peter) Louwman benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Hij kreeg de onderscheiding uit handen van burgemeester J.Th. Hoekema in zijn woonplaats Wassenaar. Peter Louwman begon in de jaren '60 vanuit zijn hobby sterrenkunde, antieke telescopen en andere optische instrumenten te verzamelen. In de loop der jaren heeft hij als liefhebber een zodanig niveau bereikt dat hij als gelijkwaardig aan professionals uit de wetenschap optreedt en incidenteel ook publicaties verzorgt. Hij is nationaal en internationaal erkend als specialist op het gebied van antieke telescopen. Zijn verzameling behoort tot de grootste particuliere verzamelingen van antieke telescopen ter wereld. Er zijn nauwelijks musea te bedenken die zich daarmee kunnen meten. Zo heeft hij in 2008 vanuit zijn collectie de grootste bijdrage geleverd aan de Nederlandse jubileumtentoonstellingen over 400 jaar Telescopie, in het Zeeuws museum te Middelburg, museum Boerhaave te Leiden, en de Leidse Universiteitsbibliotheek. Peter Louwman geeft regelmatig lezingen en voorlichting en schrijft publicaties op het gebied van sterrenkunde en antieke telescopen voor leken, professionals en amateur-sterrenkundigen. Hij is al vele jaren een vertrouwde verschijning op sterrenkundige symposia en bijeenkomsten van amateurs, en is lange tijd bestuurslid geweest van de Werkgroep Maan en Planeten van de KNVWS.
Meer informatie:
Lintjesregen Gemeente Wassenaar
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Edwin Mathlener - www.dekoepel.nl
18 april 2011
De Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) brengt zijn eerste digibordles uit voor het basisonderwijs. Zon & Planeten is ontwikkeld voor de groepen 6, 7 en 8. De les is een introductie op ons zonnestelsel en wordt klassikaal gegeven. De les gaat over de zon, de maan, de aarde en de andere zeven planeten die rond de zon draaien. De gesproken toelichting is van sterrenkunde-journalist (en eigenaar/eindredacteur van www.allesoversterrenkunde.nl) Govert Schilling. Met de digibordles hoopt NOVA een bijdrage te leveren aan het sterrenkundeonderwijs in Nederland. Docenten kunnen de digibordles gratis downloaden op de website van NOVA.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Digibordles Zon en Planeten (gratis download voor docenten)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
18 april 2011
Middelbare scholiere Lava Sulayman van het Rhedens Lyceum in Rozendaal heeft met een profielwerkstuk over de uitdijing van het heelal de profielwerkstukprijs voor sterrenkunde gewonnen, uitgeloofd door de Universiteit Utrecht en het Universiteitsmuseum Utrecht. De prijs werd vrijdag 15 april uitgereikt door de Utrechtse natuurkundige Nobelprijswinnaar Gerard 't Hooft. Lava wint met haar profielwerkstuk een waarneemreis naar de internationale sterrenwacht op La Palma. Ook in de categorie natuurkunde is een prijs uitgeloofd; de winnaar brengt een bezoek aan het CERN-laboratorium voor deeltjesfysica in Genève.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
18 april 2011
Volgens astronoom Martin Lunn en historica Lila Rakoczy was de mysterieuze 'noon day star' die volgens de overlevering zichtbaar geweest zou zijn op de geboortedag van koning Charles II in werkelijkheid een supernova-explosie in het sterrenbeeld Cassiopeia. Dat beweren de twee onderzoekers op de National Astronomy Meeting (NAM 2011) van de Royal Astronomical Society in Llandudno, Wales.
In Cassiopea is een uitdijende gasschil (een zogeheten supernovarest) te zien, die volgens de meeste astronomen moet zijn ontstaan bij een ster-explosie in de tweede helft van de zeventiende eeuw. Er zijn echter geen waarnemingen van deze explosie bekend - algemeen wordt aangenomen dat hij door interstellaire stofwolken aan het zicht is onttrokken.
Lunn en Rakoczy denken echter dat de supernova wel degelijk te zien is geweest, en wel op 29 mei 1630 - veel eerder dan altijd is gedacht. Gedurende enkele decennia circuleerden er in Engeland verhalen over een 'overdagse ster' die op die datum - de geboortedatum van de latere 'Merry Monarch' - waarneembaar zou zijn geweest.
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
6 april 2011
Er lijkt een verklaring te zijn gevonden voor de mysterieuze 'kracht' die de verre Pioneer-ruimtesondes afremt - de zogeheten Pioneer-anomalie. Een nieuwe analyse wijst erop dat de afremming wordt veroorzaakt door de ongelijkmatige warmte-uitstraling van de beide sondes. De ruimtesondes Pioneer 10 en 11 werden bijna veertig jaar geleden gelanceerd, scheerden respectievelijk langs de planeten Jupiter en Saturnus en zijn bezig ons zonnestelsel te verlaten. Omdat ze geen raketaandrijving hebben, verliezen de Pioneers geleidelijk snelheid door de zwaartekrachtsaantrekking van de zon. Maar uit metingen blijk dat ze iets sterker worden afgeremd dan verwacht. Om die kleine afwijking te verklaren, hebben wetenschappers allerlei suggesties opgevoerd. Sommigen meenden zelfs dat de bestaande zwaartekrachtstheorie op de schop zou moeten. Maar volgens Portugese fysici is dat niet nodig. Hun analyse laat zien dat de Pioneers hun warmte niet gelijkmatig in alle richtingen uitstralen. Bovendien wordt een deel van die warmtestraling weerkaatst door de achterzijde van de grote radioschotel waarmee de beide ruimtesondes zijn uitgerust. Dat zou resulteren in een geringe netto-reactiekracht die de waargenomen afremming geheel kan verklaren. Overigens zijn nog niet alle onderzoekers ervan overtuigd dat de Pioneer-anomalie op deze manier kan worden opgelost. Misschien dat een groot onderzoeksrapport dat later dit jaar verschijnt daar nog verandering in kan brengen.
Meer informatie:
Mundane explanation for bizarre Pioneer anomaly
4 april 2011
Het giftige en kankerverwekkende formaldehyde (methanal, CH2O) ligt mogelijk aan de basis van het ontstaan van leven. Dat beweren onderzoekers van het Carnegie Institution for Science in Washington in een artikel in Proceedings of the National Academy of Sciences. Uit laboratoriumexperimenten blijkt dat formaldehyde - een molecuul dat veel voorkomt in de interstellaire ruimte - de basis kan vormen voor polymerisatieprocessen waarbij vaste koolstofhoudende organische materie ontstaat. De gesynthetiseerde organische deeltjes vertonen opmerkelijke overeenkomsten met de organische materie in koolstofhoudende chondrieten, in komeet Wild 2, en in interplanetaire stofdeeltjes. Uit die vaste koolstofhoudende deeltjes zijn op aarde de eerste levende cellen ontstaan.
Meer informatie:
Formaldehyde: Poison could have set the stage for the origins of life
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
23 maart 2011
Aan de oorsprong van het leven op aarde zat mogelijk een luchtje. Dat stellen Amerikaanse wetenschappers na onderzoek van een monster van het klassieke Miller-Urey-experiment dat in de vergetelheid was geraakt. De Amerikaanse scheikundigen Stanley Miller en Harold Urey deden in 1953 en 1954 een reeks experimenten met flesjes die gevuld waren met een mengsel van water en de gassen waterstof, methaan en ammoniak. Destijds werd verondersteld dat dit redelijk overeenkwam met de oorspronkelijke omstandigheden op de aarde. Het gasmengsel werd blootgesteld aan elektrische vonken, en na een paar weken kleurde het water bruin van de aminozuren - de bouwstenen van eiwitten. Daarmee was aangetoond dat natuurlijke processen tot de vorming van grote organische moleculen konden leiden. De beide scheikundigen voerden ook een paar varianten op hun experiment uit, waarvan zij de resultaten om onbekende redenen echter niet publiceerden. Bij één ervan werd het gas waterstofsulfide aan de nagebootste atmosfeer toegevoegd, een gas dat naar rotte eieren ruikt. Uit analyse van een monster dat van dat experiment bewaard is gebleven, blijkt nu dat dit aanzienlijk meer aminozuren bevat dan de overige experimenten. Volgens de onderzoekers wijst dit resultaat erop dat vulkanisme een belangrijke rol heeft gespeeld bij de vorming van organische stoffen die cruciaal waren voor het ontstaan van leven. Vulkanische gassen zijn rijk aan waterstofsulfide en bovendien vinden in de stofwolken die vulkanen uitbraken vaak bliksemontladingen plaats. Eerder was al vastgesteld dat ook Miller-Urey-experimenten waarbij stoom was gebruikt extra aminozuren opleverden.
Meer informatie:
"Lost" Miller Experiment Gives Pungent Clue to Origin of Life03.23.11
18 maart 2011
Van 22 maart tot 4 april vindt voor de zesde keer de wereldwijde campagne GLOBE at Night plaats. Het doel ervan is om de lichtvervuiling in kaart te brengen, die niet alleen het zicht op de sterrenhemel belemmert maar ook nog eens veel energieverspilling veroorzaakt. Zo wordt alleen al in de VS jaarlijks naar schatting twee miljard dollar uitgegeven aan overbodige buitenverlichting. In een donkere omgeving zijn aan de onbewolkte hemel 's nachts meer dan tweeduizend sterren te zien. In een stad zakt dat aantal tot onder de honderd. GLOBE at Night vraagt jaarlijks aandacht voor deze kwestie door deelnemers van over de hele wereld te laten onderzoeken wat de zwakste sterren zijn die zij in een bepaald sterrenbeeld kunnen zien. Op het noordelijk halfrond is dat het sterrenbeeld Leeuw, op het zuidelijk halfrond het Zuiderkruis. De resultaten van deze waarnemingscampagne verschijnen op de website van GLOBE at Night. In voorgaande jaren deden deelnemers uit meer dan honderd landen mee.
Meer informatie:
GLOBE At Night Tracks Light Pollution
GLOBE at Night
14 maart 2011
In het weekend van 11 t/m 13 maart 2011 werden in Nederland voor de 35ste keer de jaarlijkse Landelijke Sterrenkijkdagen gehouden. Op ongeveer 65 plaatsen in heel Nederland waren jong en oud welkom om een blik door een telescoop te werpen. Het weer was zacht en vooral op vrijdag was het op de meeste plaatsen redelijk helder. Vele duizenden mensen grepen daarom de kans aan en bezochten een kijkadres. Zij keken vooral naar de maan en later op de avond ook naar Saturnus.
Meer informatie:
Sterrenkijkdagen 2011
5 maart 2011
In zijn woonplaats Genève is vrijdag 4 maart deeltjesfysicus en Nobelprijswinnaar Simon van der Meer (85) overleden. Van der Meer was vanaf 1956 verbonden aan CERN, het Europese laboratorium voor deeltjesfysica. Daar ontwierp hij technieken die hun toepassing vonden in de steeds groter wordende deeltjesversnellers van CERN. In 1984 won hij samen met toenmalig CERN-directeur Carlo Rubbia de Nobelprijs Natuurkunde voor de ontdekking van de (eerder voorspelde) W- en Z-deeltjes, de dragers van de zwakke kernkracht.
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
25 februari 2011
Op 1 maart start de vijfde Nederlandse Sterrenkunde Olympiade, een jaarlijkse sterrenkundewedstrijd voor scholieren in het voortgezet onderwijs. De deelnemers, die via een voorronde in de finale kunnen komen, dingen mee naar een waarneemreis naar La Palma. Dit jaar is de organisatie in handen van de Afdeling Sterrenkunde van de Radboud Universiteit Nijmegen. De Nederlandse Sterrenkunde Olympiade bestaat uit een voorronde en een finale. In de voorronde beantwoorden de deelnemers meerkeuze- en open vragen over verschillende deelgebieden van de sterrenkunde. De voorronde is laagdrempelig en vrijblijvend; geïnteresseerden kunnen de vragen downloaden en op hun gemak doorlezen voordat ze besluiten om mee te doen. De beste vijftien kandidaten van de voorronde worden uitgenodigd voor de finale, die van 14 t/m 16 juni in Nijmegen plaatsvindt. De hoofdprijs is een reis naar het Roque de los Muchachos Observatory op het Canarische eiland La Palma, waar de winnaar met een professionele telescoop gaat waarnemen. Daarnaast zijn er iPods en sterrenkundeboeken te winnen.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Nederlandse Sterrenkunde Olympiade 2011
22 februari 2011
Amateur-astronomen die zich bezighouden met het waarnemen van veranderlijke sterren hebben een mijlpaal bereikt. Op 19 februari heeft een van hen - de Belg Josch Hambsch - de 20 miljoenste helderheidsbepaling van een ster ingeleverd. Amateur-astronomen zijn al meer dan honderd jaar betrokken bij het waarnemen van sterren die (min of meer) regelmatige helderheidsveranderingen vertonen. Momenteel doen ongeveer duizend amateurs aan dit internationale waarnemingsprogramma mee. Voor professionele astronomen is de database die dit heeft opgeleverd van onschatbare waarde. Voor hen is de beschikbare hoeveelheid 'telescooptijd' beperkt, waardoor zij niet in de gelegenheid zijn om dezelfde ster(ren) elke heldere nacht opnieuw te observeren. De slordige anderhalf miljoen waarnemingsuren die de amateurs in deze sterren hebben gestoken, zijn dus meer dan welkom.
Meer informatie:
20-Million Milestone For 100-Year Citizen Science Project
American Association of Variable Star Observers
14 februari 2011
Vandaag zetten 'astronauten' voor het eerst voet op het oppervlak van Mars. Niet op de rode planeet zelf, maar in een zandbak van zes bij tien meter in het Instituut voor Biomedische Problemen in Moskou. Zes vrijwilligers nemen daar deel aan Mars500, een gesimuleerde bemande reis naar de buurplaneet van de aarde. Acht maanden geleden lieten zij zich opsluiten in een nagebouwd ruimteschip; enkele dagen geleden kwamen ze aan in een baan om Mars. Drie van de zes astronauten maken in totaal drie uitstapjes op Mars, waarbij zelfs een vlag geplant wordt. Op 1 maart wordt de terugreis naar de aarde aanvaard; komend najaar zijn de zes vrijwilligers weer thuis. Doel van het experiment: meer inzicht krijgen in de psyche van astronauten die maandenlang op elkaars lip zitten en van de buitenwereld zijn afgesloten. Overigens is een echte bemande reis naar Mars niet alleen veel en veel duurder, maar ook veel risicovoller: mocht een van de Mars500-vrijwilligers plotseling zeer ernstig ziek worden, dan zal hij gewoon naar een Moskous ziekenhuis worden overgrebracht.
Meer informatie:
Walking on 'Mars'
Mars500
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
8 februari 2011
De Europese Unie heeft een subsidie van 1,9 miljoen euro toegekend aan een internationaal programma dat tot doel heeft zeer jonge kinderen in achterstandssituaties in contact te brengen met de inspirerende aspecten van de sterrenkunde.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Universe Awareness (UNAWE)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
7 februari 2011
Wetenschappers van NASA's Ames Research Center in Californië hopen er binnenkort in te slagen de vorming van interstellaire stofkorrels na te bootsen in een laboratorium op aarde. Zulke korrels ontstaan in de sterrenwinden van oude koolstofrijke reuzensterren, maar hoe ze precies gevormd worden is niet duidelijk.
Door de installatie van een nieuwe, gevoelige massaspectrometer in een 'kosmische simulatiekamer' hopen de Ames-onderzoekers daar meer over te weten te komen. Ook verwachten ze nieuwe inzichten te verkrijgen over merkwaardige, grote aerosoldeeltjes in de dampkring van de grote Saturnusmaan Titan, die waargenomen zijn door de Amerikaanse planeetverkenner Cassini.
De nieuwe 'time of flight mass spectrometer' wordt geïnstalleerd in COSmlC (Cosmic Simulator Chamer), een laboratoriumopstelling op het Astrophysics and Astrochemistry Laboratory waarin de extreme omstandigheden van de interplanetaire of interstellaire ruimte nagebootst kunnen worden, inclusief temperaturen van bijna tweehonderd graden onder nul, extreem hoog vacuüm en krachtige ultraviolette straling.
Meer informatie:
NASA's "COSmIC" Simulator Helps Fingerprint Unknown Matter in Space
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
31 januari 2011
Het kleine Kanaaleiland Sark is door de International Dark-sky Association uitgeroepen tot het eerste 'donkere-nacht-eiland' ter wereld. Het permanent bewoonde eiland (er wonen ongeveer zeshonderd mensen) kent geen verharde wegen, en er zijn geen auto's. Ook is er geen openbare straatverlichting. Omdat het bovendien op vele tientallen kilometers van zowel de Britse als de Franse kust ligt, is er vrijwel geen lichtvervuiling. De nachtelijke sterrenhemel is daardoor zeer goed zichtbaar. De 'verkiezing' volgt op een lange periode van nominaties en beoordelingen over de gehele wereld. De plaatselijke overheid hoopt dat de nieuwe status van het eiland tot een toename van het aantal 'astro-toeristen' zal leiden.
Meer informatie:
Sark becomes world's first dark sky island
International Dark-sky Association
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
12 januari 2011
ESO heeft de winnaars bekendgemaakt van de astrofotografie-wedstrijd Hidden Treasures 2010, waarvoor bijna honderd inzendingen zijn binnengekomen. Hidden Treasures gaf sterrenkunde-amateurs de kans om ESO's archieven met astronomische data te doorzoeken op verborgen kosmische juweeltjes. Sterrenkunde-enthousiasteling Igor Chekalin uit Rusland heeft de eerste prijs gewonnen - een bijzondere reis naar de Very Large telescope op Paranal in Chili. De afbeeldingen van de sterrenhemel die te zien zijn in de persberichten van ESO zijn indrukwekkend. Maar vele uren handwerk zijn nodig om van de ruwe data die de telescopen leveren, kleurrijke afbeeldingen te maken. Die worden gecorrigeerd voor verstoringen en worden zo verbeterd dat de details in de astronomische data zichtbaar worden. ESO heeft een team van professionele beeldbewerkers, maar voor de Hidden Treasures 2010 competitie besloten deze experts om enthousiaste amateursterrenkundigen en -fotografen de mogelijkheid te geven de wereld te tonen wat zij zouden kunnen doen met de gigantische hoeveelheid data die de ESO-archieven bevatten. 'We waren compleet verrast door het aantal en de kwaliteit van de inzendingen. Dit was geen uitdaging voor bangeriken, omdat de deelnemers niet alleen vaardigheden op het gebied van dataverwerking nodig hadden, maar ook een artistiek gevoel. We zijn opgetogen dat er zoveel talent blijkt te bestaan', aldus Lars Lindberg Christensen, hoofd van ESO's Education and Public Outreach Department.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
30 december 2010
Brazilië heeft gisteren het formele document getekend waarmee de weg wordt geplaveid naar het lidmaatschap van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO). Brazilië zal, na ratificatie door het Braziliaanse parlement, het vijftiende land zijn dat lid is van ESO. ESO heeft een lange geschiedenis van succesvolle betrokkenheid bij Zuid-Amerika, sinds Chili in 1963 werd gekozen als de beste locatie voor waarnemingen. Maar tot nu toe was geen enkel niet-Europees land toegetreden tot ESO. Brazilië zal onder meer een bijdrage leveren aan de European Extremely Large Telescope. De bouw van deze supertelescoop start naar verwachting in 2011.
Meer informatie:
Brazilië wordt lid van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht
15 december 2010
Sterrenkundigen die campagne voeren tegen nutteloze straatverlichting in de nachtelijke uren hebben een nieuw argument gevonden om deze 'lichtvervuiling' te bestrijden. Uit onderzoek blijkt namelijk dat omhoog gerichte buitenverlichting van negatieve invloed is op de chemische reacties die normaal gesproken 's nachts de lucht zuiveren. Oftewel: lichtvervuiling geeft meer luchtvervuiling. Elke nacht worden chemische stoffen uit uitlaatgassen vanzelf afgebroken door zogeheten nitraatradicalen. Dat voorkomt dat deze stoffen zich tot smog, ozon of andere schadelijke stoffen verbinden. Bekend was al dat deze nitraatradicalen door zonlicht worden afgebroken. Maar uit metingen boven Los Angeles blijkt dat ook stadsverlichting een steentje bijdraagt. Hoewel straatverlichting tienduizend keer zo weinig licht geeft als de zon, blijkt deze de nachtelijke luchtzuivering met een procent of zeven te vertragen. Overdag resulteert dat in vijf procent extra ozonvervuiling. De onderzoekers pleiten overigens niet voor het doven van alle straatlantaarns. Het is voldoende om ervoor te zorgen dat er zo min mogelijk licht recht omhoog gaat - wat toch al niet erg zinvol is.
Meer informatie:
City Light Pollution Affects Air Pollution
9 december 2010
Het NOVA Mobiel Planetarium is genomineerd voor de Innovatieprijs 2011 van de Nationale Onderwijstentoonstelling (NOT), de grootste vakbeurs voor onderwijsprofessionals. Het mobiel planetarium is een van de drie kanshebbers in de categorie Leermiddelen en Methodes. De jury schrijft: 'Het NOVA Informatie Centrum reist sinds begin 2010 langs scholen met een mobiel, opblaasbaar planetarium. De koepeltent, waarin een hele schoolklas past, is uitgerust met de modernste HD-apparatuur die de sterrenhemel projecteert. Leerlingen krijgen interactieve lessen, shows en films. De jury vindt dit een goede manier om op eenvoudige en voor de school betaalbare wijze de wetenschap naar de school te halen en leerlingen van jong tot oud, van alle niveaus, kennis te laten maken met de ontdekkingen over het heelal.' De winnaar wordt gekozen door een publieksjury, die in december bij elkaar komt. De uitreiking van de prijs vindt plaats op 25 januari 2011, tijdens de opening van de NOT 2011, in de Jaarbeurs in Utrecht. De grote onderwijstentoonstelling, die een keer in de twee jaar wordt gehouden, duurt tot en met 29 januari.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Nationale Onderwijstentoonstelling
6 december 2010
Na een succesvolle eerste editie met ruim honderd deelnemende scholen door heel Nederland, maakt het project Missie Maan het opnieuw mogelijk voor basisscholieren van alle leeftijden om in de periode van 26 januari t/m 30 maart 2011 op het schoolplein naar de maan te kijken en deze te onderzoeken. Niet 'gewoon' met het blote oog, maar door een telescoop. Basisscholen die meedoen aan Missie Maan kunnen een beroep doen op vrijwilligers van de sterrenwacht, of andere enthousiaste (amateur)astronomen. Zij komen met een telescoop langs op school. En wie zin heeft, kan ook zelf een telescoop maken. Zo kunnen de leerlingen meteen een vergelijking maken: wat zien ze door hun eigen telescoop, en wat door de 'echte'? Om met hun school of klas aan dit bijzondere project deel te nemen, kunnen leerkrachten zich inschrijven via www.missiemaan.nl. Ter ondersteuning is gratis lesmateriaal beschikbaar dat aansluit bij de verschillende leeftijdsgroepen voor het primair onderwijs.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
2 december 2010
Op 1 december is de eminente Nederlandse astronoom Adriaan Blaauw overleden. Blaauw speelde een sleutelrol bij de oprichting van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO) in Chili, en was van 1968 tot 1974 achtereenvolgens wetenschappelijk directeur en algemeen directeur van deze organisatie. Vervolgens was hij van 1976 tot 1979 president van de Internationale Astronomische Unie (IAU). Adriaan Blaauw werd in 1914 in Amsterdam geboren en studeerde sterrenkunde in Leiden onder befaamde wetenschappers als Willem de Sitter, Ejnar Hertzsprung en Jan Hendrik Oort. Zijn doctorsgraad behaalde hij aan het Kapteyn Laboratorium in Groningen. Tijdens zijn wetenschappelijke carrière hield Blaauw zich onder meer bezig met zogeheten OB-associaties - groepen van jonge, hete sterren. Hij vond de oorzaak van de opvallend grote snelheid waarmee sommige van deze sterren door de ruimte bewegen. Blaauw stelde voor dat zo'n 'wegloopster oorspronkelijk lid was geweest van een dubbelster, waarvan de andere ster als supernova was ontploft. Blaauw ging in 1981 met pensioen, maar is altijd actief gebleven. Zo heeft hij veel energie gestoken in het organiseren van de historische archieven van de ESO en de IAU. Adriaan Blaauw is 96 jaar oud geworden.
Meer informatie:
Adriaan Blaauw, 1914–2010 (ESO)
Adriaan Blaauw 1914-2010 (Leidse Sterrewacht)
In Memoriam Adriaan Blaauw (RUG)
19 november 2010
Op 18 november is de Brits-Amerikaanse astronoom Brian Marsden op 73-jarige leeftijd overleden. Marsden was lange tijd directeur van het Minor Planet Center van de Internationale Astronomische Unie (IAU) in Cambridge, Massachusetts. Dat centrum is verantwoordelijk voor het catalogiseren van het 'kleine grut' in het zonnestelsel: planetoïden (waaronder de zogeheten aardscheerders), kometen, en ijsdwergen buiten de baan van Neptunus. Wie een nieuwe planetoïde of komeet ontdekte, moest die vondst altijd eerst bij Marsden melden. Via een speciale commissie van de IAU had Marsden ook tientallen jaren lang een grote invloed op de naamgeving van de kleine hemellichamen in het zonnestelsel. Op het gebied van nummers en namen van planetoïden was hij een wandelende encyclopedie. Vanaf begin jaren negentig heeft Marsden een krachtige lobby gevoerd voor het 'degraderen' van Pluto tot een dwergplaneet - een van de talloze ijsdwergen in de Kuipergordel. Hoewel dat bij sommige planeetonderzoekers kwaad bloed zette, heeft toch vrijwel iedereen warme herinneringen aan de altijd enthousiaste en vriendelijke astronoom. Op 24 augustus 2006, de dag waarop Pluto officieel zijn planeetstatus verloor, nam Marsden - vanwege een verslechterende gezondheid - ook afscheid als directeur van het Minor Planet Center. Planetoïde 1877, op 24 maart 1971 ontdekt door de Nederlandse sterrenkundige Ingrid van Houten, is naar Marsden genoemd.
Necrologie van Brian Marsden (Sky & Telescope)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
16 november 2010
Op 13 november is in zijn huis in San Gabriel, Californië, de Amerikaanse astronoom Allan Sandage overleden. Tot enkele maanden voor zijn dood was de inmiddels 84-jarige Sandage nog actief als onderzoeker. Sandage wordt gerekend tot de meest invloedrijke astronomen van de twintigste eeuw. Begin jaren vijftig was hij waarnemingsassistent van Edwin Hubble bij de sterrenwachten van Mount Wilson en Palomar. Na Hubble's overlijden in 1953 nam hij de leiding over diens kosmologische onderzoeksprogramma over. Ruim vijftig jaar lang heeft Sandage zich ingezet om het onderzoek van zijn illustere voorganger voort te zetten. Daarbij stond de bepaling van de uitdijingssnelheid - en daarmee ook de leeftijd - van het heelal centraal. Voor zijn grote wetenschappelijke bijdragen heeft Sandage tal van onderscheidingen ontvangen, waaronder de Britse Gold Medal en de Amerikaanse Bruce Medal - de hoogste onderscheidingen op het gebied van de sterrenkunde, waar geen Nobelprijs voor bestaat.
Meer informatie:
Carnegie Cosmologist Allan Sandage Dies
Wikipedia
15 november 2010
Deense en Tsjechische archeologen hebben in Praag de tombe geopend waarin het lichaam van de beroemde 16de-eeuwse astronoom Tycho Brahe ligt opgebaard. Doel is om erachter te komen waaraan Brahe precies overleden is. De dood van Brahe wordt doorgaans toegeschreven aan de complicaties van een gescheurde blaas. Deze zou hij hebben opgelopen nadat hij tijdens een koninklijk banket om protocollaire redenen de tafel niet kon verlaten. Het is nog onduidelijk in welke staat het stoffelijk overschot van Brahe verkeert. Ook in 1901 werd - ter gelegenheid van zijn 300ste sterfdag - Brahe's rust al eens verstoord, maar van die gebeurtenis rest alleen een tekstuele beschrijving van het skelet. Het is de bedoeling om het ditmaal grondiger aan te pakken. Als de tinnen grafkist van Brahe zonder risico uit de tombe kan worden verwijderd, zal deze worden overgebracht naar een laboratorium in Praag. In de kist hopen wetenschappers botresten en baardharen te vinden, die aan dna-onderzoek onderworpen kunnen worden. Zij hebben vier dagen de tijd voor hun onderzoek: daarna wordt Brahe (hopelijk definitief) teruggebracht naar zijn laatste 'rustplaats'.
Meer informatie:
Body of Danish Astronomer Tycho Brahe Exhumed from Tomb
12 november 2010
Het Koninklijke Eise Eisinga Planetarium in Franeker is, samen met acht andere kandidaten, voorgedragen als Nederlandse bijdrage aan de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Volgens de Commissie Herziening Voorlopige Lijst Werelderfgoed zijn de negen kandidaten van uitzonderlijke en universele waarde, en zijn zij in staat en bereid om het erfgoed te behouden en te beheren en bij te dragen aan het verhaal van het Nederlands Koninkrijk aan de rest van de wereld. Het Eisinga Planetarium is het oudste nog werkende planetarium ter wereld. Het is een nauwkeurig bewegend model van het zonnestelsel, tussen 1774 en 1781 gebouwd door de Friese wolkammer Eise Eisinga, die daarvoor zijn woonkamer opofferde. Het door Eisinga gebouwde astronomische uurwerk beweegt door middel van een indrukwekkend raderwerk van houten hoepels en schijven, met tienduizend handgesmede spijkers als tanden. Een slingerklok en negen gewichten drijven dit geheel aan. De overige kandidaten op de Voorlopige Lijst Werelderfgoed zijn het Bonaire Marine Park, de Maatschappij van Weldadigheid, de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de Noordoostpolder, het Plantagesysteem West Curaçao, Sanatorium Zonnestraal, het Teylers Museum en de Van Nelle-fabriek. De kandidaten zullen in de loop van de komende tien jaar daadwerkelijk bij UNESCO worden genomineerd als Werelderfgoed. In welke volgorde dat gebeurt, wordt bepaald door de beide staatssecretarissen van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, en Economie, Landbouw en Innovatie.
Meer informatie:
Negen kandidaten op voordracht voor Voorlopige Lijst Werelderfgoed
Werelderfgoed Nederland
10 november 2010
De James Webb Space Telescope (JWST), beter bekend als de opvolger van de Hubble-ruimtetelescoop, valt zeker dertig procent duurder uit dan verwacht. Dat is de conclusie van een onafhankelijke onderzoekscommissie die het JWST-project tegen het licht heeft gehouden. De commissie trekt de technische integriteit van het ontwerp van de nieuwe ruimtetelescoop niet in twijfel, maar stelt vast dat het project in financieel en organisatorisch opzicht een rommeltje is. Met name de opstellers van de JWST-begroting krijgen ervan langs. Deze begroting was gebaseerd op drijfzand en hield geen rekening met tegenvallers, waarvan sommige al van meet af aan bekend waren. Ook de NASA-leiding gaat niet vrijuit. Deze was in elk geval op de hoogte van een deel van de problemen, maar verzuimde in te grijpen. Waar doortastend handelen was vereist, werd slechts meer geld in het slecht georganiseerde project gepompt. De pas vorig jaar aangetreden NASA-directeur Charles Bolden onderschrijft de bevindingen van de commissie en is begonnen met de reorganisatie van het JWST-project. De onderzoekscommissie schat dat de lanceerkosten voor de JWST zeker 6,5 miljard dollar zullen bedragen - bijna anderhalf miljard dollar meer dan begroot. En dat bedrag gaat dan ook nog uit van een lancering die op zijn vroegst in september 2015 zal plaatsvinden - twee jaar later dan oorspronkelijk de bedoeling was. Waar NASA het extra geld vandaan wil halen, is nog onduidelijk.
Meer informatie:
Brief onderzoekscommissie
Verklaring NASA-directeur Charles Bolden
Volledig rapport Independent Comprehensive Review Panel
24 oktober 2010
Tijdens een bijeenkomst van Europese amateurastronomen die dit weekend in Groningen werd gehouden, heeft Georg Comello uit Roden een bijzondere onderscheiding ontvangen van de American Association of Variable Star Observers (AAVSO). De bijbehorende oorkonde werd overhandigd door sterrenkundige Arne Henden. Comello staat in de top 5 van de wereld met meer dan 150.000 waarnemingen van veranderlijke sterren, aldus Henden. En dat is gezien het klimaat in Nederland uitzonderlijk. De Europese waarnemers van veranderlijke sterren kwamen in Groningen bijeen vanwege het 50-jarig bestaan van de Nederlandse Werkgroep Veranderlijke Sterren, waar Comello al sinds de oprichting lid van is.
Meer informatie:
Werkgroep Veranderlijke Sterren
American Association of Variable Star Observers;
6 oktober 2010
Een ruimtewandeling is van zichzelf al spectaculair. Maar geprojecteerd op een bioscoopscherm zo groot als een half voetbalveld is het net of je er zelf bij bent. Dat ervoeren honderden bezoekers afgelopen maandag bij de première van de nieuwe IMAX-film Hubble in het Omniversum in Den Haag. De film gaat over de ruimtetelescoop die onze blik op het heelal rigoureus veranderde. Hubble werd gelanceerd in 1990 en in totaal vijf keer bezocht door astronauten voor reparaties en onderhoud. Stuk voor stuk uitdagende en kostbare missies waarbij vaak een IMAX-filmcamera aan boord was. Behalve beelden van de missies bevat de film ook materiaal dat de telescoop verzamelde. Van kleurrijke nevels waar op dit moment sterren en planeten worden geboren tot waarnemingen van de verste uithoeken van het heelal. De film Hubble draait dagelijks op verschillende tijden in het Omniversum.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
20 september 2010
Toekomstige ruimtemissies naar de verre planeten van ons zonnestelsel zullen mogelijk gebruik gaan maken van 'data-clippers'. Een vloot van deze kleine, bestuurbare ruimtevaartuigen, aangedreven door zogeheten zonnezeilen, kan een koeriersdienst gaan vormen voor het overbrengen van wetenschappelijke gegevens naar de aarde. Tot nog toe wordt bij de overdracht van gegevens van ruimtemissies steevast gebruik gemaakt van radioverbindingen. De snelheid waarmee dat gebeurt is echter beperkt, zelfs als er zeer grote antennes worden ingezet. Omdat toekomstige ruimtesondes steeds meer gegevens zullen opleveren, hebben technici van het commerciële ruimtevaartbedrijf Thales Alenia Space naar alternatieve oplossingen gezocht. Volgens hen ligt de sleutel bij het flash-geheugen zoals dat in consumentencamera's, mp3-spelers en steeds vaker ook in computers wordt gebruikt. Flash-geheugen maakt het relatief eenvoudig om kleine ruimtescheepjes van een grote opslagcapaciteit te voorzien. Deze data-clippers zouden als een soort postduiven door het zonnestelsel kunnen zwermen om gegevens van ruimtesondes op te halen en deze vervolgens op zonkracht in de buurt van de aarde te brengen en over te zenden. Op die manier kunnen in relatief korte tijd duizenden gigabytes aan gegevens worden overgebracht.
Meer informatie:
Data Clippers Set Sail To Enhance Future Planetary Missions
16 september 2010
Onderzoekers van de Princeton-universiteit zijn er in geslaagd om driedimensionale computermodellen te maken die meer inzicht geven in het verloop van een supernova-explosie. De simulaties zijn gebaseerd op het idee dat zo'n explosie niet de symmetrie van een bol vertoont, maar duidelijk asymmetrisch verloopt. Bij een supernova-explosie stort de kern van een zware ster die zonder brandstof is komen te zitten ineen. Op een zeker moment komt die instorting echter abrupt ten einde, wat wordt gevolgd door een naar buiten gerichte schokgolf die de buitenlagen van de ster de ruimte in blaast. In één klap komt daarbij net zo veel energie vrij als onze zon in de loop van haar hele leven produceert. Na afloop blijft alleen het uiterst compact restant van de kern over: een neutronenster of, in extreme gevallen, een zwart gat. In grote lijnen wordt de aanleiding tot de supernova-explosie wel goed begrepen. Maar wat er precies gebeurt zodra de ineenstorting van de kern tot stilstand komt, is nog onduidelijk. Omdat het verschijnsel zich nu eenmaal niet direct laat bestuderen, kan alleen worden geprobeerd om het proces met behulp van een computermodel zo goed mogelijk na te bootsen. Tot nog toe werd daarbij veelal gebruik gemaakt van één- of tweedimensionale modellen, die doorgaans echter geen realistische weergave van het verloop van de explosie opleverden. De Princeton-onderzoekers zeggen er, dankzij het inzetten van nog krachtigere supercomputers, echter in te zijn geslaagd om computersimulaties te maken die het waargenomen gedrag van supernova-explosies dicht benaderen. Daarbij hebben zij gebruik gemaakt van dezelfde wiskundige vergelijkingen die het gedrag van stromende vloeistoffen beschrijven - in feite dezelfde vergelijkingen die ook worden gebruikt bij het opstellen van weersverwachtingen en klimaatmodellen.
Meer informatie:
3-D computer simulations help envision supernovae explosions
Video: Envisioning supernovae explosions
7 september 2010
De Europese Zuidelijke Sterrenwacht (ESO), de Internationale Astronomische Unie (IAU) en UNESCO hebben vandaag het boek Postcards from the Edge of the Universe gepresenteerd. Dit Engelstalige boek, dat gratis als pdf-bestand kan worden gedownload, geeft een overzicht van de meest brandende kwesties waar astronomen zich momenteel mee bezighouden - van zonnevlekken tot zwarte gaten, planeten bij andere sterren, supernova's en donkere materie. Postcards bestaat uit een selectie van artikelen die zijn geschreven voor de astronomische weblog Cosmic Diary, een van de twaalf grote internationale projecten die in het kader van het Internationaal Jaar van de Astronomie 2009 werden georganiseerd. In 24 korte, rijk geïllustreerde artikelen geven de auteurs op toegankelijke wijze hun persoonlijke kijk op het onderzoeksgebied waar zij zich mee bezighouden. Postcards is ook in een papieren versie te bestellen.
Meer informatie:
Cosmic Diary Anthology Released as a Free Book
Postcards from the Edge of the Universe
Cosmic Diary
30 augustus 2010
Het verhaal van de ontdekking van de mysterieuze groene gaswolk, die is ontdekt door lerares Hanny van Arkel en internationaal bekend staat als 'Hanny's Voorwerp', is vereeuwigd in een Amerikaans stripboek. Hanny van Arkel en het team van wetenschappers, onder wie een aantal medewerkers van ASTRON, zijn als stripfiguren vereeuwigd in het onwaarschijnlijke, maar waargebeurde verhaal "Hanny and the mystery of the Voorwerp". De strip, die zowel op internet als in boekvorm zal verschijnen, wordt vrijdag 3 september in Atlanta (VS) officieel gepresenteerd tijdens 's werelds grootste science fictionbijeenkomst, 'DragonCon'. Hanny van Arkel zal deze wereldpremière bijwonen door middel van een live verbinding via internet.
Het object, dat zo'n 700 miljoen lichtjaar van de aarde afstaat, werd in 2007 ontdekt door Hanny van Arkel, toen zij als vrijwilliger sterrenstelsels categoriseerde op de website van het Galaxy Zoo project. Zelf was ze nauwelijks amateur-sterrenkundige; ze had Galaxy Zoo, een online astronomieproject, gevonden via Queen's gitarist en afgestudeerd astrofysicus Brian May.
Nadat ze de mysterieuze groene gaswolk, Hanny's Voorwerp genoemd, onder de aandacht had gebracht bij professionele astronomen, volgde een serie van onderzoeken met onder andere de Westerbork telescoop van ASTRON. Hierna kreeg het team zelfs toestemming om het Voorwerp te bekijken met de Hubble Space Telescope. Met steun van NASA en het Space Telescope Science Institute is uiteindelijk de strip geboren, om de hele wereld te laten zien wat ze hebben geleerd.
Hanny van Arkel: "Het team heeft mij nauw betrokken bij de ontwikkeling van de strip en ik ben zeer tevreden over het resultaat. Het legt op een begrijpelijke manier uit wat ik heb ontdekt en het is erg mooi geworden."
De tekst van de strip is geschreven door Mike Beatini, Pamela Gay, Bill Keel, Kelly McCullough, Mike Schoenberg en Jason en Jodi Thibeault. De tekeningen zijn van Elea Braasch en Chris Spangler.
Meer informatie:
Origineel persbericht
Hanny's Voorwerp
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
30 augustus 2010
De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA heeft een deel van zijn historisch foto-archief op de interactieve website Flickr Commons geplaatst. De foto's waren al langer toegankelijk voor publiek op NASA's eigen website, maar via Flickr Commons krijgen bezoekers nu de gelegenheid om er korte beschrijvingen ('tags') en ander commentaar bij te plaatsen. Daardoor zijn specifieke foto's in de NASA-archieven in de toekomst gemakkelijker terug te vinden.
Meer informatie:
NASA, Internet Archive And Flickr Launch Historic Image Collection
NASA-foto's op Flickr Commons
NASA-beeldarchief
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
26 augustus 2010
Het derde European Sand Sculptures Festival in Noordwijk heeft dit jaar het thema âSpace Sculpturesâ. Het Noordwijkse technologiecentrum ESTEC van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA is vertegenwoordigd met de infraroodsatelliet Herschel en de Ariane 5-raket. Eén van de carvers die aan de Herschel-sculptuur werkt eindigde vorig jaar op de tweede plaats. Herschel werd samen met Planck in 2009 gelanceerd met een Ariane 5-raket vanuit Kourou in Frans Guyana. Herschel werd uitvoerig gestest in het technisch onderzoekscentrum ESTEC.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
European Sand Sculptures Festival
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
16 augustus 2010
Het populaire Amerikaanse sterrenkundemaandblad Sky & Telescope biedt het complete archief - vanaf het eerste nummer in november 1941 tot en met de jaargang 2009 - aan op DVD-ROM. Het gaat om 818 nummers, met in totaal 69.792 pagina's. Het archief is gemakkelijk doorzoekbaar, en in elk nummer kan eenvoudig gebladerd worden als in een gewoon papieren tijdschrift. Het digitale archief bestaat uit 10 DVD's en een CD met een volledige index. De standaard verkoopprijs bedraagt $ 299,- (ca. 232 euro); abonnees wordt een korting van $ 50,- aangeboden. Sky & Telescope is een van de meest toonaangevende tijdschriften op het gebied van (amateur)-astronomie.
Meer informatie:
Seven decades of astronomy at your fingertips
Bestel het digitale Sky & Telescope archief
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
16 augustus 2010
Promovendus Luuk van Barneveld van de TU Delft ontving vorige week deCOSPAR outstanding paper award for young scientists. Het comité voor ruimteonderzoek gaf de aanmoedigingsprijs voor Van Barnevelds onderzoek naar de baanbepaling van satellieten die in formatie vliegen, zoals de Amerikaanse GRACE-satellieten die het zwaartekrachtsveld van de aarde in kaart brengen. Van Barneveld maakt bij zijn beenbepalingsmethode onder andere gebruik van GPS-satellieten in een nog veel hogere baan. De 38e vergadering van de wetenschappelijke commissie voor ruimteonderzoek (COSPAR) vond plaats in Bremen, Duitsland van 18 tot 25 juli. Het is het grootste interdisciplinaire conferentie over ruimtewetenschap wereldwijd.
Meer informatie:
Interview met Luuk van Barneveld
GRACE
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
11 juli 2010
Ook in de Andes was gisteravond een oranje ondergang te zien. Van de verduisterde zon welteverstaan. Ongeveer op het moment dat in Johannesburg de finale van het WK-voetbal werd gespeeld, was in het zuidelijke deel van de Atlantische Oceaan en in delen van Zuid-Amerika een totale zonsverduistering te zien. De mooiste waarnemingsplek was het het afgelegen Paaseiland, waar zich duizenden 'eclipstoeristen' hadden verzameld. Zij hadden meer geluk dan de Oranjesupporters in Johannesburg: de verduistering was in volle glorie waarneembaar. Ook vanaf cruiseschepen was het spectaculaire hemelverschijnsel goed zichtbaar. En zelfs in de Andes, waar de eclips zich tegen zonsondergang afspeelde, bleef de hemel tot het eind toe helder. Dat gaf de stralenkrans of corona van de verduisterde zon een spookachtig oranje tint. Symbolischer kan bijna niet.
Meer informatie:
Eclipstoeristen winnen op Paaseiland
Total Solar Eclipse Wows Skywatchers In South Pacific
Zonsverduistering.nl
7 juni 2010
De Leidse sterrenkundige prof. dr. M. (Marijn) Franx is één van de vier Spinoza-premiewinnaars die NWO vandaag bekendmaakte. Franx is hoogleraar astronomie aan de Leidse Sterrewacht en onderzoekt de vorming en evolutie van sterrenstelsels. De Spinozapremie is de hoogste Nederlandse onderscheiding in de wetenschap. Iedere laureaat ontvangt een subsidie van tweeënhalf miljoen euro. De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) kent de Spinozapremie jaarlijks toe aan Nederlandse onderzoekers die tot de absolute (internationale) top behoren. Het is de vierde keer dat een Nederlandse astronoom de Spinozapremie krijgt. Marijn Franx bedrijft 'archeologie' van de kosmos. Hij bestudeert sterrenstelsels op grote afstand. Het licht van deze sterrenstelsels is zo lang onderweg geweest, dat het laat zien hoe deze stelsels eruitzagen op veel jongere leeftijd. Op die manier kan Franx bestuderen hoe sterrenstelsels en het heelal veranderen in de loop der tijd.Het licht van de verste sterrenstelsels heeft er 13 miljard jaar over gedaan om de aarde te bereiken, zodat astronomen melkwegstelsels kunnen zien uit de periode dat het heelal minder dan 1 miljard jaar oud was.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
27 mei 2010
NASA-technici zijn er in geslaagd om de verre ruimtesonde Voyager 2, die drie weken geleden onbegrijpelijke berichten naar de aarde begon te zenden, te herstarten. De oorzaak van het probleem bleek in het 33 jaar oude computergeheugen te liggen: één enkel bitje was spontaan van 0 naar 1 gesprongen. De storing begon op 22 april, toen Voyager 2 bijna 14 miljard kilometer van de aarde verwijderd was. Van het ene moment op het andere lieten de wetenschappelijke gegevens die de ruimtesonde naar de aarde zond zich niet meer ontcijferen. Daarom werd drie weken geleden beschoten om Voyager 2 in 'spaarstand' te zetten. Inmiddels is de boordcomputer van de ruimtesonde gereset, en lijkt de ruimtesonde weer naar behoren te werken. Dat betekent dat er nu weer zinvolle gegevens over de randzone van ons zonnestelsel binnenkomen. Ook zustersonde Voyager 1, die nog iets verder de kosmische diepte in is gedoken, is nog in goede gezondheid.
Meer informatie:
NASA Revives Voyager 2 Probe at Solar System's Edge
Engineers Diagnosing Voyager 2 Data System
22 mei 2010
De Poolse sterrenkundige Nicolaus Copernicus is herbegraven in een tombe van de kathedraal van Frombork. De eervolle ceremonie stond in schril contrast met de kritische houding die de katholieke kerk eeuwenlang ten opzichte van hem innam. Copernicus leefde van 1473 tot 1543 en was in zijn tijd bepaald geen beroemd sterrenkundige. Dat kwam ongetwijfeld doordat zijn revolutionaire model van het zonnestelsel - dat niet langer de aarde, maar de zon als middelpunt had - pas in het jaar van zijn overlijden in druk verscheen. Hij kreeg een anoniem graf ergens onder de vloer van de kathedraal. In 2004 werd, na een lange zoektocht, alsnog de rustplaats van Copernicus gevonden. Uit een reconstructie van zijn gezicht en DNA-onderzoek bleek dat het inderdaad om de inmiddels zeer beroemd geworden geleerde ging. Hij is op dezelfde plek herbegraven, maar nu is het graf voorzien van een zwart-granieten steen die met een afbeelding van het zonnestelsel is versierd.
Meer informatie:
Astronomer Copernicus reburied as hero
17 mei 2010
Tijdens de Nederlandse Astronomen Conferentie te Cuijk (19-21 mei 2010) zal de Pastoor Schmeitsprijs voor Sterrenkunde worden uitgereikt aan prof. dr. Amina Helmi, verbonden aan het Kapteyn Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen, en aan dr. Joop Schaye, verbonden aan de Sterrewacht van de Universiteit Leiden. De prijs wordt eens in de drie jaar toegekend aan een Nederlandse astronoom, jonger dan 40, die in de voorafgaande drie jaar een wetenschappelijke bijdrage van uitzonderlijk belang heeft geleverd. Amina Helmi (1970), geboren in Argentinië met zowel de Argentijnse als de Nederlandse nationaliteit, houdt zich bezig met het ontstaan en de ontwikkeling van sterrenstelsels, met de nadruk op ons eigen Melkwegstelsel. Joop Schaye (1973), die zowel de Nederlandse als de Amerikaanse nationaliteit heeft, onderzoekt het ontstaan van sterrenstelsels en het intergalactische medium.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
17 mei 2010
De Willem de Graaffprijs 2010 is toegekend aan prof. dr. Vincent Icke, hoogleraar theoretische sterrenkunde aan de Universiteit Leiden en bijzonder hoogleraar kosmologie aan de Universiteit van Amsterdam. Deze prijs is primair bedoeld voor iemand die beroepsmatig werkzaam is in sterrenkunde en/of ruimte-onderzoek, en die daarnaast in bijzondere mate bijdraagt aan de popularisering van deze wetenschapsterreinen. De prijs ter grootte van 1500 euro wordt eenmaal in de drie jaar uitgereikt door Stichting 'De Koepel'. Naast zijn wetenschappelijk werk is Icke actief betrokken bij de wetenschapspopularisatie. Hij schrijft regelmatig in zowel dag-, week- en maandbladen en geeft ook publiekslezingen. Daarnaast verschenen van zijn hand diverse populair-wetenschappelijke boeken, zoals The Force of Symmetry, Krachten en recent De ruimte van Christiaan Huygens. Icke werkte mee aan tal van radio- en tv-programma's, waaronder HobbySkoop, TeleKids, De Vrolijke Wetenschap, Noorderlicht, NOVA, Teleac, Klokhuis, Jota!, de Nationale Wetenschapsquiz en De Wereld Draait Door. Hij is tevens beeldend kunstenaar en grafisch ontwerper.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
6 mei 2010
Er is een communicatieprobleem ontstaan met de ruimtesonde Voyager 2, die bezig is ons zonnestelsel te verlaten. Daarom heeft NASA de sonde de opdracht gegeven om voorlopig alleen korte statusberichten naar de aarde te zenden. De 33 jaar oude Voyager 2, die zich nu op een afstand van bijna 14 miljard kilometer bevindt, werkt volgens zijn eigen gegevens blijkbaar nog goed. Maar blijkbaar is er een eind april een probleem ontstaan in het systeem dat de door de sonde verzamelde wetenschappelijke gegevens voorbereidt voor verzending naar de aarde. Hierdoor laten de signalen die uiteindelijk hier aankomen zich niet meer decoderen. Het is nog onduidelijk of en hoe de storing verholpen kan worden. Gemakkelijk wordt dat hoe dan ook niet, want de commando's die van de aarde naar de Voyager 2 worden gezonden (en vice versa) doen er 13 uur over om de grote afstand te overbruggen.
Meer informatie:
Problem Detected with Voyager 2 Spacecraft at Edge of Solar System
6 mei 2010
Wetenschappers van het Max Planck Instituut voor Astrofysica in Garching (Duitsland) zijn er voor het eerst in geslaagd om een driedimensionaal computermodel te maken van een ontploffende zware ster. Het model volgt het verloop van de supernova-explosie van het prille begin tot enkele uren later (Astrophysical Journal, 10 mei 2010). Zware sterren eindigen hun bestaan met een explosie die ervoor zorgt dat de ster gedurende korte tijd evenveel energie uitzendt als een compleet stelsel van miljarden sterren. Al decennialang worden er computermodellen van deze extreme gebeurtenissen gemaakt, maar deze lieten om praktische redenen het verloop van de explosie slechts in één of twee dimensies zien. Maar nu is het dus gelukt om een compleet ruimtelijk model van een supernova te maken. Onderzoek laat zien dat de resultaten van het 3D-model duidelijk afwijken van die van de eerdere 'platte' modellen, die in feite maar een dunne uitsnede van de ontploffende ster nabootsten. Zo blijkt dat de reusachtige klonten metaalrijke materie die tijdens de explosie uit het diepe inwendige van de ster komen aanzienlijk grotere snelheden kunnen bereiken dan tot nog toe werd gedacht. Daarmee is het nieuwe model beter in overeenstemming met waarnemingen van echte supernova-explosies dan zijn voorgangers.
Meer informatie:
Wie Supernovae in Form kommen
Filmpje van het verloop van de explosie
27 april 2010
De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) heeft vier topwetenschappers, onder wie de Amsterdamse astronoom Michiel van der Klis, benoemd tot Akademiehoogleraar. De hoogleraren ontvangen elk een bedrag van één miljoen euro zodat zij zich volledig kunnen wijden aan innovatief onderzoek en de begeleiding van jonge onderzoekers. De benoeming geldt voor een periode van vijf jaar. Gedurende deze periode zijn Akademiehoogleraren door hun universiteit vrijgesteld van bestuurlijke verplichtingen. De universiteit herinvesteert minimaal devrijvallende salarislasten van de Akademiehoogleraar door jonge onderzoeksleiders te benoemen. Prof. Michiel van der Klis (UvA) is benoemd vanwege zijn revolutionaire onderzoek naar de röntgenstraling van dubbelsterren. Hij is een absolute wereldleider op het gebied van röntgenstraling van compacte objecten en heeft een intrigerend verband gelegd tussen zwarte gaten en neutronensterren - de twee meest extreme objecten in het heelal. Ook ontdekte hij met zijn groep de eerste röntgenster die vierhonderd maal per seconde om zijn as draait, een zogeheten millisecondepulsar.
Meer informatie:
KNAW benoemt Michiel van der Klis tot Akademiehoogleraar
9 april 2010
De Utrechtse astronome Selma de Mink is één van de 17 nieuwe postdocs binnen het prestigieuze Hubble Fellowship Programma. Met deze beurs gaat De Mink aan NASA's Space Telescope Science Institute (STScI) in Baltimore, VS, onderzoek doen aan de zwaarste sterren. De Mink promoveert maandag aan de Universiteit Utrecht op een proefschrift over dubbelsterren, getiteld 'Stellar evolution at low metallicity under the influence of binary interaction and rotation'. Hoewel zware sterren vrij zeldzaam zijn, hebben ze een enorme impact op hun omgeving. Ze worden soms beschreven als 'engines of the cosmos'. Met hun grote lichtkracht en temperatuur verhitten ze omringende gaswolken, waarin lichtere sterren en hun planeten nog aan het vormen zijn. Met hun sterke sterrenwinden en tijdens de explosie aan het eind van hun leven blazen ze de buitenlagen van zich af, waarbij ze het omringende gas verrijken met elementen als zuurstof en ijzer. Hubble fellowships gaan meestal naar observationeel onderzoek, maar De Mink gaat de samensmeltende zware sterren benaderen vanuit een theoretische kant. Huidige studies van samensmeltende sterren kijken meestal naar individuele gevallen. De Mink gaat kijken naar de effecten op grote schaal. 'Alleen op die manier kunnen we een grote stap maken in het begrijpen van zware sterren, en hun rol in de evolutie van het universum', aldus De Mink.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Het promotieonderzoek van Selma de Mink
Homepage Selma de Mink
1 april 2010
Ter gelegenheid van de twintigste verjaardag van de Hubble Space Telescope, die op 20 april 1990 werd gelanceerd, heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA een eigen fotoboek over de succesvolle ruimtetelescoop geproduceerd. Hubble - A Journey Through Space and Time is geschreven door Ed Weiler, een van de topmensen binnen NASA's wetenschapsprogramma, en uitgegeven door uitgeverij Abrams Books.
Meer informatie:
NASA Releases Stunning Hubble Telescope 20th Anniversary Book
Informatie over het boek op de website van de uitgever
Bestelpagina bij Amazon.com
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
30 maart 2010
Om zes minuten over één dinsdagmiddag zijn de eerste botsingen waargenomen tussen extreem energierijke deeltjes - sterk versnelde kernen van waterstofatomen - in de Large Hadron Collider (LHC), de grote nieuwe deeltjesversneller van het Europese onderzoekslaboratorium CERN bij Genève. Daarmee is, na aanvankelijke opstartproblemen, eindelijk het wetenschappelijk onderzoeksprogramma van de LHC van start gegaan. Nooit eerder zijn deeltjesbotsingen met zulke hoge energieën (7 tera-elektronvolt) gerealiseerd. Verschillende grote detectoren, waaronder het ATLAS-experiment waaraan Nederland een belangrijke bijdrage levert, zullen de komende weken, maanden en jaren enorme hoeveelheden meetgegevens opleveren, waaruit natuurkundigen informatie hopen te verkrijgen over de fundamentele aard van alle materie in het heelal. De hoop is dat de LHC-metingen ook nieuw licht werpen op het raadsel van de donkere materie, op het ontbreken van antimaterie in het heelal, en op de oorsprong van de massa van bekende deeltjes. Revolutionaire resultaten worden echter pas op z'n vroegst over enkele jaren verwacht.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Persbericht CERN (Engelstalig)
Dit nieuwsbericht is toegevoegd door Govert Schilling - allesoversterrenkunde.nl
16 maart 2010
De geboorte van de allerzwaarste sterren - sterren die tien tot honderd keer zo zwaar zijn als onze zon - stelt sterrenkundigen al decennialang voor een raadsel. Sterren ontstaan als een grote gaswolk in de ruimte onder zijn eigen gewicht samentrekt. Zodra de dichtheid en temperatuur in het centrum van de gaswolk hoog genoeg zijn, begint waterstof tot helium te fuseren, en gaat de ster stralen. De zwaarste sterren ontbranden echter al terwijl de gaswolk nog aan het samentrekken is. De intense ultraviolette straling die daarbij vrijkomt zou het omringende gas moeten wegblazen, waardoor de verdere aangroei van de ster wordt voorkomen. Maar dat laatste gebeurt klaarblijkelijk niet. Computersimulaties door Duitse, Amerikaanse en Mexicaanse wetenschappers geven daar een verklaring voor. In de gaswolk waarin een zware ster geboren wordt, ontstaan onder invloed van de zwaartekracht draderige structuren waar de gasdichtheid hoger is dan elders. Steeds als de ster door zo'n filament heen trekt, schermt deze het gas in de omgeving af tegen de intense straling van de ster-in-wording. En daardoor kan de groei van de ster nog doorgaan terwijl hij al ontvlamd is.
Meer informatie:
Simulations solve a 20-year-old riddle about why nebulae around masssive stars don't disappear
28 februari 2010
De zeer zware aardbeving die in de nacht van 26 op zaterdag 27 februari plaatsvond in Chili heeft geen grote gevolgen gehad voor de verschillende locaties van de Europese Zuidelijke Sterrenwacht. Wel viel op de locatie La Silla de stroom uit, waardoor de waarnemingen moesten worden afgebroken. De berg Paranal, waar de Very Large Telescope staat, en de Chajnantor-hoogvlakte, waar de ALMA-radiotelescoop verrijst, ondervonden helemaal geen hinder. Voor wie de kaart van Chili een beetje kent, zal dit niet als een verrassing komen. La Silla ligt ruwweg duizend kilometer ten noorden van het epicentrum van de aardbeving, en Paranal en Chajnantor nog aanzienlijk noordelijker. De aardbeving in Chili was de op zes na zwaarste aardbeving die ooit is geregistreerd.
Meer informatie:
No Damage to ESO Observatories
19 februari 2010
Met First Light presenteert fotografiemuseum Huis Marseille in Amsterdam voor het eerst een grote tentoonstelling over fotografie en astronomie, waarin bijzondere historische foto's worden gecombineerd met de meest spectaculaire beelden van bekende telescopen op aarde en in de ruimte. In samenwerking met de Stichting Academisch Erfgoed (SAE) en de Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie (NOVA) heeft Huis Marseille de afgelopen jaren een inventarisatie gemaakt van het fotografisch astronomisch erfgoed in Nederlandse universitaire en museale collecties. Hierin zijn vrijwel alle internationale topstukken op dit gebied terug te vinden. Deze indrukwekkende en soms ontroerende foto's zijn tegenwoordig alleen nog bekend bij een handjevol liefhebbers. Toch is hun invloed op de wetenschappelijke ontwikkeling en promotie van het vak niet te onderschatten. De indeling van de tentoonstelling volgt de structuur van het heelal. Te beginnen dichtbij, met foto's van de zon en de maan, om vervolgens via ons zonnestelsel, de Melkweg en andere sterrenstelsels ver weg te eindigen met kosmologie en de beelden die dichtbij de oerknal liggen. Op deze manier maakt de bezoeker niet alleen losjes een reis door de geschiedenis van de fotografie van verleden naar heden (want de eerste foto's werden van de maan en de zon gemaakt), maar ook in tegenovergestelde richting door de tijd (want hoe verder weg hoe langer geleden). Daardoor wordt de relatie tussen ruimte en tijd eveneens visueel inzichtelijk gemaakt.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
Website van Huis Marseille
17 februari 2010
Experimenten in vliegtuigen en raketten hadden al aangetoond dat de zwaartekracht klokken langzamer doet tikken - precies zoals de algemene relativiteitstheorie van Einstein dat voorspelt. Een nieuw experiment met een atoominterferometer van de universiteit van Californië in Berkeley heeft dit nog eens bevestigd, en wel met een nauwkeurigheid die 10.000 keer zo groot is als bij eerdere tests (Nature, 18 januari). Bij het experiment is gebruik gemaakt van een kwantummechanisch principe, namelijk dat atomen gelijktijdig eigenschappen van zowel deeltjes als golven vertonen. De cesiumatomen die bij het experiment zijn gebruikt, kunnen worden voorgesteld als golven die 30 miljoen miljard miljard keer per seconde op- en neergaan (oscilleren). Als zo'n atoom/golfpakketje met een flits laserlicht wordt bestookt, zijn er twee mogelijkheden. In het ene geval wordt het atoom een tiende millimeter omhoog geduwd, waardoor het een heel klein beetje minder aantrekkingskracht van de aarde ondervindt. In het andere geval blijft het op zijn plek, dichter bij de aarde dus, waar de tijd een heel klein beetje minder snel verstrijkt. De Californische onderzoekers hebben gemeten wat dit kleine verschil betekent voor de oscillaties van de cesiumatomen. En het resultaat komt tot op ongeveer acht plaatsen achter de komma overeen met de voorspelling van Einsteins theorie.
Meer informatie:
Most precise test yet of Einstein's gravitational redshift
12 februari 2010
De Nederlandse Onderzoekschool voor Astronomie gaat dit jaar met een reizend planetarium haar activiteiten in het voortgezet onderwijs uitbreiden. Het planetarium is een onderdeel van NOVA-lab, een serie sterrenkunde-practicum-boekjes voor zowel de onder- als bovenbouw van het HAVO/VWO, die in de loop van 2010 verschijnt. Het Kapteyn Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen heeft eenzelfde planetarium aangeschaft. De RuG gaat de drie noordelijke provincies 'bedienen'. Het planetarium bestaat uit een opblaasbare koepel met een hoogte van 3,5 meter en een doorsnede van 6 meter. Er wordt gebruik gemaakt van digitale planetarium-software, waarmee tijdens live-shows de sterrenhemel 'full dome' in HD-kwaliteit op de koepel kan worden geprojecteerd. Er kan worden ingezoomd op bijzondere objecten in het heelal, zoals planeten uit het zonnestelsel en exotische bronnen als supernova's en zwarte gaten. Doordat de projectie over de gehele koepel plaatsvindt, krijgen de bezoekers het idee zelf door het heelal te reizen. Daarnaast worden speciale documentaires en films gedraaid. Een aantal is door NOVA aangepast voor de Nederlandse markt.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Nederlandstalig)
2 februari 2010
De regering van de VS heeft een streep gezet door de bestaande plannen voor de vervanging van de spaceshuttle en de terugkeer van de mens naar de maan. Hoewel deze beslissing nog door de Amerikaanse volksvertegenwoordiging moet worden goedgekeurd, lijkt daarmee een einde te zijn gekomen aan het zogeheten Constellation-programma. De belangrijkste elementen van dat programma waren de nieuwe ruimtecapsule Orion, de draagraketten Ares 1 en 5 en de maanlander Altair. In het licht van het 1,26 biljoen dollar grote begrotingstekort dat voor 2011 wordt verwacht, acht president Obama het ongepast om door te gaan met de peperdure plannen voor bemande vluchten naar de maan, om nog maar te zwijgen van Mars. Afgaande op de reactie van NASA-topman Charlie Bolden krijg je niet de indruk dat het Amerikaanse ruimteagentschap erg rouwig is over deze beslissing. De ambitieuze maanplannen van de regering Bush legden een zware druk op alle overige NASA-activiteiten, en de ontwikkeling van de Ares-raketten verliep - op z'n zachtst gezegd - toch al niet vlekkeloos. Bolden omschrijft de opgelegde koersverandering dan ook slechts als een 'grote uitdaging'. In de nieuwe Amerikaanse ruimteplannen is een belangrijke rol weggelegd voor aardgericht ruimteonderzoek en het internationale ruimtestation ISS, dat minimaal tot 2020 in bedrijf moet worden gehouden. Omdat nog dit jaar de laatste vlucht met een spaceshuttle plaatsvindt, betekent dit dat NASA bij het transport van mensen en goederen naar het ruimtestation voorlopig afhankelijk zal zijn van anderen. Aanvankelijk zullen dat vooral Russische Sojoez-capsules zijn, maar daarnaast zullen in samenwerking met commerciële partijen nieuwe transportmiddelen worden ontwikkeld, die de kosten van de bevoorrading en uitbreiding van het ISS moeten drukken. Het geld dat vrijkomt door het schrappen van de maanplannen zal deels worden gebruikt om het Amerikaanse ruimtevaartprogramma drastisch de moderniseren. Zo zal onder meer onderzocht worden hoe de planeet Mars sneller bereikt kan worden, en of er ook minder kostbare bemande vluchten naar de maan, planetoïden en Mars mogelijk zijn. Daarbij zal nadrukkelijk naar internationale samenwerking en financiering worden gestreefd.
Meer informatie:
A New Era of Innovation and Discovery
28 januari 2010
Op 26 januari is in Californië de markante Britse sterrenkundige Geoffrey Burbidge overleden. Burbidge, die veel samenwerkte met zijn vrouw Margaret, heeft cruciale bijdragen geleverd aan het onderzoek naar de vorming van zware chemische elementen in sterren. Maar de laatste decennia maakte hij vooral naam met zijn bijzondere denkbeelden over zogeheten actieve sterrenstelsels en de evolutie van het heelal. Samen met collega Fred Hoyle en anderen hing hij de zogeheten steady state-theorie aan, die zegt dat het heelal niet uitdijt, maar stationair is. Volgens Burbidge zijn quasars veel minder ver van ons verwijderd dan de meeste sterrenkundigen denken. Het zouden niet de extreem heldere kernen zijn van verre sterrenstelsels die zich - ten gevolge van de uitdijing van het heelal - met grote snelheid van ons verwijderen, maar objecten bestaande uit nieuwe materie, die door betrekkelijk nabije sterrenstelsels zijn uitgestoten. Deze laatste theorie heeft nooit veel aanhang gekregen. Maar Burbidge wordt alom geroemd als een bekwaam waarnemer en theoreticus.
Meer informatie:
Renowned UC San Diego Astrophysicist and Astronomer Dies at 84
21 januari 2010
De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en de Chinese Academy of Science (CAS) ondertekenden op 20 januari 2010 een overeenkomst om hun samenwerking op het gebied van de astronomie verder uit te breiden. Dit zorgt voor een nauwere band tussen een van de grootste sterrenwachten van China, de Shanghai Astronomical Observatory (ShAO), en het JIVE-instituut in Dwingeloo, dat data van radiotelescopen wereldwijd combineert tot één grote virtuele telescoop. Veel stafleden van ShAO, waaronder ook de huidige directeur, professor Xiaoyu Hong, volgden al eerder een training bij JIVE. Gezamenlijk gaan ze werken aan de verdere ontwikkeling van correlatoren: supercomputers die rekenkracht leveren om data van verschillende radiotelescopen te combineren en analyseren. Deze techniek, een van de specialiteiten van de Chinese wetenschappers, levert beelden met een hoge resolutie en groter bereik, waarmee astronomen de hemel beter in kaart kunnen brengen.
Meer informatie:
Origineel persbericht (Engelstalig)
Website Shanghai Observatory
7 januari 2010
Sterrenkundigen van het Max Planck Instituut voor Astrofysica in Garching (Duitsland) hebben aangetoond dat er meer dan één manier is om een supernova-explosie van type Ia te verkrijgen. Ook botsingen tussen twee witte dwergsterren van ruwweg gelijke massa blijken dit soort ontploffingen te kunnen veroorzaken (Nature, 7 januari). Doorgaans wordt gesteld dat supernovae van type Ia ontstaan als een witte dwergster een kritieke hoeveelheid materie van een begeleidende normale ster heeft opgeslokt. Maar sommige onderzoekers twijfelen aan dit standaardscenario en zijn op zoek naar alternatieve verklaringen. Eén daarvan is de botsing tussen twee om elkaar draaiende witte dwergsterren die elkaar steeds dichter zijn genaderd. Computersimulaties van zo'n botsing gaven tot nog toe echter niet het gewenste resultaat te zien. Uit de nieuwe Duitse computersimulatie is nu gebleken dat er wél een supernova-explosie optreedt als beide witte dwergen ongeveer even zwaar zijn. Volgens de onderzoekers is het echter niet waarschijnlijk dat dit alternatieve scenario álle supernovae van type Ia kan verklaren.
Meer informatie:
Violent explosions in space
4 januari 2010
Met ingang van 4 januari is John Grunsfeld adjunct-directeur van het Space Telescope Science Institute (STScI) in Baltimore. Het STScI is het instituut dat de wetenschappelijke activiteiten rondom de Hubble-ruimtetelescoop en de toekomstige James Webb-ruimtetelescoop regelt. Grunsfeld heeft in zijn carrière als astronaut vijf ruimtevluchten gemaakt, waaronder drie onderhoudsmissies naar de Hubble-ruimtetelescoop (in 1999, 2002 en 2009). Hij is alles bij elkaar 835 uur in de ruimte geweest.
Meer informatie:
Astronaut John Grunsfeld Appointed STSCI Deputy Director